Dit heb je nodig voor 10 personen
Bakvorm 24 cm
195 g bloem
165 g witte basterdsuiker
mespunt zout
140 g koude boter
125 g suiker
125 ml slagroom
100 g gepelde walnoten
1 ei
bloem om te bestuiven
Zo maak je de walnotentaart
- 1.
Zeef de bloem boven een kom en meng met basterdsuiker en een mespunt zout.
- 2.
Snijd de boter in plakken, leg op het bloemmengsel, snijd met twee messen in blokjes en kneed tot een samenhangende deegbal. Laat het deeg in een afgedekte kom 30 minuten in de koelkast rusten. Verwarm intussen de oven voor op 160 graden.
- 3.
Laat de suiker in een pan met dikke bodem behoedzaam karamelliseren. Blijf roeren met een houten pollepel en blus af met 1 eetlepel heet water. Schenk de slagroom bij de karamel en laat zachtjes koken tot alle suiker is opgelost. Voeg de walnoten toe en laat even meekoken. Neem dan de pan van het vuur.
- 4.
Bestuif het aanrecht met bloem. Verdeel het deeg in twee stukken en rol beide deeglappen uit tot een ronde plak van 24 cm doorsnede. Vet de springvorm in en leg één deeglap op de bodem. Strijk de vulling erover uit en dek af met de tweede deeglap. Druk de randen aan.
- 5.
Klop het ei los met een eetlepel water en bestrijk daar de bovenkant van het deeg mee.
- 6.
Bak de taart in het midden van de oven voor circa 45 minuten.
/2656a29cb9fe4e21ac38de9f2ffc86b1/image.png)
/a464941b3e384298883e83a90776cf0f/image.jpg)
/b74670a3f45e416bbb2ab073ea121f29/image.jpg)
/911a10e2082d4f168ca22e3e0de6498c/image.jpg)
/7639249a72474e9cba1e546330f42993/image.jpg)
/d248b985f625420aa0a4ec9930f150e5/image.jpg)