ZilverkruidDryas suendermannii

De mythe van zilverkruid

De naam Dryas, hier de Dryas suendermannii, is afkomstig uit de Griekse mythologie. Hij werd door zijn tot waanzin gedreven vader aangezien voor een klimop en in mootjes gehakt. Omdat deze plant niet lijkt op een klimop maar eerder op een anemoon of aardbeienplantje, is dit niet de verklaring van de Latijnse geslachtsnaam. Deze volgt uit de naam ‘Jonge Dryas’, een periode ongeveer tienduizend jaar voor Christus waarin een klimaatsverandering optrad. In deze periode werd het klimaat een stuk kouder waardoor waarbij bossen in Scandinavië verdwenen en werden vervangen door toendra. Dit is de natuurlijke habitat van deze plant, die alleen in koude gebieden en gebergten voorkomt.

Is zilverkruid een geschikte bodembedekker?

Het plantje wordt slechts 10 tot 15 centimeter hoog en wordt veel toegepast als bodembedekker of tussen verhardingen of in een rotstuin. Het blad is in de zomer groen en ’s winters bruin. De bloemetjes zijn attractief. Er is een geel hartje met acht witte blaadjes. Een van de Nederlandse namen, achtster, is hiervan afgeleid. Echter, de opvallende grijze zaadpluimen die in de herfst verschijnen zijn de reden van de meest gebruikelijk naam zilverkruid. De soort suendermannii is door de Duitse kwekerij Sündermann in 1910 uit kruisingen ontwikkeld. Deze soort is sterker dan de andere soorten.

Wat voor grond heeft de Dryas suendermannii nodig?

Zilverkruid groeit het best in humusrijke rijke grond die niet te veel water vasthoudt. Dit is een onderhoudsarm plantje. U kunt in de herfst bladaarde tussen de planten strooien.

Meer artikelen lezen? Neem dan eens een kijkje op de website. Daarnaast kan je via onze tuinblog op de hoogte blijven van het laatste tuinnieuws.

reageren

Alle velden met een * zijn verplicht