Even voorstellen
WIE Preta (kunstenaar) en Thijs Wolzak (fotograaf)
WAT Een voormalige fabriek op het Hembrugterrein in Zaandam. Voor het ontwerp werkte het koppel samen met architect Mark de Jong.
ONLINE @pretawolzak
Als we bij kunstenaar Preta Wolzak binnenlopen, opent zich achter een accoyahouten voorgevel - geplaatst achter de gevel uit 1916 - een ruimte van achtenhalve meter hoog. Na een pittige renovatie woont ze hier met haar man, fotograaf Thijs Wolzak. Het pand is een rijksmonument: een voormalige granaatfabriek van 320 m² die verduurzaamd is met een warmtepomp en zonnepanelen. De status van het pand zorgde voor enig oponthoud. ‘We zijn zeven jaar met de renovatie bezig geweest; was de Rijksdienst Cultureel Erfgoed eindelijk akkoord, bleken er vleermuizen te wonen’, vertelt Preta. Inmiddels voelen ze zich hier volledig thuis.
“Het huis is nu opgesplitst in twee delen, gescheiden door de tuin: mijn deel en dat van Thijs”
Hoogvlieger
De hoogte van de ruimte valt direct op bij binnenkomst. De basis van het huis is voornamelijk net-niet-wit. Voor wie bekend is metPreta’s kleurrijke werk, is dat misschien verrassend. Toch zit daar een duidelijke gedachte achter. Preta: ‘Ik houd van een neutrale omgeving, omdat ik daardoor beter met kleur kan werken.’ Die neutraliteit komt onder meer terug in de vloer: gevlinderd beton, vermengd met carrara-zand voor extra helderheid. Ook de lichte gordijnen die de keuken van de werkruimte kunnen scheiden dragen bij aan de neutrale basis. ‘Als er heftig zonlicht binnenvalt, precies op mijn werktafel, dan wil ik dat kunnen filteren. Ze zijn gemaakt van materiaal dat normaal voor bruids-jurken wordt gebruikt en ze zijn bezet met pailletten in verschillende formaten, waardoor ze een schittering geven die doet denken aan sneeuw in Antarctica.’
“Ik slaap in een skybox die boven de keuken zweeft, waar weer een soort ‘box’ inzit als garderobekast voor mijn jurken”
Poolvrienden
De polen vormen een rode draad in het werk en interieur van Preta. In de woon-kamer wijst ze op haar werk Polar Friends boven de grote witte bank. ‘Mijn werk vloeit vaak voort uit het verdriet dat ik voel over de wereld, bijvoorbeeld over hoe er met de polen wordt omgegaan. Grondstofwinning, toeristenmassa’s; we weten allemaal dat het niet goed is. Dit werk ziet er vrolijk en kleurrijk uit, maar er ligt iets diepers aan ten grondslag.’ Op Preta’s laboratoriumkast staat een werk waar ze nog mee bezig is, over poolreiziger Ernest Shackleton, een van haar helden. ‘Hij overleefde met zijn bemanning bijna twee jaar op het ijs nadat zijn schip was vergaan, onder meer door ze te laten toneelspelen om de moed erin te houden.’
Samen, apart
Wat betreft haar partner Thijs: die heeft op het moment van schrijven zijn eigen zijde van het huis. ‘Eerst dachten we: we willen niet op dezelfde plek werken, dus kregen we allebei een eigen werkruimte, een keuken en een badkamer. Maar misschien gooien we het toch weer om’, vertelt Preta. Nu vormt de tuin het hart van het huis, die de twee leef- en werkruimtes van het koppel van elkaar scheidt. ‘Die tuin was ooit het ‘plofgedeelte’ van de granaatfabriek, waar een golfplaten dak op zat dat eraf kon, mocht er iets ontploffen. Dat dak is inmiddels verwijderd, maar de oorspronkelijke houten spanten zijn gebleven.’ Via grote raampartijen valt vanuit de tuin veel daglicht naar binnen. Preta noemt de inbouw aan haar kant van het huis, afgewerkt met underlayment - een materiaal dat het stel heeft uitgekozen vanwege het patroon zonder knoesten - haar station. Haar keuken en badkamer zitten erin verwerkt. Daarbovenop staat een skybox waarin ze slaapt. In die zwevende slaapkamer staat dan weer een houten object: een hangkast voor haar jurken. En op de servieskast staat een opvallend geel legobeeld. ‘Ik houd gewoon van stapelingen’, verklaart ze.
“Ik was even bang dat ik die knetterroze douche zat zou worden, maar tot nu toe niet”
Neonroze
In de badkamer komt voor het eerst een kleuraccent terug, los van de kunst. Het douchescherm is knetterneonroze. ‘Ik was bang dat ik er snel genoeg van zou krijgen, maar tot nu toe niet’, lacht Preta. Het roze licht reflecteert op de houten omgeving, waardoor ook die kleur krijgt. De badkuip van Kambala-hout komt uit Duitsland. ‘Het is de perfecte kuip; je kunt er tot je gezicht aan toe in, en het water blijft lang warm.’
Beestenboel
In huis is er altijd veel levendigheid. Het koppel is druk in de weer met hun werk, er is volop ruimte om te koken en er staan steevast verse veldbloemen. Sinds kort is er ook nieuw gezelschap: een haan van de buren maakt Preta ’s ochtends om half vijf wakker. ‘Leuk ding,’ zegt ze er zelf over. Ook de ‘leasekatten’ Oedi en Beer van de buren, twee Siamezen, weten inmiddels de weg te vinden; die rennen graag door het huis. Het is een woon- en werkplek die, net als de kunstenaar zelf, veel karakter heeft en altijd een nieuw verhaal vertelt.