Dwergcipres

De dwergcipres Chamaecyparis lawsoniana ‘Lane’ heeft een piramidale vorm en goudgele schubjes. Hij is geen snelle groeier en bereikt een hoogte van 5 meter in tien jaar. Lawson’s dwergcipres, zoals deze ook wel wordt genoemd, is een bekende soort waarvan de diverse cultivars voor verschillende doeleinden worden gebruikt. Hij is beslist niet dwergachtig, maar heeft een grote, tamelijk smalle zuilvorm. Op hogere leeftijd wordt de stam van onder kaal. De blaadjes zijn schubvormig en liggen dicht tegen de twijgjes aan. De kegels, ‘dennenappeltjes’, zijn klein, slechts acht millimeter in doorsnee, kogelvormig en bruin.

Soorten dwergcipressen

De zeer populaire wintergroene dwergcipressen hebben als herkomstgebieden Noord-Amerika, China, Japan en Taiwan. De naam dwergcipres doet anders vermoeden, maar de oorspronkelijke soorten worden gewoonlijk nogal groot. Er zijn echter veel kweekvormen, waarvan sommige echte dwergen zijn, zelfs geschikt voor rots- en tegeltuinen. Behalve in hoogte en vorm zijn ook veel variaties in kleur beschikbaar. Het loof van de dwergcipres is alleen bij de jeugdvormen (die soms worden doorgekweekt) naaldvormig, bij volwassen vormen worden het schubben. De vrouwelijke bloemen vallen nauwelijks op. De rode of gele mannelijke bloeikegels met de grootte van een erwt zijn wel duidelijk zichtbaar in de bloeiperiode (maart-april).

Wat voor een bodem heeft de Chamaecyparis lawsoniana ‘Lane’ nodig?

Chamaecyparis lawsoniana ‘Lane’ groeit het beste op goed waterdoorlatende en voedzame bodem, schrale grond mag hij minder. Aangezien hij ook van nature een boom is die langs de kusten groeit, houdt hij van een goede luchtvochtigheid. Chamaecyparis lawsoniana-cultivars zijn niet dol op kalk en het zijn dus niet bepaald bomen voor op de klei. Zandgrond of lichte leemgrond, goed gedraineerd en aan de zure kant, is prima. Natuurlijk mag op arme grond de bemesting niet achterwege blijven (geen beendermeel geven).

Hoe kan ik de Chamaecyparis lawsoniana ‘Lane’ snoeien?

Om een dichte en compacte kegelvorm te bewaren, kan deze conifeer zonodig in juli of uiterlijk augustus in de juiste vorm geschoren of geknipt te worden. Wanneer er planten voor het vormen van een coniferenhaag worden gebruikt, zorg dan dat de haag niet te breed wordt. Pas op: wanneer er in ouder hout wordt geknipt of gesnoeid, zal dit niet meer uitlopen.

Plagen en ziekten bij dwergcipressen

Soms komen problemen voor met bladluizen, schildluizen en spint (sparrenspintmijt). Deze laatste veroorzaakt lelijke verkleuring en kan worden bestreden met insecticiden gebaseerd op tebufenpyrad.

snk5sw18i1cu_w2400.jpg

Kenmerken:

Benaming

Naam

groenblijvend

Latijns

Chamaecyparis 'Lane'

Cult

'Lane'

Familie

dwergcipres

Familie latijns

lawsoniana

Onderhoud

Verzorging

Geen speciale verzorging nodig.

Snoeien

Aan het einde van de zomer vormsnoei.

Bemesting

Op arme grond bemesten met organische mest.

Winterhard

goed

Bodem

iets zure zandgrond

Vochtigheid

gemiddeld; in niet te droge grond

Licht

Type

Zon

Beschrijving

zonnige standplaats

Hoogte

Minimaal

500

Maximaal

500

Beschrijving

5 meter na 10 jaar

Kleuren

Kleurbeschrijving

niet van toepassing

Overige

Groenblijvend

groenblijvend