Hoeve in landelijk eclectische stijl

Met een flinke dosis fantasie en handigheid kom je al een heel eind. Frank Coenegrachts bezit de beide. Hij ziet de mogelijkheden van een ruimte en daarnaast deinst hij er niet voor terug om de handen uit de mouwen te steken.

Aantrekkelijke gevel

Na enkele omzwervingen keerde Frank een achttal jaren geleden terug naar zijn roots, in het Belgisch-Limburgse Gors-Opleeuw. “Ik ben afkomstig uit deze streek en werd hier terug naartoe getrokken. Toen ik op zoek ging naar een woonst, vond ik deze langgevelhoeve meteen mooi. Vooral de buitenkant trok me aan. De mix van baksteen, vakwerk en leem is erg charmant. Buiten hoefde er eigenlijk niet zoveel te veranderen. Ik besloot om de gevel te kaleien en er moest ook een groot raam aan de tuinzijde komen.”

Onpraktische kamertjes

Binnen moest er daarentegen meer gedaan worden. “Alle kamers bevonden zich op de benedenverdieping, zoals dat vroeger de gewoonte was. Ik besloot om de slaapkamers en de badkamer naar boven te brengen. Ooit was er al een renovatie gebeurd, maar die stelde niet veel voor. De hoeve bestond uit verschillende kleine kamers, heel onpraktisch. Daar besloten we grotere ruimtes van te maken. Er waren ook nieuwe leidingen nodig en er moest een extra trap geïnstalleerd worden.”

Inventieve ingrepen

Frank probeerde om toch een aantal authentieke zaken te behouden. “Her en der zijn er oude balken tevoorschijn gekomen, zeker op de eerste verdieping valt het eikenhouten gebinte op. In de eetkamer behielden we de oorspronkelijke vloertegels. De veranda was er al, maar zag er gedateerd uit. We legden er een nieuwe vloer in en besloten om het donkere hout te zandstralen. Omdat we de look van het hout zo mooi vonden, vervingen we de bestaande marmeren vensterbanken door eiken exemplaren. Ik probeerde om met zo weinig mogelijk extra middelen de zaken die er waren, te verfraaien. Zo kwamen we tot een mooi geheel, door eigenlijk allemaal haalbare ingrepen. We hebben het allemaal zorgvuldig uitgekiend. Soms komt het er ook op aan om wat inventief te zijn. Zo is het blad van de salontafel eigenlijk een oude bekistingsplaat voor beton. De antieke cementtegels van de keuken kocht ik voor een prikje, ik moest ze wel eerst nog grondig schoonmaken.”

Gepassioneerd kunstschilder

Soms kan een likje verf al voldoende zijn om een kamer een totaal andere uitstraling te geven. “Op alle muren gebruikte ik kalkverf, dat geeft wat karakter. De grote servieskast was eigenlijk donkerbruin, maar ik besloot om ze turquoise te verven. Ik hou wel van die typische diepe oosterse kleuren, maar enkel voor een accent, ik wil er zeker niet mee overdrijven. De bedoeling was net om het palet sober te houden, zo komen mijn schilderijen mooi tot hun recht, want ik ben een gepassioneerd kunstschilder. Door de neutrale basis van het interieur kan ik af en toe wisselen, wanneer ik weer een nieuw werk heb gemaakt.”

Landelijk eclectisch

Vooraleer hij met schilderen begon, werkte Frank in de interieurbranche. “Ik heb nog een aantal zaken uit die periode, zoals antieke schilderijen en mahoniehouten commodes die ik uit Engeland haalde. Dat was toen volop de trend. Ik gaf ze hier opnieuw een plekje en vulde de Engelse stukken aan met andere objecten. Vaak vond ik die accessoires op de antiekmarkt in Tongeren, hier vlakbij. Het resultaat is een allegaartje, maar voor mij moet een interieur er niet te afgeborsteld uit zien. Ik hou veeleer van een woning die leefbaar is en gevoelsmatig is ingericht, en dat mag zelfs wat nonchalant zijn. Wanneer je de stijl te veel gaat uitpuren, gaat er soms ook veel verloren. Ik hou meer van een mix, zelf omschrijf ik het als ‘landelijk eclectisch’.”

Bron: WONEN Landelijke Stijl editie 02-2016 | Foto’s Bieke Claessens | Tekst Marie Masureel

Vorige artikel Volgende artikel

reageren

Alle velden met een * zijn verplicht

Shop suggesties

Inspiratie suggesties