Praktisch vtwonen
De lijst met alle klussen voor je huis. Waar moet je op letten als je een nieuwe bank koopt? Hoe breng je tadelakt aan op de muur? En wat is domotica? Nuttige informatie over producten, trends en technieken.
- Audio & TV
- Badkamer & Sanitair
- Decoratie & Raam
- Huis (ver)kopen
- Keuken
- Licht & Elektra
- Onderhoud
- Slaapkamer
- Tuin & Buiten
- Verwarming & Energie
- Wanden & Vloeren
- Werkkamer
- Woonkamer
Muziek luisteren
Muziek in je woonkamer
Hoe en wat zijn de opties, mogelijkheden en verschillen?
Er is veel mogelijk en daardoor kan de keuze voor een systeem steeds lastiger worden. Waar let je op? Luister je muziek via een mp3-speler, een radio, met versterker, cd-speler of alleen maar via je computer. Allemaal apparaten die geluid kunnen afspelen. Maar welke gebruik je dan in de woonkamer? Wat is nu handig? En niet onbelangrijk: welk geluid is het beste?
Muziek via je computer
Veel mensen downloaden al muziek via de computer. Dus kan het wel zo handig zijn wanneer je deze bestanden meteen goed kunt afluisteren en niet weer eerst een cd hoeft te branden.
Je kunt muziek of radio rechtstreeks via je computer luisteren. Alle radiozenders zijn online en bovendien zijn er meer om uit te kiezen. Muziek afluisteren doe je met de zogenaamde mediaplayers als Windows mediaplayer of iTunes.
Je hebt dan wel een goede geluidskaart nodig in je computer én goede boxen en een stevige subwoofer. Een subwoofer is een luidsprekerkast die zorgt voor de ‘lage’ tonen. Met de (kleine) boxen alleen ben je er niet, het laag kan alleen voortkomen uit kasten van formaat. Hoe groter, hoe lager.
Nadeel van muziek via je computer was dat deze in de kamer moest staan waar je de muziek wilt luisteren én dat deze altijd aan moest staan. Gelukkig is daar een oplossing voor gevonden: een draadloos netwerk, bluetooth PC-audio systeem.
Muziek van je PC luisteren via je vaste audio-set of HDTV
Met een draadloos of bluetooth PC-audio systeem kun je je PC elders in het huis hebben staan en toch in je woonkamer lekker naar muziek van je PC luisteren. Met zo’n draadloos systeem kunnen de apparaten met elkaar communiceren en kan je muziek van de een naar de ander gestuurd worden. Informeer hiernaar bij je plaatselijke computerwinkel. Zij kunnen je er alles over vertellen.
Ga je nog een stapje verder dan koop je een apparaat dat ervoor zorgt dat niet alleen muziek, maar alle digitale bestanden zoals ook films en video’s op het thuisnetwerk via een HD-televisie afgespeeld kunnen worden. Je kunt dan lekker vanuit je luie stoel Youtube filmpjes, videoclips, gedownloade muziek of films zien en horen!
Een apparaat dat dit kan is bijvoorbeeld de Netgear EVA8000. Ook Apple heeft zo’n apparaat ontwikkeld: Apple TV. Maar er zijn meer ‘externe harde schijven’ die deze mogelijkheden bezitten.
Tip
Voordat je audio-apparatuur koopt, check enkele vergelijksingssites zoals Kieskeurig.nl. Gebruikerservaringen kunnen je veel vertellen over een product.
Aparte hifi-set voor je mp3 speler
Je kunt ook kiezen voor een aanvullende hifi-set voor je mp3-speler. Klein en compact, makkelijk te besturen, zoals de Cubite. Je zet hem in de woonkamer, of lekker in de tuin in de zomer, plugt de mp3-speler erin en je kunt lekker luisteren.
De kwaliteit van het geluid van de verschillende sets verschilt echter enorm. Het geluid uit een een hifi-set voor je mp3-speler kan meestal niet het geluid uit een grotere audioset met versterker en (grotere) boxen evenaren. Daarnaast zijn dit soort hifi-sets vaak voorzien van kleine boxen (of zelfs maar 1 box) en een erg kleine of zelfs helemaal geen subwoofer. Dat betekent weinig lage tonen.
DAB radio > digitale radio luisteren
Een radio als los apparaat geeft altijd een ouderwets gezellig gevoel. Daarom zijn er ook weer meer leuke radio’s verkrijgbaar die digitaal zijn, en dus alle zenders kunnen ontvangen inclusief alle internetzenders. De afkorting DAB staat dan ook voor digital audio broadcasting. Het merk Tivoli heeft bijvoorbeeld mooie exemplaren.
Bron: Moviq
Televisie aanschaffen
In steeds meer huiskamers springt een grote breedbeeldtelevisie direct in het oog. Soms heb je het gevoel dat je niet meer achter kunt blijven met je ouwe trouwe beeldbuis. Maar voor wat voor soort tv moet je gaan? Gelukkig zijn de moderne televisies lang niet meer zo duur.
Kijkafstand
Het eerste waar je rekening mee moet houden bij de aanschaf van een nieuwe televisie is de grootte van het beeld. Dat hangt samen met de kijkafstand in de huiskamer.
| Diagonale schermgrootte | Minimale kijkafstand | Maximale kijkafstand |
| 26 inch = 66 cm | 1 meter | 2 meter |
| 30 inch = 76 cm | 1,30 meter | 2,40 meter |
| 34 inch = 86 cm | 1,60 meter | 2,80 meter |
| 42 inch = 106 cm | 1,90 meter | 3,20 meter |
| 47 inch = 120 cm | 2,20 meter | 3,60 meter |
| 50 inch = 127 cm | 2,50 meter | 4,00 meter |
| 55 inch = 140 cm | 2,80 meter | 4,40 meter |
| 60 inch = 152 cm | 3,10 meter | 4,80 meter |
| 65 inch = 165 cm | 3,40 meter | 5,20 meter |
Plasma
De techniek achter een plasmascherm is te vergelijken met een TL-buis. De tv bestaat eigenlijk uit twee platen met daartussen een half miljoen tot een miljoen mini TL-buisjes. De buisjes zijn rood, groen of blauw van kleur. Deze maken het mogelijk 16,7 miljoen verschillende kleuren te genereren. Tot voor kort gebruikten plasmaschermen veel energie, maar dit is niet meer zo.
LCD
LCD-schermen bestaan uit een TFT (Thin Film Transistor) scherm. Dat is een matrix van cellen met vloeibare kristalmoleculen. Hierachter bevindt zich een verlichtingssysteem. Deze maakt heel heldere beelden mogelijk. De meeste LCD televisie schermen hebben ook een VGA-aansluiting, waardoor ze als computer monitor te gebruiken zijn.
HDTV
HDTV is digitale televisie met een beter beeld dan tot nu toe met de gebruikelijke PAL-weergave. Het beeld is namelijk opgebouwd uit meer beeldlijnen en punten. Dit resulteert in meer details en scherper beeld. HDTV is er in twee typen: met 720 beeldlijnen en met 1080 lijnen.
Veel televisies worden nu verkocht met de sticker ‘HD-Ready’. Het zegt alleen dat de televisie zo gebouwd is dat er in elk geval 720 beeldlijnen weergegeven kunnen worden. Maar daarvoor heb je wel eerst een speciale decoder en een HD-abonnement nodig.
Aansluitingen
Er zijn steeds meer geavanceerde apparaten aan te sluiten op je televisie. Helaas gaat dit niet allemaal met die ene scart-kabel, maar heb je een speciale HDMI-aansluiting nodig. Vraag bij aanschaf dus goed na welke in- en uitgangen er op het apparaat zitten. Ga niet voor een tv met minder dan twee HD-aansluitingen.
Flatscreens
Een lcd-tv of plasma-tv kopen. Waar moet je dan op letten?
En hoe kun je het scherm het beste ophangen? Welke kijkafstand moet je aanhouden? En wat is Full HD en HD-ready?
Aankoop
Bij het kopen van een flatscreen moet je vooral letten op het beeldformaat, de diameter, de kijkafstand, de kijkhoek en het aantal aansluitingen.
Let daarnaast ook op:
- energieverbruik (hoe groter het scherm, hoe meer energie verbruikt wordt)
- gewicht (wanneer je je tv aan de muur wilt bevestigen, let er dan op dat je muur het gewicht kan dragen)
- aansluitingen zijkant (wil je je tv aan de muur hangen, dan is het handig als er ook aansluitingen voor randapparatuur aan de zijkant van het scherm zitten)
- soorten aansluitingen (let erop of er hdmi-, vga- en dvi-aansluitingen aanwezig zijn. Dit is vooral handig als je apparaten wilt aansluiten die HD ondersteunen. Het aansluiten wordt hierdoor niet alleen makkelijker, maar je hebt ook veel scherper beeld.)
- helderheid (hoe helderder het scherm, hoe scherper het beeld. Een plasma- of lcd-tv van 300 candela heeft een lage helderheid en een lcd-tv van 500 candela een hoge)
- digitenne (bedenk dat Digitenne geschikt is voor plasma-tv’s of lcd-tv’s met een afmeting tot 37 inch. Daarboven heb je digitale tv nodig of satelliet.)
Flatscreen
Er zijn verschillende soorten flatsreens, maar bekendste zijn toch de lcd-tv en de plasma-tv. Overeenkomsten tussen de lcd en plasma zijn dat ze HD-tv kunnen weergeven en dat ze zowel kunnen staan als opgehangen kunnen worden.
Belangrijk zijn het beeldformaat, de resolutie, de frequentie en de contrastwaarde.
Contrastwaarde
Contrastwaarde of contrastratio betekent dat kleuren die veel op elkaar lijken, zoals donkergrijs en zwart, lastiger te onderscheiden zijn. Hoe hoger de ratio, hoe beter de kleuren zijn te onderscheiden.
Frequentie
Hoe prettig het kijken naar de lcd-tv of plasma-tv is, hangt af van de rust van het beeld. De frequentie, oftewel de regelmaat waarmee het beeld ververst wordt per seconde, wordt aangegeven in Hertz. Voor de frequentie geldt: hoe hoger het aantal Hertz, hoe beter. Vanaf ongeveer 70 Hertz heeft je lcd- of plasma-tv een rustig beeld. Een LCD met 100 Hertz geeft op dit moment het scherpste en rustigste beeld.
Resolutie
De gemiddelde lcd- of plasma-tv heeft 576 beeldpunten/pixels. Met deze resolutie kun je prima tv kijken, maar door de sterk verbeterde kwaliteit van de het digitale tv-kijken is ook de resolutie van de nieuwste lcd-tv’s en plasma-tv’s sterk toegenomen. Hierdoor kun je nog scherper en rustiger beeld ontvangen, waardoor je nog meer kunt genieten van je nieuwe plasma- of lcd-tv. De hoogste beeldkwaliteit heet Full HD en heeft een resolutie van 1920 x 1080. Dit is de resolutie van de toekomst. Schermen van lcd-tv ’s en plasma-tv’s met een lagere resolutie zijn dus niet Full HD, maar kunnen dit wel ontvangen als het minimale aantal beeldlijnen hoger is dan 720. In dat geval is je plasma- of lcd-tv HD-ready.
Full HD
HD-televisie is de toekomst. Om dat goed te kunnen begrijpen moet je eerst weten wat HD is. HD staat voor High Definition en het gaat om nóg scherper beeld.
HD-ready
Lcd’s en plasma’s die HD-ready zijn klaar om HD-tv te ontvangen. Ze hebben een lagere resolutie dan de Full HD-televisies, maar in combinatie met HD-tv zie je wel een duidelijk verschil met wanneer je het op een gewone resolutie zou bekijken. Een tv is HD-ready als hij minstens 720 pixels heeft in breedbeeldformaat.
DVB: Digital Video Broadcasting
Een ander selectiecriterium dat aan populariteit wint bij lcd-tv’s en plasma-tv’s, is DVB. Oftewel Digital Video Broadcasting. De wijze waarop digitale televisiesignalen uitgezonden worden.
Voordelen van DVB boven analoge televisie zijn:
- storingsvrij beeld
- zeer goede geluidskwaliteit
- uitzending van meerdere tv-programma’s en radioprogramma’s binnen één kanaal
- extra informatie, zoals Superteletekst, de Elektronische Programma Gids (EPG), thuiswinkelen en Internet
- digitale tv-signalen zijn gemakkelijk te coderen, wat mogelijkheden biedt voor Betaaltelevisie
Nadelen zijn:
- bij storingen is er geen enkele ontvangst, in plaats van de vroegere ruis in het beeld
- voor elke afzonderlijke tv is een aparte ontvanger nodig, plus een extra antenne
Kijkafstand lcd-tv en plasma-tv
Om optimaal van je nieuwe televisie te kunnen genieten, is het belangrijk om de juiste kijkafstand te hebben. Op basis van deze afstand kun je ook de grootte van je tv bepalen. De globale regel is dat de kijkafstand 3 tot 5 keer groter moet zijn dan de diameter van je lcd-tv. Een specifiekere afstandsbepaling vind je hieronder:
| Diameter scherm in inch | Diameter scherm in centimeter | Kijkafstand in meter |
| 20-27 inch | 50-69 cm 76 cm | 1.50 m |
| 32-37 inch | 81-94 cm 1.80 | 2.40 m |
| 42-46 inch | 107-117 cm | 3.00 – 4.25 m |
| 50-60 inch | 127-152 cm | 3.65 – 4.80 m |
| > 61 inch | > 155 cm | > 4.50 m |
Bron: LCD TV buying guide
Niet alleen de kijkafstand is belangrijk, maar ook de kijkhoogte speelt een rol. Hang je lcd-tv of plasma-tv niet te hoog: de beste kijkhoogte is als je recht voor je uit kunt kijken en als je plasma- of lcd-tv op ooghoogte zit.
Onderaan dit artikel komen we terug op de verschillen tussen plasma en LCD.
* Plasma maakt gebruik van een andere technologie dan de LCD. Bij plasma’s zijn er geen vloeibare kristallen die de pixels aansturen, maar hier bevatten de pixels een gas. Door elektrische pulsen verandert dit gas in plasma, dat fosfordeeltjes oplicht en zo beeld weergeeft.
Voordelen plasma-tv:
- de plasma-tv geeft duidelijk, scherp en rustig beeld weer
- plasma-tv’s zijn leverbaar tot in zeer groot formaat
- bij plasma heb je goed beeld vanuit elke kijkhoek
Nadelen plasma-tv:
- plasma’s zijn zware televisies
- de plasma-tv is niet in kleine maten leverbaar
- kijk bij een plasma vooral in het begin uit voor het ‘inbranden’ van de beelden. Dit gebeurt als je te lang stilstaande beelden op je scherm hebt staan, zoals teletekst. In het menu van de plasma-tv is meestal wel een optie aanwezig om dit te verhelpen.
- met plasma heb je vaak last van lichtweerkaatsing: dit is vervelend als je overdag of in felverlichte ruimte tv wilt kijken
- plasma’s zijn duurder dan lcd-tv’s
- plasma-tv’s hebben een wisselend energieverbruik: bij donkere beelden verbruikt een plasma-tv minder energie dan een lcd-tv, maar bij heldere, lichte en kleurrijke beelden schiet het verbruik omhoog
* LCD staat voor Liquid Crystal Display. Het scherm van een lcd is opgebouwd uit 2 glasplaten met vloeibare kristallen ertussen. Die kristallen reageren op elektronische golven. Voor elke pixel die de lcd-tv heeft, zijn er 3 vloeibare kristallen. Afhankelijk van de elektrische spanning die door de lcd-tv heen loopt, blokkeren de kristallen het licht of laten het juist door. Op deze manier wordt het beeld gevormd. Het kost de LCD veel moeite om deze kristallen aan te sturen, met als gevolg beeldvertraging bij zappen.
Voordelen van een LCD:
- LCD’s zijn goedkoper dan plasma-tv’s
- LCD’s zijn ook in kleinere maten leverbaar
- een LCD heeft vaak een iets hogere resolutie dan een plasma-tv (behalve bij Full HD, dan is het gelijk)
- de LCD-tv heeft een lager energieverbruik dan de plasma-tv
- bij een LCD-tv heb je weinig last van lichtweerkaatsing: de lcd-tv is dus handig als je tv wilt kijken in een felverlichte ruimte of bij zonlicht.
Nadelen van de LCD-tv:
- tijdens het zappen kan er beeldvertraging optreden
- de pixels die stuk gaan zijn niet te repareren
- bij oudere lcd-tv’s is het beeld niet vanuit elke kijkhoek even goed zichtbaar. De nieuwste lcd-tv’s hebben hier geen problemen meer mee.
Baden

Ligbad
Oorspronkelijk werden ligbaden van hout gemaakt, maar dat bleek al snel niet de meest efficiënte of hygiënische manier. Baden worden tegenwoordig dan ook meestal gemaakt van ijzer, steen of kunststof. Om bij ijzer de kans op corrosie tegen te gaan wordt het materiaal geëmailleerd.
Vroeger stonden ligbaden vaak midden in de ruimte, hoog op de meest weelderige poten. Tegenwoordig worden de ligbaden vaak ook ingebouwd en meegetegeld met de muur.
Bubbelbad
Dat warm bruisend water in een bubbelbad een geneeskrachtig effect heeft, werd al in de tijd van de Oude Grieken ontdekt. Wat zij door het gebruik van warme bronnen al wisten, is inmiddels ook wetenschappelijk bewezen: hydrotherapie heeft een helende werking.
Er zijn veel verschillende typen bubbelbaden. Een bubbelbad voor in de badkamer is een heel ander model dan een bubbelbad in de tuin. Het binnenbad heeft een afvoer om het bad iedere keer leeg te laten lopen en is meestal niet zo groot. Een bubbelbad voor in de tuin is dieper en groter dan een bubbelbad en hoeft maar een keer per halfjaar met water gevuld te worden. Dit komt doordat de jacuzzi het water zelf filtert en op temperatuur houdt.
Omdat er in een bubbelbad veel water kan, moet de ondergrond stabiel zijn. Het bad kan gevuld namelijk wel meer dan duizend kilo wegen. Als in de tuin geen stabiele ondergrond is, is het aan te raden een betonplaat te storten.
Daarnaast heb je keuze uit een legio aan verschillende functies. Je kunt bijvoorbeeld kiezen voor bubbels of een watermassage, afhangend aan de luchtjets die in het bad gebouwd zijn. Een jet is een opening waarlangs lucht of water in het bad geblazen worden. Deze jets zitten verspreid over het hele bad en bieden een masserend effect. Er zijn verschillende jets: grote jets geven een bredere massage, kleine jets geven eerder een puntmassage.
En naast dit alles kun je jouw bubbelbad aanvullen met de meest luxueuze gadgets die er maar te bedenken zijn! SunSound stereo, een stereo-installatie met pop-up speakers, subwoofer, docking station voor een iPod, een aansluiting voor uw mp3 speler en een afstandsbediening, kleuren verlichting, alles lijkt mogelijk!

Hot tub
Het baden in hot tubs is ontstaan in IJsland en Japan. Deze landen hebben natuurlijke warmwaterbronnen. Omdat ook de mensen die buiten dit gebied wonen van het warme water willen genieten, werden er hot tubs gemaakt. De bubbelbaden zijn de opvolgers van de hot tub.
Een hot tub is zowel voor binnen als buiten. Voor het opwarmen van het water gebruikt de hot tub een houtkachel.
In tegenstelling tot de jacuzzi heeft de hot tub maar weinig functies. Een hot tub is een heet bad en geeft dus geen watermassages.
Douchen
Een lekkere warm bad op z’n tijd is een hele verademing. Niet zo gek dus dat de badkamer steeds meer ingericht wordt op luxe. Maar een goede douche is ook zeker een must. Het bespaard ten eerste heel veel water en ook nog heel veel tijd. De douche is een snelle en handige oplossing. En trouwens, de douche past zelfs in de kleinste badkamers.
Douchebak
Tot voor kort was de douchebak de meest voorkomende douchevorm. De opstaande randen zorgen ervoor dat het water in de afvoerput komt en niet ernaast. Ook handig aan de douchebak is dat het te gebruiken is als voetenbadje of om een kind in te laten baden. De douchebak wordt meestal in een hoek geplaatst en is ruimtebesparend, de muren doen dienst als douchewand.
Inloopdouche
De laatste trend in de douchewereld is de inloopdouche. Deze wordt vooral geplaatst in moderne huizen voor het esthetische effect. De badkamervloer loopt bij de inloopdouche gewoon door en wordt niet onderbroken door een douchebak of -wand. Dit is ook praktisch voor invaliden of rolstoelgebruikers. Het is belangrijk dat de vloer binnen het douchegedeelte iets schuin loopt zodat het water naar de afvoer loopt.
Douchecabine
De douchecabine is een kant en klare douche geschikt voor bijna elke situatie: kwartrond, hoekinstap, rond, onder een schuine wand, etc. Als je een douchecabine aanschaft, heb je meteen de wanden, het kraanwerk en het afvoersysteem geregeld. Je hoeft alleen nog de aan- en afvoer te regelen.
Douchewand
De douchewand is ontworpen als spatscherm maar is ook een sfeerverhogend onderdeel van de badkamer. Je kunt bijvoorbeeld kiezen voor een matglazen wand met een motief of een strakke heldere wand. Door gebruik te maken van glas, lijkt de badkamer groter.

Douchekoppen
Een gewone douchekop kost tien tot twaalf liter water per minuut. Een spaardouchekop, kun je gemakkelijk 40% water besparen, terwijl de straal hetzelfde blijft. Iets om over na te denken dus.
Test blabla
Een functionele oplossing die staat als een huis
Een functionele oplossing die staat als een huis
Advertorial
Maak een statement met de keuken. Barletti levert topdesign, gemak en pure topkwaliteit. Het vernuftige schuifsysteem heeft ingefreesde grepen. Een functionele oplossing die staat als een huis. Het granieten eiland transformeert in een ideale zitbar.

Durf voor design
Barletti levert innovatieve keukens met durf en oog voor design. Een nieuwe kijk op beleven, genieten en ontspannen. Barletti bied je de keuze. Dat resulteert in vooruitstrevende oplossingen en bijzondere interieurs. Een keuken met zicht op de toekomst. En alle seizoenen binnen handbereik, dat zorgt voor inspiratie op de menkaart van morgen. Een functionele oplossing die staat als een huis. Het granieten eiland transformeert in een ideale zitbar.

Balans in de keuken
Een grote keuken met aandacht voor kleine, persoonlijke details. Dat zorgt voor het ultieme thuis. Geuren kleuren de ruimte. Jouw accessoires zorgen voor de finishing touch. Een harmonieus samenspel dat zorgt voor comfort. Een ontspannen gevoel en heerlijke tijden. Een functionele oplossing die staat als een huis. Het granieten eiland transformeert in een ideale zitbar. Startklaar voor elk recept en alle gasten.
Denk in ruimte
Achter elke horizon volgt een volgende klaar voor de start en met volop zin in morgen. Zonder beperkingen opent de wereld vanzelf. Gebruik je talent en groei naar nieuwe ideeën, een bijzonder visie of eigen kijk op bestaande zaken. Ruimte voor jou is ruimte voor toekomst. Een functionele oplossing die staat als een huis. Het granieten eiland transformeert in een ideale zitbar. Een functionele oplossing die staat als een huis. Achter elke horizon volgt een volgende klaar voor de start en met volop zin in morgen. Zonder beperkingen opent de wereld vanzelf. Gebruik je talent en groei naar nieuwe ideeën, een bijzonder visie of eigen kijk op bestaande zaken.
Statement
Maak een statement met de keuken. Barletti levert topdesign, gemak en pure topkwaliteit. Het vernuftige schuifsysteem heeft ingefreesde grepen. Een functionele oplossing die staat als een huis. Het granieten eiland transformeert in een ideale zitbar. Startklaar voor elk recept en alle gasten. Een functionele oplossing die staat als een huis. Het granieten eiland transformeert in een ideale zitbar. Startklaar voor elk recept en alle gasten.

Topdesign in de keuken
Maak een statement met de keuken. Barletti levert topdesign, gemak en pure topkwaliteit. Het vernuftige schuifsysteem heeft ingefreesde grepen. Een functionele oplossing die staat als een huis. Het granieten eiland transformeert in een ideale zitbar. Startklaar voor elk recept en alle gasten. Een functionele oplossing die staat als een huis. Het granieten eiland transformeert in een ideale zitbar. Startklaar voor elk recept en alle gasten. Een functionele oplossing die staat als een huis. Het granieten eiland transformeert in een ideale zitbar. Een functionele oplossing die staat als een huis. Het granieten eiland transformeert in een ideale zitbar.
Alles in wit
Het vtwonen-huis tijdens de Woonbeurs Amsterdam 2009 was helemaal wit.
In het huis ligt een eikenhouten vloer, gelegd in patroon Versailles en een vloer van 32 cm brede planken. De vloer kreeg twee laklagen waardoor het oude karakter er nog doorheen schemert. Links tegen de wand een koffer. Gemonteerd op geschilderde houten steunen. Tegen de rechterwand staat een verzameling houten kasten, kastjes en kisten. De ronde boekencarrousel (Linteloo). De bollampen zijn van Ikea.
Fotografie Alexander van Berge
Wit wil kleur? Kijk bij de Instant Styling tips.
Smeedwerk
Voorwerpen van smeedwerk zijn gewild om de stoere, ambachtelijke sfeer die het uitstraalt. Voordat je iets aanschaft, is het echter goed om te weten dat er veel verschillen zijn in kwaliteit en afwerking. Wat zijn de punten waarop je kunt letten?!
Michiel Faber van Smederij Faber: ‘ Mensen kiezen veelal voor smeedwerk omdat het nostalgie uitstraalt, door de associatie met het ambacht van smid. Toch hoeft smeedwerk niet per se nostalgisch te zijn. Steeds meer mensen ontdekken dat je ook hele mooie strakke, moderne voorwerpen kunt laten smeden. Dat is wel een beetje een trend aan het worden.’
Berekenen
‘Tuinhekken, poorten, trapleuningen, balkons, open haarden… in principe kun je alles wat van metaal is helemaal naar je eigen wens laten smeden. Als je iets wilt laten maken is het verreweg het handigst als de smid thuis zelf alles komt opmeten, tenzij je een heel gedetailleerde architectentekening hebt. De berekeningen voor bijvoorbeeld een poort zijn vrij technisch en je wilt natuurlijk zeker weten dat alles past als het klaar is.’
Wat is smeedwerk?
‘Wat je precies onder smeedwerk verstaat, hangt af van hoe je er tegenaan kijkt. Sommige mensen vinden alles wat van metaal gemaakt is smeedwerk. Als ambachtelijke smid vind ik dat het die naam pas verdient als het metaal heet gestookt is en bewerkt tot een mooi en uniek product. Vaak wordt metaal op maat gezaagd en daarop worden dan losse, vaak standaard onderdelen gelast. Dat is mijn ogen dus geen smeedwerk. Het gros van het zogenaamde smeedwerk in Nederland wordt echter op deze manier vervaardigd. Daardoor vind je hier overal dezelfde dennenappeltjes en Franse lelies op de tuinhekken.’
Echt smeedwerk
‘Omdat er nog zo weinig smeden zijn en er juist veel laswerk op de markt is, is het beeld van smeedwerk in Nederland vertekend geraakt. Men neemt genoegen met standaardkwaliteit en weet niet meer hoe mooi echt smeedwerk kan zijn. Het ijzer bij standaard sierwerk is door het walsen glad, recht en hoekig. Door het metaal echt te smeden krijgt het leven, bijvoorbeeld door de hamerslag. Ook kun je bij het smeden in één stuk metaal verschillende diktes aanbrengen; dat maakt het veel levendiger.’
Duurzaam
‘Een ander pluspunt van echt smeedwerk boven laswerk is dat het duurzamer is. Smeedwerk is massief, waar veel laswerk hol is – dat merk je als je het optilt of er even tegenaan tikt. Om oxidatie te voorkomen behandel ik de voorwerpen voor binnengebruik bovendien met bijenwas. Objecten voor buiten krijgen een zinkbehandeling en worden daarna afgelakt in de gewenste kleur. Op die manier gaat het meer dan een levenlang mee.’
Kant-en-klaar smeedwerk
Aan met de hand vervaardigd smeedwerk hangt uiteraard een prijskaartje. Er zijn ook bedrijven (zoals de firma Weijntjes) die in opdracht deels machinaal smeedwerk laten vervaardigen in grotere oplagen. Zeker voor kleinere voorwerpen zoals brievenbussen, wc-plaatjes en hang- en sluitwerk kan dit een mooi en betaalbaar alternatief zijn.
Meer weten?
www.smeden.nl: site van het Nederlands Gilde van Kunstsmeden
www.smederijfaber.nl: site van de smederij van Michiel Faber
www.baba.org.uk: Engelstalige site van de Engelse smedenvereniging
www.weijntjes.nl: modern en nostalgisch hang- en sluitwerk en machinaal smeedwerk in grotere oplagen
Kunst
Kunst kopen of lenen
Een schilderij, beeld of foto geeft een interieur een eigen uitstraling. Want niets is zo persoonlijk als kunst. Maar waar kun je terecht voor betaalbare kunstwerken en waar moet je op letten voordat je tot aankoop overgaat?
1. Wat is kunst?
Daar is het laatste woord nog niet over gezegd. Maar de Dikke van Dale omschrijft kunst als volgt: ‘Het vermogen dat wat in geest of gemoed leeft of daarin gewekt is tot uiting of voorstelling te brengen op een wijze die schoonheidsontroering kan veroorzaken’. Met andere woorden: kunst brengt je in vervoering.
2. Ga naar een kunstbeurs
Er zijn veel kunstbeurzen waar galeries hun collecties tonen. Een goede manier om meer te weten te komen over wat er zoal te koop is en voor hoeveel. Een nieuwkomer bij de kunstbeurzen is de The Affordable Art Fair (AAF). De tweede editie wordt van 29 oktober tot en met 2 november 2008 in de Gashouder van de Amsterdamse Westergasfabriek gehouden. Dé plek om een origineel en vooral betaalbaar kunstwerk te kopen tussen de € 100,- en € 5000,-. Er zijn tachtig deelnemende galeries, met onder meer schilderijen, grafiek, foto’s en sculpturen, www.affordableartfair.nl.
3. Probeer een kunstwerk eerst uit
Wie zeker wil zijn dat een kunstwerk goed bevalt, kan terecht bij een van de vele kunstuitlenen van Nederland. Het principe is eenvoudig: afhankelijk van de totaalwaarde van een kunstwerk betaal je maandelijks een bedrag voor een kunstwerk dat je leent. Hiermee bouw je een spaartegoed op, zodat je op den duur iets kunt kopen. De grootste van Nederland is SBK Kunstuitleen Amsterdam met maar liefst 55.000 kunstwerken, www.sbk.nl. Kijk ook eens bij www.beeldengesproken.nl of op www.artstart.nl, waar een lijst van kunstuitlenen in het hele land op staan.
4. Spannend, de veiling!
Sotheby’s, Christie’s en Glerum zijn de bekendste veilinghuizen in Nederland. Natuurlijk komen deze veilinghuizen in het nieuws als er kunstwerken voor recordhoogte worden verkocht, maar wat velen niet weten is dat er ook kunst te koop is voor een paar honderd euro. Op de veiling wordt de prijs bepaald door de marktwaarde van dat moment. Door tegen elkaar op te bieden, kunnen potentiële kopers de prijs opdrijven, maar als er nauwelijks kopers zijn is het eventueel mogelijk dat de prijs onder de getaxeerde waarde blijft steken. Kijk op www.sotherbys.nl, www.christies.nl, www.glerum.nl.
5. Waar moet je op letten?
Niemand kan in de toekomst kijken, dus het is nooit zeker of een kunstwerk veel meer waard zal worden. Maar zaken die meespelen zijn de naam van de kunstenaar, de kwaliteit en de zeldzaamheid van een kunstwerk. Bij gerenommeerde veilinghuizen worden vrijwel alleen werken van bekende namen geveild, dus wie werk van een onbekende kunstenaar wil, kan beter naar galeries of de kunstuitleen. Bij de veilinghuizen kun je een conditierapport van een kunstwerk aanvragen, zodat je precies weet wat je koopt. Ga je bij een veiling een bod uit brengen, zorg dan eerst dat je je heel goed inleest, de catalogus goed bestudeert, er veel over praat en de experts raadpleegt tijdens de kijkdagen.
6. Nog meer weten?
Om meer te weten over kunst kan het handige boekje ‘Kunst? Kopen!’ van kunsthistoricus en onafhankelijk kunstadviseur Veronique Baar van pas komen. Waar wordt hedendaagse kunst gemaakt, getoond en verkocht? Hoe worden prijzen bepaald? Wat zijn de kenmerken van de verschillende technieken, zoals fotografie, schilderkunst of grafiek? En waar moet je op letten als je bijvoorbeeld een zeefdruk koopt? Praktische tips voor het ophangen van kunst maken deze handleiding compleet. Inclusief een overzicht van galeries, beurzen en kunstbegrippen. Te koop via www.artolive.nl.
7. Bezoek eindexamenexposities
Kunstacademies leveren elk jaar weer jonge talenten af. Door examenexposities te bezoeken, krijg je een goede indruk van wat er speelt in de hedendaagse kunst. En wie weet, blijkt een aankoop van een jonge kunstenaars in de toekomst goud waard te zijn als diegene bekend wordt. Bij online galerie www.artolive.nl is jaarlijks een overzicht te zien van de meest talentvolle afstudeerders van alle Nederlandse kunstacademies.
8. Fotografie in de lift
Lange tijd werd fotografie niet gezien als kunst. Maar tegenwoordig wordt werk van fotografen als Rineke Dijkstra voor tienduizenden euro’s verkocht. Bij het Foam Fotografiemuseum Amsterdam vind je Foam Editions, een ruimte waar een weloverwogen selectie gesigneerde afdrukken van jonge, talentvolle internationale fotografen verkocht wordt. Daarnaast vraagt het museum fotografen die een tentoonstelling in Foam hebben gehad of krijgen, om een werk speciaal voor Foam Editions ter beschikking te stellen. Kijk op www.foam.nl.
9. Open ateliers
Overal in Nederland worden regelmatig open atelier routes georganiseerd. Dé manier om een kijkje te nemen bij de kunstenaar zelf, kennis te maken en eventueel iets te kopen. Op www.openateliers.nl staan per maand routes in heel Nederland vermeld.
10. Wat vooral niet te doen?
* Raak het doek zelf niet aan
* stel het werk niet bloot aan direct zonlicht of fel kunstlicht
* maak niet zelf een kunstwerk schoon
* vermijd vochtige ruimtes
* pas op voor radiatoren, kachels en de open haard, door de warmte kan een kunstwerk beschadigen
* til een schilderij niet op bij kwetsbare hoeken
Kozijnen
Toegegeven: het is leuker om je met nieuwe meubels bezig te houden dan met kozijnen. Toch zijn die belangrijk; ze bepalen het aangezicht van je huis plus de hoeveelheid onderhoud én ze hebben invloed op je energierekening. Het is dus belangrijk dat je het goede kozijn kiest. Hier lees je waar je op moet letten.
Tevredenheidsonderzoek
Zijn een raam en kozijn aan vervanging toe, vraag je dan af of je tevreden bent met de constructie. Komt er wel genoeg licht naar binnen? Mis je eigenlijk een openslaand raam waardoor de boel goed gelucht kan worden? Of wellicht nog beter: openslaande deuren tot onder aan toe? Heb je geen zin meer in het onderhoud van de kozijnen en is het eigenlijk niet hoog tijd voor dubbel glas? Met andere woorden: misschien is het tijd om niet alleen de kozijnen te vervangen, maar alles meteen naar wens te laten maken.
Kant-en-klaar of niet?
Je hebt de keuze uit kozijnen die je ter plekke laat maken of kant-en-klare montagekozijnen. Die laatste hebben belangrijke voordelen: ze gaan langer mee en ze zijn demontabel, zodat ze zonder slopen en breken makkelijk kunnen worden gerepareerd of vervangen. En voor de milieubewuste kiezers: omdat deze kozijnen met een heleboel tegelijk worden gemaakt, is er minder materiaal nodig en is er dus minder afval.
Eén van hout en één van staal…
Wat materiaal betreft kun je kiezen uit hout, kunststof, aluminium of staal. Stalen kozijnen worden bijna niet meer gebruikt bij de bouw van nieuwe huizen, alleen nog bij speciale renovatie- en exclusieve architectuurprojecten.
En dan hout, dat heeft voor- en nadelen. Omdat het levend materiaal is, komt een kozijn van hout minder strak en dus echter, speelser over dan kunststof of aluminium, zeker bij een ouder huis. Het grote nadeel is dat houten kozijnen gevoelig zijn voor weer en wind, zeker op onbeschutte plekken waar regen en zon hun gang kunnen gaan. Daarom moet je houten kozijnen goed onderhouden (eens in de vijf jaar helemaal schuren en verven). Ze kunnen zelfs rotten en dan moet je ze helemaal vervangen. Gelukkig is er inmiddels hout met een lange levensduur op de markt dat niet zo heel veel onderhoud nodig heeft. Het gaat dan om hout in de duurzaamheidsklasse I of II. Dat kan voor het hele kozijn worden gebruikt, of alleen voor de kwetsbare delen.
Het onderhoud van hout
Is het hout niet duurzaam en zijn de kozijnen ter plekke gemaakt, dan moet je ze elk jaar schoonmaken en de beschadigingen aan de verflaag bijwerken. En na vijf of zes jaar moet het hele kozijn worden overgeschilderd. Kijk hiervoor op www.milieucentraal.nl, onder het kopje: ‘schilderen binnen en buiten’. Kies je voor een montagekozijn (dat dus niet ter plekke wordt gemaakt), bijvoorbeeld van lariks of grenen, dan heb je aanzienlijk minder werk. Naast de jaarlijkse controlebeurt moet dit hout eens in de acht tot tien jaar helemaal worden overgeschilderd. Het is trouwens niet zo dat één rotte plek in het hout betekent dat het hele kozijn moet worden vervangen, vaak volstaat het om alleen die plek te vervangen.
Niets meer aan doen
Wil je helemaal van het onderhoud van je kozijnen af, dan heb je de keuze uit kunststof of aluminium. Zon, regen of wind, het maakt allemaal niets uit voor deze materialen. Bovendien hebben ze een beschermlaag die ervoor zorgt dat ze onderhoudsarm zijn. Kunststof kozijnen gaan een jaar of vijftig mee. En de tijd is voorbij dat je langs een huis loopt en denkt: ‘hè, wat een nepkozijnen’. Want soms moet je met je neus op het kozijn gaan staan, wil je zien of het van hout of kunststof is. Er is zelfs kunststof te koop met een houtnerf of een profiel van kunststof dat lijkt op oude schuiframen.
Hout en kunststof isoleren beide, aluminium niet van zichzelf. Daarom moet een aluminium kozijn altijd een thermische onderbreking hebben, wat betekent dat er een stukje kunststof of hars tussen wordt gezet. Let daar op bij de aanschaf.
Aluminium kozijnen zijn duurder dan die van kunststof omdat de grondstof kostbaarder is. Bij renovatie van huizen wordt tegenwoordig meestal gekozen voor kunststof. Aluminium kozijnen doen het goed in strakke, moderne woningen.
Let op het keurmerk
Om zeker te weten dat je een goed montagekozijn koopt, moet je letten op de keurmerken.
Bij een kunststof kozijn gaat het om het VKG-keurmerk. Dat staat garant voor strenge eisen wat betreft constructie en inbraakwering en de manier waarop het wordt geïnstalleerd. Voor aluminium kozijnen geldt het VMRG-keurmerk. Dat betekent dat de kozijnen een thermische onderbreking hebben om zo min mogelijk energie te verliezen, dat ze voldoen aan de eisen voor inbraakbeveiliging en dat ze lang goed en mooi blijven. Bij hout gaat het om het FSC-keurmerk, dat garandeert dat het hout uit duurzaam beheerde bossen komt en om het Komo-keurmerk, dat gaat over montage-eisen.
Dubbel glas
Heb je nog enkel glas, dan is het echt het beste voor je portemonnee om maar meteen dubbel glas te installeren bij het vervangen van de kozijnen. Dat scheelt je gemiddeld € 400,- per jaar op de gasrekening. Je kunt kiezen uit gewoon dubbel glas, HR+ glas en HR++ glas. Dat laatste isoleert het beste en levert dus het meeste energiebesparing op. Maar het is ook het duurst in aanschaf.
Meer weten over kozijnen?
* www.eigenhuis.nl
* www.houtinfo.nl
* www.milieucentraal.nl
Zonwering
Er zijn veel producten op de Nederlandse markt waarmee de zon in en bij huis geweerd kan worden. De keuze is uitgebreid, van klassiek markies tot hip zonnezeil. Wat je kiest, is afhankelijk van de stijl van je huis, van je smaak en van de prijs die je wilt betalen. Hieronder de belangrijkste informatie over zonwering voor binnen en buiten.
Markies
De onbetwiste klassieker onder de zonneschermen. Grote kans dat je markiezen terugziet op oude foto’s van dorpsstraten. Het meest statige huis in die straat hield de zon buiten met de mooie luifeltjes, gemaakt van doek en hout. Een markies is opgebouwd uit vijf u-vormige delen van stof, die zijn verbonden door een scharniersysteem. Ze worden nog steeds gemaakt van hout, maar ook van aluminium. Dat wil zeggen dat de overkapping en de zijkappen van die materialen zijn gemaakt. Uiteraard is de aluminium kap onderhoudsvrij.
Het voordeel van een markies is dat hij aan de zijkanten gesloten is, zodat de zonnestralen optimaal worden tegengehouden.
Uitvalscherm
De meest eenvoudige zonneluifel is het uitvalscherm. Eigenlijk de voorloper van de luifel met knikarm. Het uitvalscherm ‘valt’ naar beneden en is te bedienen met de ouderwetse bandopwinder of met de draaistang. Het nadeel van dit scherm is dat het niet verstelbaar is, waardoor je je stukje schaduw niet kunt uitbreiden. Niet echt een scherm om lekker onder te zitten. Wat wel weer scheelt in de prijs.
Luifel met knikarm
Een zonnescherm waar je wat aan hebt! Door de knikarm kun je de luifel mooi plat uitdraaien tot een riante overkapping van het terras. Met de tuindeuren open voelt je terras als een verlengstuk van je woonkamer. Door de riante afmetingen kun je er ’s avonds nog lang beschut onder zitten. Let er bij de aankoop op welk opbergsysteem je wilt. Wil je dat het doek veilig opgeborgen is als het scherm dicht is, koop er dan één met een cassette-systeem. Bij dit systeem heeft het doek geen hinder van weersinvloeden, waardoor het niet slijt. Dat is anders bij het semi-cassette-systeem. Hierin is het doek niet helemaal opgeborgen en kan het voorste randje van het doek smoezelig worden. Een nadeel van de luifel met knikarm is dat dit scherm gevoelig is voor wind. Koop er daarom één met een solide frame. En kun je, als het donker wordt, maar geen afscheid nemen van je terras, dan zijn er nog de verlichting en verwarming die als accessoires bij deze schermen te koop zijn.
Balkonscherm
Heb je een appartement met een fijn, maar te zonnig balkon? Dan kun je kiezen voor een balkonscherm. Dat heeft een extreme knikarm, waardoor het scherm extra laag kan zakken. Het wordt bevestigd aan het bovenliggende balkon. Een nadeel van een balkonscherm is dat je – tijdelijk – geen uitzicht meer hebt.
Screens
Waren screens eerst typische ‘kantoorgordijnen’, ze worden steeds meer gebruikt bij woonhuizen. Screens blinken uit door hun eenvoud: het zijn niet meer dan vlakhangende doeken die door twee geleiders naar beneden zakken. Misschien wel de meest strakke zonwering. Ideaal als je geen toestanden aan je huis wilt. Het doek is op zo’n manier geweven dat warmte en zonnestralen geen kans krijgen. Een nadeel kan zijn – maar dat is persoonlijk – dat je uitzicht beperkt is. Ook al garanderen fabrikanten dat je nog wel naar buiten kunt kijken met de screens naar beneden, ze geven ongetwijfeld een ‘gesloten’ gevoel. Te koop in verschillende uitvoeringen en prijsklassen, van een gewoon grijs screen met handbediening tot een windvast, wit exemplaar dat met een druk op de knop naar beneden zakt.
Markisolette
Een charmante naam voor een zonwering die is gemaakt voor hoge ramen. De markisolette werkt zo: het doek zakt eerst gedeeltelijk naar beneden en op een bepaald punt wordt het een gewoon scherm. Effectief, omdat een groter deel van het hoge raam dan is beschermd tegen de zon.
Zonnezeil
Het nieuwste staaltje zonwering, dat onze noordelijke terrassen een zuidelijke tint geeft. Want in Spanje en Griekenland doen ze het al veel langer: de prachtige, maar hittegevoelige binnenplaatsen overdekken met een doek. Net zo simpel als effectief. De variant die je hier kunt kopen, is demontabel en gemaakt van componenten uit de zeilindustrie, wat garant staat voor stevigheid. Te koop in een standaard uitvoering, maar ook op maat gemaakt en te gebruiken voor tuin, terras en (groot) balkon. Zonnezeilen kunnen worden gespannen met een ophangsysteem en er zijn uitvoeringen met een soort poot aan de zijkant. Voordeel ten opzichte van de oude, vertrouwde parasol is dat je geen hinderlijke standaard in het midden hebt.
Jaloezieën
Je kunt zon en warmte natuurlijk ook vanuit je huis tegenhouden. Eenvoudig en niet te duur zijn de jaloezieën die je met een touwtje aan de zijkant verstelt. Zijn de verticale delen van de jaloezieën, de lamellen, van hout, dan heet de jaloezie een blind. Die zijn te koop in op maat gemaakte uitvoeringen. Je kunt bijvoorbeeld kiezen voor bredere of smallere lamellen.
Shutters
Voor het echte strandhuisgevoel! Door het uiterlijk, shutters zijn houten luiken met verstelbare lamellen en omdat je de zonnestralen zo mooi gefilterd kunt laten binnenkomen. Ze hebben wel wat weg van louvredeurtjes, maar dan voor het raam. Het grote voordeel van shutters is dat je de lamellen, net als bij jaloezieën, kunt kantelen en het (zon)licht dus naar believen kunt laten binnenkomen. Bedenk als je voor shutters kiest, dat ze erg opvallen. Bij veel ramen in de woonkamer of bij grote ramen kunnen ze daarom een onrustig element zijn. Wil je even het volle licht binnen hebben, dan kun je de shutters inklappen als harmonicadeurtjes. Er zijn zelfs shutters te koop die je als een paneel opzij kunt schuiven. Ze zijn te krijgen in verschillende kleuren en materialen en ook voor draaikiep-ramen.
Verkopen mét of zonder zonnescherm?
Als je je huis verkoopt, hoort de zonwering dan wel of niet bij het huis? De regel is: alles wat onmogelijk zonder beschadiging te verwijderen is, hoort bij het huis. Dat zul je dus ter plekke moeten beoordelen.
Horren
Je doet geen oog dicht door het gezoem en geprik van ongedierte, wat helaas ook bij de zomer hoort. De oplossing is natuurlijk een hor – ja, ook als je draaikiepramen hebt.
Draaikiepramen
De oplossing voor een raam dat naar binnen opendraait en naar binnen kiept, is de speciaal hiervoor ontwikkelde inzethor. Het frame wordt in het raam geplaatst, daarna sluit het raam voor de hor. Nu kan het raam op beide manieren open zonder dat de hor in de weg zit. Heb je geen zin om de hele tijd tegen die hor aan te kijken wanneer het raam dicht is? Hamstra, een grote leverancier van horren, heeft ook een variant die kan worden opgerold.
Inzethorren zijn op maat te laten maken, maar je kunt het ook vrij eenvoudig zelf doen. Bij de bouwmarkt zijn de losse onderdelen te koop. Het is eveneens mogelijk een stuk horgaas met klittenband in het kozijn te bevestigen, maar juist daarvoor is een timmermansoog onmisbaar. Want het exact op maat knippen van het gaas is minder simpel dan het lijkt, met alle frustraties vandien.
Kanteldakraam
Heb je een kanteldakraam in een schuin dak? Dan is er eigenlijk maar een soort hor mogelijk: een rolhor, die ongeveer net zo werkt als een rolgordijn. Deze wordt tegen het kozijn aan geplaatst, waardoor het raam nog op een flinke kier open kan, als de hor ervoor zit. Moet het raam toch verder open, dan kun je de hor omhoog schuiven. De hor loopt in geleiders langs het kozijn, die hem meteen goed strak houden. Omdat Velux het meest verkochte dakraam is in Nederland, corresponderen de standaardmaten van oprolhorren vaak met de maten van deze ramen.
Draairaam
Bij een raam dat naar binnen opengaat, is een rolhor aan de buitenkant het handigst. Veel horren zijn tegenwoordig bestand tegen alle weersomstandigheden. Een vaste hor is natuurlijk ook een optie, maar daar kijk je dan wel steeds tegenaan. Gaat het raam juist naar buiten open, dan zijn zowel een rolhor aan de binnenkant van het kozijn als een scharnierhor praktisch. Een scharnierhor is een vaste hor die met scharniertjes en een slotje tegen het raamkozijn aan wordt geplaatst. Voordeel is dat dit systeem makkelijk te bevestigen is en dat zo’n vaste hor in een frame rondom vaak steviger is.
Balkon- en tuindeuren
Een hor voor een deur moet natuurlijk flexibel zijn. Een goed voorbeeld is de klassieke hordeur, die net als bij een draairaam tegen de deurpost aan wordt geplaatst, als een binnendeur. Is zo’n deur te ‘aanwezig’ naar je smaak, dan zijn een rolhor of vouwhor ook een optie. Bij de rolhor wordt de hor door een veersysteem automatisch verticaal opgerold zodra je de magneet lostrekt. Je ziet de hor niet meer zodra hij open is. De plisséhor of vouwhor valt in een mooie plissévouw bij het opzijschuiven. Die hangt dus wel in beeld, maar is minder dominant. Door de vouwen is de hor bovendien beter zichtbaar terwijl hij dicht is, handig met kinderen en huisdieren, die nog wel eens per ongeluk door het gaas heen lopen. Van de rolhor en plisséhor zijn dubbele varianten verkrijgbaar, voor openslaande deuren. Tot slot zijn er ook nog horlamellen: stroken gaas met een verzwaring onderin, die als een gordijn voor de deur hangen.
Schuifpui
Voor een schuifpui is het logisch om een hordeur te bevestigen die ook alleen in een plat vlak beweegt. De keuze bestaat uit een rolhor die verticaal oprolt, of een plissé- of vouwhor, die in een plooi valt als je hem opzij schuift. Er zijn trouwens ook vaste hordeuren verkrijgbaar, die in een rail voor de deur worden gemonteerd en op dezelfde manier openen als de schuifpui zelf.
Extra opties
Omdat je niet wilt dat een hor teveel in het oog springt, kun je de kleur aanpassen op de kleur van je kozijn. Vaak is er een beperkt aantal RAL-kleuren leverbaar zoals wit, beige en bruin, maar bij sommige leveranciers kunnen ook andere kleuren besteld worden. Goed om te weten is dat veel horrengaas tegenwoordig ook in een zonwerende variant kan worden geleverd. Het gaas is afgewerkt met een speciale laag die zonschitteringen filtert. De nieuwste ontwikkeling is pollenwerend gaas. Dit kan pollen tot 90% buiten houden, wat gezien de toenemende hooikoortsklachten geen overbodige luxe is. Wijd de ramen open kunnen zetten en onbekommerd frisse lucht binnen laten stromen, is wel zo fijn.
Meer weten?
Voor bijzondere situaties is vaak een maatwerkoplossing mogelijk. Wil je meer weten of heb je vragen over jouw specifieke woonsituatie, kijk dan eens op www.hamstrahorren.nl of www.luxaflex.nl.
Alternatieven
* Om beesten buiten te houden zijn horren natuurlijk niet de enige mogelijkheid. Het gouwe ouwe kralengordijn voor de buitendeur kan ook nog altijd. Dat hoeft helemaal niet ouderwets te zijn, want ze zijn tegenwoordig verkrijgbaar in allerlei leuke kleuren en prints.
* Is al dat gedoe voor ramen en deuren niks voor jou? Met een klamboe los je het probleem heel plaatselijk op. Je creëert een knusse hoek bij je bed én insecten kunnen ’s nachts niet bij je komen. Een haakje in het plafond en je bent klaar.
Kerstboom
Gezellig, zo’n kerstboom in huis. Maar wat voor boom koop je? En waar moet je op letten?
Kunst of levend?
Een echte boom is natuurlijk authentieker dan een kunstboom én hij ruikt lekker. Voor veel mensen geeft dat nét die bijzondere kerstsfeer. Maar al die naalden die hij verliest… Een echte boom vraagt meer onderhoud en is relatief duurder dan een kunstboom. Een kunstboom gaat – als je hem tenminste goed bewaart – ongeveer tien jaar mee. Gebruik daarvoor liefst een grote plastic zak. De kunstkerstboom krijg je na gebruik namelijk nooit meer netjes en onbeschadigd in de doos waarin je hem hebt aanschaft.
Op veilingsites worden kunstbomen vaak tweedehands aangeboden. Hoe weet je of het een kunstboom is die zo-goed-als-echt lijkt? Let op de naalden! Een goede kunstboom heeft verschillende naalden: lange, korte, dikke en dunne, en een dicht takkengestel waardoor hij bijna niet van echt is te onderscheiden.
Met of zonder kluit?
Wil je een echte boom die je na kerstmis in je tuin kunt zetten, kies dan voor een boom met kluit. Liefst eentje die in de pot is gekweekt. Bomen die uit de grond zijn gestoken, verliezen namelijk hun haarwortels en die hebben ze nodig om vocht op te nemen.
Tip: til de boom even op aan zijn top. Valt de pot er direct onderuit? Dan is de boom waarschijnlijk niet in de pot gekweekt. Laat de boom na aankoop een tijdje acclimatiseren in de schuur of bijkeuken. Zet hem dan met pot en al binnen, met een schaal eronder tegen het lekken. Geef de boom eens per week ongeveer een halve liter water.
Wel of geen standaard?
Een boom zonder kluit laat je ook eerst acclimatiseren. Daarna sla je er een houten kruis onder (als dat nog niet is gebeurd). Een andere optie is het vastschroeven van de boom in een standaard. Die zorgt niet alleen voor stabiliteit, maar dient ook als waterreservoir. Als je boom iedere drie dagen wat water geeft, houd je hem langer mooi. Wel eerst even een centimeter van de stam afzagen, zodat de sapvaten open gaan en het vocht naar binnen kan. Het lijkt een dooddoener, maar toch: plaats de boom niet te dicht bij de verwarming. Zo voorkom je extra snelle uitdroging en heb je langer plezier van je boom.
Duur of goedkoop?
Hoewel we met kerst ‘O dennenboom’ zingen, zijn de meeste kerstbomen sparren. Je hebt verschillende soorten, waarbij in grote lijnen geldt dat de duurdere soorten voller zijn en langer mooi blijven. De meest gangbare sparren zijn de gewone spar ofwel fijnspar. Hij wordt in groten getale gekweekt, heeft puntige naalden die rondom de takjes zitten en redelijk snel uitvallen, de takken wijzen iets omhoog; de blauwspar ofwel edelspar heeft een blauwige gloed, de puntige naalden zitten dichter bij elkaar dan bij een gewone spar en het takkengestel is voller; de Nordmann is een soort zilverspar, de naalden hebben een stompe punt die plat aan de takjes vastzitten, als een soort veer. Een Nordmann prikt niet en valt bijna niet uit, zelfs al droogt hij uit.
Koop of huur?
Op een beperkt aantal plaatsen kun je kerstbomen met statiegeld kopen. Als je de boom (met kluit uiteraard) na gebruik weer inlevert, krijg je het statiegeld terug. Na een rusttijd van twee tot drie jaar wordt de boom opnieuw verhuurd.
Voor meer info: www.adopteereenkerstboom.nl en www.milieupuntenutrecht.nl.
Een ander mooi initiatief is dat van Staatsbosbeheer. Op de locaties Austerlitz en Kuinderbos kun je op 15 december 2007 zelf een boom komen hakken. Het geld dat je daarvoor betaalt, wordt besteed aan nieuwe aanplant. Op www.staatsbosbeheer.nl. vind je meer informatie en eventuele nieuwe locaties.
Halen of laten bezorgen?
Geen mogelijkheid om een boom te vervoeren? Tegenwoordig bezorgen steeds meer aanbieders de boom thuis, tegen een vergoeding. Voor wie helemaal geen zin heeft om erop uit te gaan: bomen zijn tegenwoordig ook te bestellen via internet en worden dan uiteraard ook thuisbezorgd. Kijk bijvoorbeeld op www.kerstboom.nl, www.kerstboombezorgen.punt.nl of www.kerstboomtotaal.nl.
Extra tip:
Is er hars uit de kerstboom op de vloer gelekt? Probeer het met een mengsel van een beetje zand en afwasmiddel, of met wasbenzine. Op een vloerkleed leg je eerst wat ijsblokjes. De hars wordt dan hard en is goed weg te krabben. Het laatste restje verwijder je met wasbenzine.
Verkoopstyling
Een eerste indruk is binnen 15 seconden bepaald. Zelfs bij de verkoop van je huis! Zorg ervoor dat deze indruk bij potentiële kopers dan ook altijd positief zijn. Er is immers geen tweede kans voor een eerste indruk. Maar hoe doe je dat?

Opgeruimd staat netjes
Zorg ervoor dat je huis opgeruimd is. Je kunt zelf heel gehecht zijn aan al je spulletjes en ze heel waardevol vinden, maar op een potentiële koper kan dit heel chaotisch overkomen. Door zoveel mogelijk op te ruimen lijkt de kamer ruimer en netter.
Maar niet te…
Als je al verhuisd bent, laat dan nog wel wat meubels in het oude huis staan. Dit geeft meer sfeer aan de woning en geeft potentiële kopers een goed beeld van de mogelijkheden. Een sfeervol, aangekleed huis verkoopt beter dan een leegstaand huis.
Onderscheid woonruimtes
Maak onderscheid tussen de verschillende woonruimtes. Een woonkamer is om te wonen en niet om te werken. Als er een bureau in de huiskamer staat, lijkt het net of er ruimte te weinig is.
Klusvrij huis
Zorg ervoor dat de toekomstige bewoner niet veel hoeft te klussen in het huis. Repareer klemmende deuren en lekkende kranen. Zorg er ook voor dat het schilderwerk aan de buitenkant van het huis er netjes uitziet.
Licht maakt groot
Laat veel daglicht door de ramen heen vallen en maak gebruik van lichte gordijnen. Hierdoor lijken de ruimtes groter en ruimer. De meeste mensen houden van lichte en frisse huizen.
Groen is ook belangrijk
De tuin mag natuurlijk ook niet vergeten worden. Zorg ervoor dat deze netjes in orde is. Haal bladeren en onkruid weg en maai het gras.
Fris en fruitig
Zorg ervoor dat je huis er niet alleen schoon en netjes uitziet, maar vooral ook fris ruikt. Als er kijkers komen, zorg er dan bijvoorbeeld voor dat huisdieren weg zijn.
Feiten en fabels over de makelaar
Feit: 90 procent van de mensen die een huis kopen denkt dat de verkopend makelaar hun belangen behartigt. En dat is nou juist een fabel!
Voor het zoeken van een huis heb je niet per se een makelaar nodig
Feit: Sinds de komst van de website Funda in 2000 is het gemakkelijker om zelf een indruk te krijgen van het huizenaanbod en een selectie te maken. Echter: een makelaar weet vaak als eerste welke huizen er in de regio vrijkomen en heeft extra informatie over nieuwbouwprojecten. Vooral in gebieden met woningschaarste (zoals Amsterdam of Haarlem) kan dit een voordeel zijn.
De verkopend makelaar behartigt ook de belangen van de potentiële koper
Fabel: en direct ook het grootste misverstand bij kopers. De verkopend makelaar heeft wel een informatieplicht naar de potentiële koper, maar is ingeschakeld door de mensen die hun huis verkopen. Hij handelt uitsluitend in hun belang, ook al is hij naar mogelijke kopers nog zo vriendelijk en meegaand.
Als je een huis bezichtigt, kijkt een aankoopmakelaar met andere ogen dan jijzelf
Feit: Terwijl jij het huis in gedachten misschien al aan het inrichten bent, let de aankoopmakelaar vooral op de staat van de woning en eventuele gebreken.
Een aankoopmakelaar…
…kan je behoeden voor verborgen gebreken
Feit & fabel: Als iets daadwerkelijk aan het oog onttrokken is, zoals een lekkage onder de vloer, kan ook een aankoopmakelaar dat niet zien. Een aankoopmakelaar heeft echter een bouwkundige opleiding en kan eventuele alarmerende zaken signaleren. Indien hij dat nodig acht, zal hij adviseren een bouwkundig onderzoek te laten uitvoeren om eventuele vervelende gevolgen achteraf te voorkomen. Ook kan hij nagaan welke bestemmingsplannen er rond de woning zijn en of de vorige bewoner iets heeft laten (aan)bouwen zonder vergunning. Gaat het om de aankoop van een appartement, dat in feite een onderdeel is van een pand, dan gaat de aankoopmakelaar na wat de staat van het hele gebouw is. Stel dat bijvoorbeeld het dak in slechte staat verkeert en de vereniging van eigenaren niet goed bij kas is, dan moet je rekening houden met bijkomende kosten.
…kost alleen maar extra geld
Fabel: Via de aankoopmakelaar beperk je een aantal risico’s, hetgeen je juist veel geld kan besparen. Hij kan bepaalde gebreken vooraf signaleren. Als taxateur is hij bovendien goed op de hoogte van de marktwaarde van een woning, zodat hij kan inschatten of de vraagprijs reëel is en hierover kan adviseren bij de onderhandelingen. Verder kan hij kopers begeleiden bij het ondertekenen van de akten (in juridische taal opgesteld en vaak moeilijk te begrijpen) en controleert hij vóór de ondertekening of het huis in de staat wordt opgeleverd zoals eerder is afgesproken.
…is duur
Fabel : De gemiddelde prijs van een woning in Nederland is momenteel € 248.000,-. Gezien het geld dat het je kan opleveren, is de beloning voor een aankoopmakelaar in verhouding tot dit bedrag gering. Dit tarief is vrij en hangt af van wat je wilt van de aankoopmakelaar. Hij kan het gehele aankooptraject begeleiden, maar ook slechts een deel daarvan. Maak hierover van tevoren goede afspraken. De beloning hoort overigens geen relatie te hebben met de aankoopprijs van het huis.
Tip: als je je eigen huis verkoopt, kun je de verkopend makelaar vragen om tevens voor je op te treden als aankoopmakelaar. De meeste makelaars zullen daar in dat geval een geringe vergoeding voor vragen, omdat je al klant bij ze bent.
…bespaart tijd
Feit: Voor een particulier wordt het kopen van een huis nooit routine, voor een makelaar wel. Waar je zelf de weg moet zoeken bij bijvoorbeeld kadasters, verenigingen van eigenaren, gemeente of provincie, is dat voor een aankoopmakelaar dagelijkse praktijk. Dat scheelt veel tijd.
Tip: Het is het veiligst om een aankoopmakelaar te nemen die aangesloten is bij een branchevereniging. Het beroep van makelaar is een vrij beroep, dat wil zeggen dat iedereen zich makelaar mag noemen. Als een makelaar is aangesloten bij een branchevereniging zoals de NVM (zo’n 75 procent van de makelaars), de LMV of de VBO, dan weet je zeker dat hij of zij kennis van zaken heeft en is gecertificeerd. Bovendien heb je in dat geval een adres waar je terecht kunt met eventuele klachten.
Meer weten?
www.nvm.nl
www.nvm.vbo.erkende-aankoopmakelaars.nl
www.eigenhuis.nl
www.woonwebsite.nl
De veiling
Veilen in vijf stappen
Wil je eens iets anders, iets wat je niet bij iedereen tegenkomt? Dan zou je kunnen slagen bij een veiling. Nooit bij een veiling geweest? Zó werkt het, in vijf stappen.
Stap 1: bepaal waarnaar je op zoek bent
Bij een veiling denk je misschien direct aan kunst en antiek. Er zijn echter ook veilinghuizen die gespecialiseerd zijn in auto’s, poppen of paarden en veilinghuizen die complete inboedels verkopen. Op de site van de beroepsvereniging Federatie TMV (taxateurs, makelaars en veilinghouders in roerende zaken) vind je een overzicht van alle gecertificeerde veilinghouders in Nederland die je kunt selecteren op rubriek of regio.
Stap 2: bezoek een kijkdag
Voorafgaand aan een veiling organiseert een veilinghuis zogenaamde kijkdagen. Deze worden vaak aangekondigd via advertenties – in bijvoorbeeld dag- of streekbladen of woonmagazines – en zijn openbaar. Iedereen kan er dus gewoon binnenwandelen om een kijkje te nemen. Zelfs al ben je niet actief naar iets op zoek, dan is het best eens leuk om te doen. Tijdens kijkdagen worden namelijk alle stukken uitgestald die voor de veiling worden aangeboden. Vooral de kijkdagen van kunst- en antiekveilingen hebben op die manier veel weg van een (gratis!) museumbezoek. Bovendien lopen er mensen van het veilinghuis rond die je iets over de stukken kunnen vertellen en kun je alles op je gemak bekijken en vastpakken, zodat je later niet voor verrassingen komt te staan. Iets dat lastiger is als je spullen wilt kopen via een internetveiling zoals eBay of Marktplaats. Heb je je oog laten vallen op iets met een niet al te hoge waarde waarmee weinig mis kan gaan, dan is een internetveiling echter een prima optie.
Stap 3: check de catalogus
Alle stukken die voor de veiling worden aangeboden (en dus te zien zijn op de kijkdagen) staan afgebeeld en beschreven in een catalogus die het veilinghuis voor iedere veiling samenstelt. Afhankelijk van het veilinghuis en de goederen die worden aangeboden, variëren deze catalogi van gekopieerde velletjes tot luxe, glossy brochures. Soms mag je de catalogus gratis meenemen, soms wordt er een vergoeding voor gevraagd. Vaak is hij ook online te bekijken. In de catalogus kun je ook een richtprijs vinden, die het veilinghuis baseert op de eerdere opbrengst van een vergelijkbaar stuk. Dit is uiteraard niet meer dan een schatting; de uiteindelijke prijs wordt tijdens de veiling bepaald.
Tip: Heb je belangstelling voor een bepaald stuk? Dan is het zinvol om aan de hand van de catalogusgegevens na te meten of het in je huis past. Wat je bij een veiling koopt, kun je namelijk niet ruilen.
Stap 4: controleer de veilingvoorwaarden
Wanneer je overweegt om tijdens de veiling te gaan bieden, dan kan het zinvol zijn om van tevoren de veilingvoorwaarden van het veilinghuis op te vragen. Op die manier weet je wat je rechten en plichten als koper zijn. Zo zul je merken dat je bovenop het hamerbedrag (het bedrag waarvoor het stuk aan jou wordt toegewezen) zogenaamd ‘opgeld’ moet betalen. Dat is de vergoeding die het veilinghuis krijgt voor de inspanningen die het heeft verricht om de koop mogelijk te maken. Een veiling is immers geen winkel met eigen producten, maar meer een makelaar die bemiddelt bij de aan- en verkoop van spullen. Gemiddeld ligt dit opgeld tussen de 25 en 30 procent van het hamerbedrag.
Stap 5: schrijf je in voor de veiling
Heb je besloten om op een of meer stukken te gaan bieden, dan dien je je voor aanvang van de veiling te registreren als potentiële bieder. Je krijgt dan een bordje met een biednummer erop. Als je tijdens de veiling wilt bieden, dien je dit bordje duidelijk in de lucht te steken. Veel mensen zijn bang dat ze door even aan hun neus te kriebelen meteen aan een duur veilingstuk vastzitten. Die angst is dus nergens voor nodig. Je zult overigens merken dat een veiling niet alleen interessant is voor mensen met veel geld. Met een beetje geluk, dat wil zeggen als er toevallig niet veel medebieders zijn, kun je voor een koopje de meest mooie stukken aanschaffen. Bij sommige veilinghuizen dien je na afloop direct te betalen en kun je je aanwinst meteen meenemen. Andere veilinghuizen hebben een loods waar je het stuk op een later tijdstip kunt afrekenen en ophalen.
Tip: Bepaal van tevoren wat de uiterste prijs is die je wilt bieden, zodat je niet wordt meegesleept door het moment en meer uitgeeft dan je je eigenlijk kunt veroorloven.
Meer weten?
www.federatie-tmv.nl
Huis verkopen
Hoe zorg je ervoor dat jouw huis er uit springt als je het wilt verkopen in deze onzekere tijden (of bijvoorbeeld de hypotheek wilt verhogen voor een verbouwing)? Op een aantal factoren heb je natuurlijk geen invloed, maar er is veel dat je wel kunt doen om je huis een waardeverhogende makeover te geven.
Gebreken
Gebreken aan je huis, al dan niet verborgen, kun je het beste verhelpen voor je het huis gaat verkopen. Niet alleen geeft het een betere indruk; je kunt door verborgen gebreken na de verkoop nog in de problemen komen, omdat de koper de kosten van herstel op je kan verhalen. Over het algemeen geldt dat de koper zelf verantwoordelijk is; hij of zij heeft immers het huis gekocht zoals het er stond. Maar er zijn uitzonderingen, dus zoek van tevoren goed uit welke dat zijn. Meer informatie op www.verborgen-gebreken.nl.
Onderhoud
Wat voor gebreken geldt, gaat in enige mate ook op voor het onderhoud. Je bent niet verplicht het huis netjes af te werken voor je het verkoopt, maar het helpt wel. Dat geldt voor het schilderwerk, de dakgoten, de radiatoren, eventuele scheurtjes in muren en ramen, lekkende kranen, enzovoort. Zie het als make-up voor je huis waarmee het mooi voor de dag komt.
Opruimen
Waarschijnlijk kun je zelf wel door de opgestapelde dozen op zolder heen kijken, en door de post op tafel, maar een potentiële koper misschien niet. Opruimen dus! Probeer je huis als een showroom te bekijken en pak de opruiming rigoureus aan. Erg handig: een (tijdelijke) opslagbox huren waar je tegenwoordig fabriekshallen vol van hebt (bijvoorbeeld www.citybox.nl of www.shurgard.nl). Dat kan al vanaf € 12,50 per maand. Zet daar alles in wat je niet direct nodig hebt. Overdrijven hoeft ook weer niet; mensen verwachten van een wegzetzolder wel dat er spullen staan opgeslagen. Maar houd ook die ruimte netjes: zet de koffers op een rij en koop handige kunststof opbergboxen – het liefst door het hele huis dezelfde, in verschillende formaten, ook bijvoorbeeld op de kinderkamers. Handige bakjes of dozen voor post en kleine rommeltjes zijn ook een aanrader. Zorg ook dat je tuin er netjes uitziet.
Probeer te vermijden dat je huis te persoonlijk is door een grote hoeveelheid familiefoto’s en souvenirs; mensen willen graag hun eigen leven op jouw huis kunnen projecteren.
Op de site van de Nederlandse Vereniging van Makelaars (www.nvm.nl) kun je een brochure downloaden met nog meer tips onder het kopje Bezichtigingswijzer.
Functioneel
Zijn er ruimtes in jouw huis waarvan de functie onduidelijk is? Heb je bijvoorbeeld een oude bank op een kamertje gezet dat je verder niet gebruikt? Probeer van iedere kamer de mogelijkheden aan te geven. Zet dus liever een bed dan een bank neer of richt de kamer in als werkkamer. Mogelijke kopers houden van duidelijkheid. Heb je ooit verbouwingsplannen gemaakt en heb je daar nog de tekeningen van (of, nog beter: zelfs al een bouwvergunning), snor die dan op en laat ze zien.
Brochure
Een folder waarin jij je huis presenteert, met foto’s en duidelijke teksten, is zeker aan te raden. Dat hoeft geen full colour, gelikt magazine te zijn; wie handig is op de computer komt een heel eind. Voeg ook eventuele bouwtekeningen of -vergunningen toe. Je kunt ook wat informatie geven over de buurt en de gemeente waar het huis staat; waar zijn de winkels, scholen, sportvelden, culturele voorzieningen, enzovoort. Koop snelhechters en bundel de losse A4-tjes tot een handig boekwerk voor de mensen die je huis komen bezichtigen. Misschien maakt je makelaar ook iets dergelijks, maar een persoonlijke touch maakt de brochure toch aantrekkelijker. Hetzelfde geldt voor een bezichtiging of open dag; probeer enthousiast over te komen over de woning en de omgeving, maar overdrijf niet.
Appeltaart?
Het ligt misschien voor de hand, maar houd het huis schoon in de periode dat het te koop staat. Maak het jezelf wel gemakkelijk door de vloeren zoveel mogelijk vrij te houden zodat je er snel de stofzuiger of een dweil overheen kunt halen. Was de gordijnen en sop het houtwerk af voor je het huis in de verkoop gooit. De bekende appeltaarttruc (waarbij mensen ‘m in de oven zetten voor een bezichtiging vanwege de huiselijke geur) schijnt achterhaald te zijn, want hij is iets te doorzichtig geworden. Maar een verse bos bloemen ruikt ook heerlijk en staat gezellig. Of je hiermee werkelijk de waarde van je huis verhoogt, is de vraag. Maar het is net als met een sollicitatie; je huis krijgt geen tweede kans om een eerste indruk te maken en een mooi plaatje helpt dan wel!
Energielabel
Een energielabel voor je huis is verplicht vanaf 1 januari 2008. Op aandringen van onder meer de Vereniging Eigen Huis heeft het ministerie van VROM besloten vanaf 1 januari 2009 een verbeterde versie te introduceren. Op basis van een berekening geeft het energielabel informatie over de hoeveelheid energie die bij normaal gebruik nodig is voor een gebouw. De meest energiezuinige gebouwen krijgen de letter A op het label, enzovoort. De schaal loopt tot G voor de minst energiezuinige gebouwen. Een energielabel is tien jaar geldig. Kijk of je nog iets aan het energieverbruik van je woning kunt verbeteren en vraag het label tijdig aan. Dat kan bij je stroomleverancier of op www.energielabelnodig.nl.
Schildersdoek
Heb je een voorliefde voor uitbundige kleuren in huis? Helaas is niet iedereen daarvan gecharmeerd. Een blanc canvas, zoals de Engelsen zo mooi zeggen – een leeg schildersdoek waarop mensen hun eigen smaak kunnen loslaten -, is de beste optie. Tja, dat betekent dus witten. Je kunt nog best hier en daar met kleur werken, bijvoorbeeld in de vorm van een baan op de wand. Het helpt ook bij het aangeven van verschillende sectoren in een kamer. Maar kies dan wel voor ‘veilig’: zand, camel en zachtgrijs zijn goede voorbeelden.
Nog meer verhoging?
Over het algemeen zijn dé punten die je huis meer waard maken:
* De locatie. Daar kun je zelf niets aan veranderen, maar de plek waar een huis staat, blijkt voor kopers een van de doorslaggevende redenen om het wel of niet te kopen.
* Isolatie en een redelijk nieuwe HR-ketel.
* Een nette keuken en badkamer. Dat hoeft geen topdesign te zijn, als de inrichting maar praktisch en neutraal is. Vergelijk wat dit betreft je eigen ‘natte’ ruimtes met die van andere huizen in de buurt die in de afgelopen tijd verkocht zijn. Een kleine aanpassing, bijvoorbeeld in de vorm van een nieuw toilet of deurtjes voor de keuken, kost je geen kapitalen en betaalt zich wel terug in de verkoopwaarde van je huis.
Meer handige tips en ideeën vind je op www.stayorgo.nl
Kastfronten
| Hout Als je voor massief hout kiest, kies je voor kwaliteit. Over het algemeen zijn deze fronten van eiken-, kersen, of beukenhout. Hout geeft de keuken niet alleen een warme uitstraling, het is ook nog eens duurzaam. |
![]() |
![]() |
Kunststof Niet echt duurzaam, maar wel goedkoop zijn kastenfronten waarbij een kunststof toplaag is aangebracht op een basis van spaanplaat. Voordeel is dat ze in erg veel kleuren verkrijgbaar zijn. Voor een budgetkeuken is het zeker geen slechte keuze. Een kwalitatief betere maar duurdere variant hierop is massief kunststof. |
| MDF Gelakte kastenfronten worden gemaakt van MDF of HDF (medium/hard density fibreboard): heel kleine houtspaanders die met lijm zijn gemengd en onder hoge druk worden samengeperst. Daardoor kan het materiaal in werkelijk iedere denkbare vorm worden geleverd, met de randen van de kastdeurtjes in het bijpassende profiel gefreesd. MDF en HDF hebben een heel fijne structuur en zijn daarom af te werken met matte of hoogglans lak. Gebruik bij het schoonmaken van hoogglans, mat en blank gelakte fronten nooit schurende schoonmaakmiddelen, maar gewoon lauw water met vloeibare zeep. |
![]() |
![]() |
Varianten Naast hout en kunststof kun je ook kiezen voor kastenfronten van aluminium, roestvrij staal of glas. Afhankelijk van je persoonlijke smaak en wensen kun je diverse materialen ook met elkaar combineren. Je kunt bijvoorbeeld bovenkastjes voorzien van glazen of aluminium kastenfronten en onderkastjes van hout. |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Werkbladen
![]() |
Waar je op moet letten De gemiddelde hoogte van een aanrechtblad is 90 cm maar 95 of 100 cm is ook mogelijk. De ideale werkhoogte? Houd de onderarmen horizontaal gestrekt in een haakse hoek. De handen moeten zich dan circa 15 centimeter boven het aanrecht bevinden. De standaard diepte van een aanrechtblad is 60 cm. Extra diepte geeft meer afzetruimte en is ruimer. Ook is het materiaal van belang. Is het blad bestand tegen hete pannen, is het makkelijk schoon te houden, is het vlekbestendig? Zit er een waterkering in om en kan het in verschillende vormen worden geleverd? |
| Kunststof Kunststof werkbladen zijn bladen van MDF/HPL, spaanplaat of multiplex voorzien van een gelijmde kunststoflaag met bijvoorbeeld een hout-, steen- of fantasiedessin. Deze werkbladen zijn tamelijk kras- en slijtvast en geschikt voor licht keukenwerk. Het is wel verstandig om een snijplank en onderzetters te gebruiken. Naast werkbladen met een gelijmde kunststoflaag zijn er ook werkbladen die helemaal van kunststof zijn. Dit zijn volkunststoffen werkbladen. Volkunststoffen zijn watervast, niet poreus en ze kunnen tegen een stootje. Mocht er onverhoopt toch iets beschadigen, dan kun je dat onzichtbaar repareren. Gebruik wel altijd een onderzetter, want het materiaal kan niet tegen hitte. |
![]() |
![]() |
RVS Een roestvrijstalen werkblad is niet alleen praktisch en hygiënisch, maar ook een naadloos geheel, omdat de spoelbakken in allerlei vormen uit een vlakke plaat kunnen worden gemaakt. Het materiaal is ijzersterk en niet poreus, al komen er door het gebruik wel krasjes in. Gebruik op een roestvrij stalen werkblad daarom altijd een snijplank. |
| Hout Hout is bijna overal op zijn plaats en elk werkblad is uniek, omdat het zijn eigen structuur heeft. Voor de afwerking wordt vaak een harde transparante lak gebruikt, eventueel gecombineerd met gekleurde beits, waar na verloop van tijd krasjes in zullen komen. Gebruik daarom altijd een snijplank. Gelakte en geoliede werkbladen kunnen met een zacht schoonmaakmiddel worden schoongemaakt. Gebruik echter geen chloor, spiritus of schuurmiddelen. Hout kan goed warmte verdragen, maar pannen kunnen er beter niet direct op worden gezet. |
![]() |
![]() |
Steen Doordat de randen er later aan worden gezet, blijven de naden bij steen altijd te zien. Een stenen werkblad kan goed tegen hete pannen, is kras- en slagvast. Omdat het geen enkele veerkracht heeft, valt glaswerk en serviesgoed er makkelijk op kapot. Laat je per steensoort goed informeren over vlekvorming. Bepaalde middelen/kleurstoffen kunnen vlekken veroorzaken. Voorbeelden van steensoorten zijn: grabiet, marmer, Belgisch hardsteen en lavastone. |
| Beton Een nieuwe trend is een aanrechtblad van beton. Dit wordt ter plekke gegoten, desgewenst met waterkering. Beton kan door middel van olie beschermd worden tegen vlekken. Het is normaal dat in beton kleine belletjes (van het gieten) zitten en dat haarscheurtjes ontstaan, maar dat is nu juist de charme van het materiaal. Kunststeen |
![]() |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Ventileren
Etensgeuren die in huis blijven hangen zijn nooit zo prettig. Het is veel lekkerder als er frisse lucht kan binnenstromen en onaangename lucht wordt weggezogen. Met een afzuigkap is dat -zelfs in een (half) open keuken- geen enkel probleem.
| Afzuigsystemen Er zijn drie soorten afzuigsystemen om de etensluchtjes mee af te voeren: Afzuigsysteem direct naar buiten |
![]() |
![]() |
Afzuigkappen Schouwmodel Vlakschermkap Onderbouwmodel Geïntegreerd model |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Spoelbakken
| RVS Globaal gezien zijn er drie verschillende soorten spoelunits: de enkele spoelbak, de dubbele spoelbak en de dubbele spoelbak met tussenvak. Voor wie zelden uitgebreid kookt of weinig ruimte heeft, is een enkele spoelbak genoeg. In veel andere gevallen is een dubbele spoelbak het handigst. Een vlak in het aanrechtblad ingebouwde spoelbak is praktischer dan een bak die op het aanrecht rust. Het water loopt makkelijk van het werkblad in de spoelbak en er verzamelt zich geen vuil op plaatsen die moeilijk zijn schoon te maken. |
![]() |
![]() |
Hardsteen Omdat hardstenen spoelbakken op maat moet worden gemaakt, is dit één van de duurste mogelijkheden. Je zult hier namelijk voor naar een steenhouwer moeten. Voordeel is wel dat de keuken er veel persoonlijker van wordt. Het mooiste effect krijg je wanneer het werkblad en de spoelbak van dezelfde steensoort zijn. |
| Keramiek Een keramische spoelbak heeft een oppervlak dat bestaat uit een glazuurlaag die onder hoge temperatuur aan de keramieklaag is gehecht. Deze laag vormt een keiharde bescherming maar is niet helemaal krasvast. Kunststof |
![]() |
Kranen
Net als de greep van de kast maakt de kraan de keuken af. Persoonlijke smaak is daarbij vooral het belangrijkst.
![]() |
Waar je op moet letten Qua kraankeuze zijn er verschillende mogelijkheden. Zo kun je kiezen voor een hypermoderne kraan met een sensor of juist voor een ouderwetse kraan met koud- en warmwatergreep. Of je nu kiest voor een strakke, sierlijke of klassieke kraan, vergeet in ieder geval niet te informeren naar ingebouwde filters. Chloor, zware metalen en bacteriën worden hiermee namelijk uit het water gefilterd. Bij kranen met een KIWA-keurmerk weet je zeker dat je kwaliteit aanschaft en dat er in de kraan geen giftige stoffen zijn verwerkt, die in het drinkwater terecht zouden kunnen komen. |
![]() |
Quooker Erg handig in de keuken is een kokend water kraan (quooker). Daarmee heeft u in een handomdraai gezuiverd en goed doorgekookt water met een temperatuur van honderd graden. Een kokend waterkraan heeft een kinderveilige sluiting en kan bovendien tot dertig procent waterbesparing opleveren. Qua kraankeuze zijn er verschillende mogelijkheden. Zo kun je kiezen voor een hypermoderne kraan met een sensor of juist voor een ouderwetse kraan met koud- en warmwatergreep. Of je nu kiest voor een strakke, sierlijke of klassieke kraan, vergeet in ieder geval niet te informeren naar ingebouwde filters. Chloor, zware metalen en bacteriën worden hiermee namelijk uit het water gefilterd. Bij kranen met een KIWA-keurmerk weet je zeker dat je kwaliteit aanschaft en dat er in de kraan geen giftige stoffen zijn verwerkt, die in het drinkwater terecht zouden kunnen komen. |
Koelen en vriezen
Bij de keuze van een koelkast of vriezer spelen een aantal persoonlijke overwegingen een rol. Kies je inbouw of kies je een vrijstaand model en wil je in de keuken zowel koelen als vriezen?
![]() |
Waar je op moet letten Een koelkast koelt doordat hij via een aggregaat met koelvloeistof warmte onttrekt aan het koelgedeelte. Omdat de warmte er aan de achterkant van het apparaat wordt uitgeblazen, moet de kast altijd iets van de muur staan. Bij de aanschaf van een koelkast zijn er een paar dingen waar je op moet letten: op de eerste plaats natuurlijk hoe groot hij moet zijn. Verder maakt het ook uit hoe lang je het eten bewaart. Wie iedere dag winkelt, heeft immers minder ruimte nodig dan iemand die maar één keer per week boodschappen doet. |
| KoelvriescombinatieOmdat het aantal sterren de temperatuur van het vriesvak aangeeft, heeft een koelkast zonder vriesvak geen sterren. De gemiddelde bewaartemperatuur van een koelvriescombinatie met één ster is -4°C. Met twee sterren kun je diepvriesproducten circa twee weken bewaren. Meestal is een drie- of vier sterren vriesvak voorzien van een aparte deur of klep. De temperatuur in dit gedeelte is altijd lager dan -18° C. Daarin kun je levensmiddelen invriezen. | ![]() |
![]() |
Vriezen Met een diepvriezer bespaar je heel wat tijd. Je haalt in één keer de voorraad voor een week in huis. Vries je boodschappen wel zo snel mogelijk in. Vitaminen en bouwstoffen gaan anders snel verloren. Het aantal sterren van een diepvriezer geeft de mogelijkheden van het apparaat aan. |
| Sterren* = Dit vak heeft een temperatuur van ongeveer -6°. De inhoud van de vriezer kan dus ongeveer een week bewaard worden. ** = De temperatuur is ongeveer -12°, de inhoud kan een paar weken bewaard worden. *** = De temperatuur is ongeveer -18°, de inhoud kan langere tijd worden bewaard. **** = In een viersterren vriesvak is de temperatuur -28° of kouder, en het eten kan maandenlang goed gehouden worden. |
![]() |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Kooksystemen
![]() |
Gas De meeste mensen zijn wel vertrouwd met koken op gas en dus ook met de voor- en nadelen ervan. Gasgestookte kooktoestellen zijn goedkoper dan elektrische kookunits en hebben minder tijd nodig om op te warmen en af te koelen. Dit maakt koken op gas dan ook favoriet bij koks, de professionals. Een nadeel is wel dat een gastoestel moeilijker schoon te houden is. Verder kost de verbranding van gas behoorlijk wat zuurstof en levert het kooldioxide op. Zorg dus bij het koken op gas voor goede ventilatie en een afzuigkap. |
| Gas onder glas Gas onder glas combineert de voordelen van koken met gas met het schoonmaakgemak van een vlakke kookplaat. Dit systeem kan makkelijk worden aangesloten op de bestaande gasaansluiting (aardgas, butaan of propaan). Bovendien is het voordeliger dan koken op een keramische plaat. |
![]() |
![]() |
Elektrisch Voor elektrisch koken hoef je geen bijzondere ventilatie te installeren en kun je bovendien het kookproces volledig automatisch regelen. Houd er wel rekening mee dat je alleen aan een verklikkerlampje kunt zien of een elektrische kookplaat is ingeschakeld. Mocht je het toestel aan laten staan, dan schakelt het zich vanzelf uit na vier uur niet gebruikt te zijn. |
| Inductie Bij inductie komt warmte vrij door wrijving tussen elektromagnetische velden, waardoor er warmte ontstaat in de bodem van de pan. De kookplaat wordt niet warmer dan de temperatuur van de pan (ca 100 graden celsius). Bij keramische kookplaten kan dit soms wel 550 graden celsius zijn. Hoewel inductie niet goedkoop is in aanschaf, is het wel voordelig in verbruik. Houd er rekening mee dat bij inductie alleen pannen met een bodem van staal, gietijzer of koper gebruikt kunnen worden. |
![]() |
![]() |
Keramisch De pan wordt bij keramisch koken verwarmd met behulp van elektrische spiralen die onder glas zijn gemonteerd. Als je van plan bent om keramisch te koken, houd er dan rekening mee dat het lang duurt voordat de plaat heet is en is afgekoeld. Tegenwoordig zijn er moderne technieken zoals halogeenlicht, high speed en hightransglas die dit weten op te lossen. Nadeel is dat de glasplaat makkelijk en snel beschadigt. Doordat je op een vlakke plaat kookt, is het wel weer makkelijk schoonmaken. |
| Durf te combineren Koken bestaat allang niet meer alleen het serveren van een stukje vlees met aardappelen en groenten. Dankzij de culinaire invloed van andere culturen combineren we steeds vaker kooktechnieken met elkaar. Houd bij de keuze van je kookunit goed rekening met je wensen. Misschien kook je veel met een wok, of gril je veel. Een speciale brander zoals een wokbrander of een grillplaat is dan geen slecht idee. Ook kun je de gemakken van de diverse kooksystemen met elkaar combineren. |
![]() |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Magnetron
![]() |
In een magnetron wordt het voedsel verwarmd door microgolven, die de kleinste deeltjes in het voedsel in beweging brengen. Dat zorgt voor wrijvingswarmte van binnenuit waardoor het eten in sneltempo verwarmd wordt. De microgolven mogen niet ontsnappen omdat ze schadelijk kunnen zijn voor mensen die in de buurt staan. Daarom is de bemanteling van een magnetron van metaal. Let er bij aanschaf van een apparaat altijd op dat het is voorzien van KEMA-keur. Je kunt er dan van uitgaan dat het met de veiligheid wel goed zit. |
![]() |
Combimagnetron De combimagnetron is een veelzijdig apparaat en verenigt de functies van magnetron, heteluchtoven en de grill. Je kunt er in koken, bakken, en braden. De functies zijn niet alleen afzonderlijk, maar ook in combinatie te gebruiken. Je kunt dus traditioneel koken, alleen dan twee keer zo snel. Aan de bovenkant van de meeste combimagnetrons zit een afvoeropening voor hete lucht. Zet de magnetron daarom nooit direct onder een bovenkastje op het aanrecht want boven het toestel moet minimaal vijftien centimeter ruimte vrij blijven. |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Ovens
![]() |
Elektrisch: conventionele oven Elektrische ovens (ook wel bakovens genoemd) worden het meest gebruikt en gekocht. Er zijn twee soorten: de conventionele en de hetelucht bakovens. Conventionele bakovens zijn geschikt voor de traditionele bereiding van voedsel: onder en boven in de oven zijn elektrisch verhitte elementen die met een verschillend vermogen werken. Bij de hetelucht bakoven (ook wel turbo-oven genoemd) wordt verwarmde lucht door de oven geblazen. De combinatie van de hete lucht en de elektrische elementen zorgt voor een goede en snelle verdeling van de warmte in de oven. Hierdoor kunnen meerdere gerechten tegelijk op dezelfde temperatuur verwarmd worden. Een elektrische oven is door de lage minimumtemperatuur (± 50 graden) ook geschikt voor het warmhouden van gerechten. |
| Gasoven Een gasoven is vochtiger, waardoor de smaak van een gerecht beter wordt bewaard: vlees blijft malser en deeg luchtiger. Bovendien is een gasoven milieubewuster dan de elektrische variant, omdat het energieverbruik lager ligt. Voor een gasoven is geen aparte elektrische aansluiting nodig, je kunt hem aansluiten op een bestaande groep. Het verwarmingselement van een gasoven is bijna twee keer zo zwaar als die van een elektrische oven, waardoor een gasoven sneller op temperatuur is en de temperatuur constant blijft. Let wel op de minimum temperatuur van een gasoven, sommige werken vanaf 50 graden, andere pas vanaf 140 graden. Die zijn dus minder geschikt voor het warmhouden van gerechten. Net als de elektrische oven kent ook een gasoven een heteluchtvariant. De gasoven met heteluchtcirculatie komt sneller op temperatuur dan zijn elektrische evenknie. |
![]() |
![]() |
StoomovenModern zijn stoomovens waarin gerechten onder hoge druk supersnel worden verhit. De stoom wordt tussen de gerechten geblazen, waardoor die in korte tijd gaar zijn. Voordeel is dat vitamines, smaak, voedingswaarde en kleur beter bewaard blijven dan bij traditioneel koken in water. Door de hete stoom is bovendien geen vet of olie nodig. Aanbakken is er niet bij: de hete lucht wordt nooit warmer dan 105 graden. In een stoomoven kun je ook ontdooien, gratineren, blancheren, opwarmen, bakken, braden en grilleren. Naast aansluiting op het lichtnetwerk moet een stoomoven ook worden aangesloten op de waterleiding. |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Vaatwassen
Het is verstandig om bij het maken van de keus voor een vaatwasser rekening te houden met de omvang van het huishouden, de keuken en je persoonlijke voorkeur. De overweging om te kiezen voor een inbouwmodel of een vrijstaand model is veelal persoonlijk. Het hangt af van de inrichting en grootte van de keuken.
![]() |
Ruimte besparen Voor kleine huishoudens zijn er extra smalle vaatwassers van 45 cm die ingebouwd kunnen worden. Om zuinig met ruimte om te gaan, zijn er ook vaatwassers in de vorm van een ladensysteem. Zeker wanneer je weinig bewegingsvrijheid hebt in de keuken, is dit een goede oplossing. Voor kleine huishoudens is dit systeem ook verkrijgbaar met één lade. Energietip: Vergelijk ook het water- en energieverbruik van de verschillende apparaten. |
![]() |
Capaciteit van de wasmachine Hoeveel er in een afwasmachine kan, wordt afgemeten in standaardcouverts. Zo’n couvert bestaat uit elf onderdelen: een dessertlepel, eetlepel en theelepeltje, een dessertbordje, een diep en een plat bord, mes en vork, kop en schotel en een glas. Het gemiddeld gebruik per persoon per dag is berekend op drie standaardcouverts. In bijna alle standaard vaatwassers van zestig cm breed is ruimte voor zeven tot twaalf standaardcouverts. |
Wasprogramma
Afhankelijk van uitvoering en prijs hebben vaatwassers zo’n twaalf programma’s. De eenvoudigste machine spoelt voor, reinigt normaal (op 65° C) en kan spaarwassen (op 50° C).
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Verlichtingsplan
Verlichting is een belangrijk onderdeel van de inrichting. Het is dan ook verstandig om tijdens de bouw van een nieuw huis of voor de verbouwing een verlichtingsplan op te stellen. Zo kun je op essentiële plaatsen lichtpunten inbouwen en voorkomen dat stopcontacten ontbreken op gewenste plekken. Als stelregel kun je nemen: 2 (dubbelen) stopcontacten in elke hoek van de kamer.
Dimmers
Het is handig als je de lichtsterkte van een lamp kunt aanpassen, bijvoorbeeld met een dimmer. Houd er rekening mee dat je een dimmer niet in combinatie met een spaarlamp kunt gebruiken en dat voor halogeenlampen een speciale dimmer nodig is. Er zijn teledimmers te koop, waarmee je het licht op afstand kunt bedienen.
Lichtkleur
De kleur van het licht maakt heel veel uit. Zo kun je voor een gele of roze kleur kiezen voor extra warmte in de huiskamer. Denk eraan dat verlichting in de woonkamer verschillende doelen moet kunnen dienen, dus zowel geschikt moet zijn om televisie bij te kijken, te lezen of lekker te schemeren.
Tip: Je kunt je lievelingsmeubelstukken extra aandacht geven door er een spot op te richten.
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Lampen
![]() |
Gloeilampen Ruimtes waar je een warme sfeer wilt creëren, vragen om gloeilampen, die het licht op een natuurlijke wijze weergeven. Wanneer je een matte gloeilamp kiest in plaats van een heldere, spreidt het licht zich beter. Spaarlampen |
![]() |
Halogeenlampen Halogeen is heel geschikt om aandacht te vestigen op een deel van de kamer. Een halogeenlamp geeft twee keer zoveel licht als een gloeilamp en heeft een dubbele levensduur. Veel halogeenarmaturen zijn uitgerust met een speciale transformator die netspanning omzet in laagspanning. Een halogeenlamp ontwikkelt veel warmte en moet daarom altijd voorzien zijn van veiligheidsglas. Als u halogeen inbouwt in een plafond moet er minstens 20 cm loze ruimte boven zitten om warmte op te vangen. In tegenstelling tot een spaarlamp is een halogeenlamp wél geschikt om te dimmen. Dit moet dan wel met een dimmer geschikt voor halogeen. Wanneer u een halogeenlamp vervangt, doe dit dan niet met de blote handen. Het vuil van de handen kan ervoor zorgen dat de lamp uitbrandt. Gebruik daarom een vetvrije doek of het omhulsel van de verpakking. TL lampen |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Speciale verlichting
Keukenverlichting
Vooral tijdens het koken is de lichtval heel belangrijk. Als het licht van achter komt, werk je immers in je eigen schaduw. Een mooie plek voor de lichtbron is ingebouwd in of onder een bovenkastje en dan zo gemonteerd dat het licht niet in je ogen schijnt maar op het werkblad. Bovendien kan een kast met glazen deurtjes mooi uitgelicht worden door er een lamp in te bevestigen.
Let er bij het licht op dat het eten er smakelijk uitziet. Berucht waren de witte tl-buizen die vroeger in veel keukens werden gebruikt: veel gerechten zagen er bij dat licht uit alsof ze drie dagen buiten hadden gestaan. TL is nu ook in allerlei zachte tinten te koop.
Badkamerverlichting
Daglicht is ideaal in de badkamer. ’s Avonds en wanneer je niet over ramen in de natte ruimte beschikt, zul je het met de juiste verlichting moeten doen. Zorg naast de algemene verlichting voor goed licht bij de spiegel. Plaats de verlichting niet te ver van de spiegel én symmetrisch zodat je niet in je eigen schaduw staat. Let erop -in verband met je eigen veiligheid- dat de lamp die je gebruikt geschikt is voor natte ruimten.

Buitenverlichting
Een buitenlamp met bewegingsmelder is niet alleen handig wanneer je in het donker de sleutel in het slot moet steken, maar schrikt ook potentiële inbrekers af. Plaats in een lamp met bewegingsmelder geen spaarlamp. Spaarlampen hebben namelijk een opwarmperiode nodig. Kies voor een ‘persglaslamp’ of een felle halogeenlamp. Er zijn ook lampen te koop met een ingebouwde sensor die vanzelf aangaan als het donker wordt. Hierin kan wel een spaarlamp worden geplaatst.
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Verlichtingssoorten
Functie of sfeer?
Grofweg zijn er 2 soorten verlichting; functieverlichting en sfeerverlichting. Beide zijn onontbeerlijk in een leefruimte. Bij functieverlichting schijnt het licht gericht op een begrensd vlak, zodat je bijvoorbeeld prima een boek kunt lezen. Bij sfeerverlichting wordt het licht juist in alle richtingen verspreid. Zogenoemde spreiders geven een zacht, maar schaduwloos licht in de ruimt en hebben doorschijnende kappen van papier, stof of glas.
Downlights
Worden aan of in het plafond gehangen en richten het licht recht omlaag. Het verschil met een plafondlamp is dat het licht van de downlights voor meer contrast zorgt dan de lamp aan het plafond.
Tip: plaats meerdere downlights bij elkaar zodat je een goede verspreiding van licht krijgt.
Uplights
Met uplights wordt het licht via het plafond verspreid en krijg je een schaduwloos licht. Wanneer je een huis hebt met lage plafonds, dan zijn uplights een goede oplossing. Omdat zij de kamer via het plafond verlichten, wordt de kamer hoger en ruimer.
Hanglamp
Hanglampen hebben als taak een gelijkmatig, schaduwloos licht over de ruimte te verspreiden. Ze egaliseren sterke contrasten en vormen een zachte overgang tussen donkere en verlichte vlakken. Met omhoog gericht licht wordt het hele plafond als reflector gebruikt. De afstand tussen de lamp en de tafel waarboven een hanglamp hangt, moet 55-60 cm bedragen. Op deze hoogte zal de lamp niet verblinden of het uitzicht belemmeren. Voor zuiver licht -om bijvoorbeeld te lezen of te werken- kan de lampenkap van binnen het beste wit zijn.
Plafondlampen
Plafondlampen kun je zowel omhoog richten als naar beneden. Omhoog gericht wordt het plafond benut als reflector. Op deze manier verlicht je de ruimte via het plafond. Wanneer het licht omlaag wordt gericht, moet je ervoor zorgen dat de lichtbron is afgeschermd met bijvoorbeeld een rooster. Op deze wijze zorgt de lamp niet voor verblinding.
Staande lampen
Staande lampen zijn verkrijgbaar als richter en als spreider. Als richter kan de staande lamp worden gebruikt als leeslamp bij een fauteuil. Als spreider geeft een staande lamp de kamer een gezellige algemene verlichting.
Tafellampen
De meest gezellige sfeerverlichting in de kamer krijg je vaak met behulp van een tafellamp. Een tafellamp met een wijde lampenkap die is goedgekeurd voor tenminste 60 watt, kan ook als lees – en bureaulamp worden gebruikt.
Wandlampen
Wandlampen kunnen op meerdere manieren worden gebruikt. Ze kunnen bijvoorbeeld bij een spiegel het gezicht mooi verlichten of in de hal een mooie sfeerbegeleider zijn. Wandlampen die gericht licht moeten geven, zijn vooral bedoeld als leesverlichting bij het bed of de bank. Ze kunnen natuurlijk ook dienen als wandversiering of iets verlichten wat extra aandacht verdient.
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Schakelaars
Schakelaars zijn een ondergeschoven kindje in de woonmarkt. Veel mensen laten standaard materiaal plaatsen door de installateur. Jammer, want als je niet oplet, heb je schakelaars die totaal niet bij je inrichting passen. Terwijl er genoeg te kiezen valt, in materiaal, vorm en kleur.
Soorten en maten
Klapdeksels en afwerkframes zijn in vrijwel alle materiaalsoorten verkrijgbaar: glas, hout, kunststof, rvs (vlekvrij!), aluminium, terra cotta. Goed om te weten: ze zijn er zelfs in alle RAL-kleuren. Berker levert zelfs in materialen als porselein, Swarovski-kristal en edelmetalen. Het basisschakelmateriaal heeft een vaste prijs. De afdekramen bepalen de prijs. Afhankelijk van het materiaal dat je kiest, lopen de prijzen uiteen van € 2,- tot € 25,-.
Kies prijsbe
wust
Kijk voordat je de schakelaars kiest waar ze worden geplaatst. Voor alles op ooghoogte en in het zicht kies je ‘mooie’ schakelaars, voor alle plaatsen die niet in het zicht vallen (achter kasten e.d.) kies je standaardmateriaal.
Rust, reinheid en regelmaat
Houd een muur zo rustig mogelijk. Het is helemaal niet nodig om allerlei schakelaars bij elkaar te laten plaatsen. Kies voor een meervoudig afdekraam waarin tv, telefoon, audio en verlichting zijn gecombineerd.
Randaarde móet
Randaarde is sinds enkele jaren de norm. Veel mensen vinden het niet zo mooi als je de metalen contactjes ziet in het stopcontact, maar ook daar is iets aan te doen: er bestaan klapdeksels voor over het stopcontact, zodat het er hetzelfde uitziet als de schakelknop zelf.
Kant-en-klaar kindvriendelijk
Ooit gehoord van veilige, kindvriendelijke schakelaars? Ze bestaan! Geen gedoe meer met stickers of rondjes die je er later weer uit moet peuteren. Voor een paar euro meer heb je een kant-en-klare veilige wandcontactdoos.
Op de tast
Iedereen kent ze: de draaidimmers. Vooral in huishoudens met kinderen gaan ze snel kapot, doordat kinderen en volwassenen vanuit een andere hoek draaien. Hier is een oplossing voor die er ook nog eens mooier uitziet: de tastdimmer. Tastdimmers bedien je door erop te drukken. Door lang of kort te drukken bepaal je de dimsterkte.
Programmeren
Sommige tastdimmers kun je voorprogrammeren en ‘vastzetten’ op een bepaalde stand. Handig: er zijn nu ook seriedimmers op de markt, waarmee je een hele lichtgroep kunt bedienen. Bij de grote merken zijn ook de seriedimmers in verschillende uitvoeringen verkrijgbaar.
Rariteiten
Ze bestaan: schakelaars met afstandsbediening. Zolang je kiest voor radiografisch, dan hoeft het niet eens al te prijzig te worden. Nog een aparte: plakschakelaars en plakdimmers. Werken met een batterij en een stuursignaaltje. Ideaal voor bijvoorbeeld bedlegerige mensen.
Oud & nieuw
Goed nieuws voor mensen die een oud pand willen opknappen of willen renoveren. De oude vormen zijn opnieuw op de markt gebracht. Dus ook de oude zwarte draaiknoppen die vroeger bij je grootouders naast de deurpost waren bevestigd zijn gewoon verkrijgbaar. Niet van bakeliet weliswaar, maar een serieuze lookalike. (verkrijgbaar bij Berken onder de naam Serie 1930).
Wist je dat…
…het ook buiten best mooi kan? Er is inbouwschakelmateriaal voor buiten. Geen lelijke grijze dozen (opbouwschakelmateriaal) op het terras, de veranda of tegen de garage. Gira levert zelfs inbouwschakelmateriaal in wit, zilver en antraciet.
Tot slot: bezint voor gij begint
Begin vooraf altijd met oriënteren. Kijk op het internet of ga langs bij een speciaalzaak. Ook de installateur zou je goed moeten kunnen informeren.
Wat is een schakelaar?
Een schakelaar is in elektrische zin een ‘verbinder’ waarbij vaak twee geleidende delen met elkaar verbonden worden. Omgekeerd kan een schakelaar de stroomkring juist verbreken. De bekendste is de lichtschakelaar in huis waarmee een lamp ‘aan’ of ‘uit’ gedaan kan worden. Niet alle schakelaars kennen slechts twee toestanden. Er zijn ook schakelaars, zoals de schuifschakelaar en de draaischakelaar, die op meer dan twee punten een verbinding maken of breken. Er bestaan ontzettend veel soorten schakelaars, waaronder de tijdschakelaar, de reedschakelaar en de kwikschakelaar. We kennen ook spaarschakelaars, helderdonkerschakelaars en hotelschakelaars. Bij deze laatste schakelaar is het mogelijk op twee of meer punten de stroomkring te verbreken of weer te herstellen.
Draadloos
Hartstikke handig, al die elektrische apparaten, maar die snoeren naar de lampen, alle apparaten, de telefoon… Als het draadloos kan, ja graag!
Internet
De voordelen van een draadloos netwerk liggen voor de hand. Je hoeft geen kabels meer aan te leggen en je kunt draadloos internet ontvangen op elke plek in huis binnen het bereik van het toegangspunt (access point). Hindernissen beperken het bereik. Vooral betonnen muren en plafonds zijn berucht. Een aantal manieren om je bereik te verbeteren:
* Plaats het access point zo hoog mogelijk.
* Zet de netwerkapparatuur niet in een hoek als dat niet nodig is
* Aanrader: plaatsing op een centraal punt in huis, bijvoorbeeld op de middelste van drie verdiepingen.
* Houd de netwerkapparatuur uit de buurt van metalen voorwerpen of oppervlakken.
* Een versterker die het signaal oppikt – dicht bij het volgende apparaat op het netwerk – en weer doorstuurt, kan uitkomst bieden.
* Er zijn ook nadelen; Iets wat draadloos is, kan worden gehackt. Daarom is beveiliging belangrijk, vooral als het gaat om gevoelige zaken zoals internet. Veel draadloze apparatuur is digitaal waardoor het ook eenvoudig te beveiligen is, bijvoorbeeld met een code of wachtwoord. Verder is beveiligende software natuurlijk nooit een overbodige luxe.
Aan en uit
Er zijn zenders en ontvangers op de markt waarmee je verlichting, apparatuur en zonwering draadloos kunt aan- en uitschakelen of dimmen. Dat kan handmatig (met een afstandsbediening of opplak wandschakelaar) of automatisch (met een timer, bewegingsmelder of schemer sensor). Je kunt beginnen met een zender en een ontvanger. Daarna kun je het systeem naar wens uitbreiden (www.klikaanklikuit.nl).
Digitale televisie
Digitaal televisie kijken kan in Nederland via je kabelaanbieder, de ether, de schotel en via de telefoonlijn (ADSL2/2+). Niet met (weer) een snoer, maar via de decoder: een digitale ontvanger. De decoder zet het digitale signaal om in een signaal dat geschikt is voor de tv. Kijk je op deze manier digitale televisie, dan heeft je toestel uiteraard wél nog steeds stroom nodig, maar het scheelt toch weer een kabel. Er zijn nog meer voordelen aan digitaal kijken; om te beginnen het verschrikkelijk mooie beeld dat je digitaal binnen krijgt. Vooral als je een LCD of plasma tv hebt, lijkt het gras groener en de muziek live gespeeld in je huiskamer! Daarnaast neemt het aantal zenders enorm toe. Zo kun je bijvoorbeeld kiezen voor een speciaal filmkanaal, waar je uit films kunt kiezen op tijden dat jij wilt. Heb je een wat ouder toestel en ben je bang dat digitale ontvangst niet mogelijk is? Alle tv’s van na 1988 hebben de benodigde scart-aansluiting. Ook als je bijvoorbeeld maar tien kanalen hebt, kun je toegang krijgen tot tientallen zenders.
Robothuis
Stel je voor: je koelkast is bijna leeg, maar wordt automatisch aangevuld door de boodschappendienst. Met één klap zet je de televisie en met nog een klap dim je alle lampen… Dat lijkt toekomstmuziek, maar er wordt al tien jaar hard aan gewerkt door een keur aan organisaties. Domotica is het toverwoord. Dat is een samenvoeging van ‘domus’ (woning) en robotica en een ander woord voor ‘woonhuisautomatisering’. Het wordt nu al hier en daar gebruikt, voornamelijk om veiligheid en comfort te verhogen, maar bijvoorbeeld ook voor energiebesparing. Bij domotica worden alle automatische processen met elkaar verbonden en bestuurd door een centrale computer. Heel wat terugkerende handelingen kunnen je nu vergeten nadat je ze één keer goed hebt geprogrammeerd. Denk aan verlichting, verwarming, ventilatie, beveiliging, telefoon, televisie… Er zijn verschillende systemen waarmee domotica kan worden aangebracht en er zijn mogelijkheden voor nieuwe én bestaande woningen. (www.domotica.nl)
Handigheidjes in huis
Er is enorm veel huishoudelijke en klusapparatuur te koop die draadloos is. Het merendeel heeft wel een lader nodig, maar als je die op één plaats concentreert, heb je er weinig last van. We doen een greep: boormachines, tandenborstels, (staaf)mixers… Ook heel handig: een draadloze deurbel, dat scheelt weer een snoertje door de gang. Als je een nieuw huis gaat betrekken, is een centraal stofzuigsysteem door het hele huis laten aanleggen, een optie die het overwegen waard is. Denk je eens in: nooit meer sjouwen met de stofzuiger en geen ellenlang snoer dat overal achter blijft haken!
Wegwerkers
Helemaal snoerloos leven, dat zal misschien niet lukken. Maar door een aantal draadloze producten te gebruiken en de hoeveelheid overige snoeren en laders via handige oplossingen te beperken, maak je je leven én je interieur wel een stuk rustiger en praktischer. Een hoop van die handigheidjes vind je onder de kop ‘Met een stekker’ elders in deze VT Wonen. Om maar te noemen: mooi en grappige vormgegeven oplaadstations voor al je laders en de Cable Turtle waarin je een teveel aan snoer op kunt bergen.
Rollers en kwasten
Verf en een kwast of een roller en een bakje. Meer lijkt niet nodig om te gaan schilderen. Maar voor het beste resultaat is het belangrijk om met de juiste kwast of roller te werken. Eentje met echt haar of kunsthaar, een dikke of een dunne. En voordat er gaat worden gesmeerd: ook een kwast wil worden ingewerkt!
Kies kwasten van echt haar…
Professionele schilders zweren bij kwasten die zijn gemaakt van echt haar. Meestal is hiervoor zwart, Chinees varkenshaar gebruikt. Deze haren nemen meer verf op dan kwasten van kunsthaar, zodat u de kwast minder vaak in het blik hoeft te dopen. Bovendien verdelen deze haren de verf beter en vallen ze minder snel uit, zodat het resultaat mooier wordt. Kwasten met echt haar herken je doordat er aan het uiteinde van de haren een soort weerhaakjes zitten.
…maar gebruik kunsthaar voor acrylverf
Bij het gebruik van acrylverf kunt u beter een kwast met kunsthaar gebruiken; als u een kwast gebruikt met echt haar, gaan de ‘weerhaakjes’ aan het einde van de haren aan elkaar kleven. Daardoor wordt het resultaat streperig. Met een kunstharen kwast gebeurt dat niet. Toch zijn er schilders die ook voor acrylverf het liefst een kwast met echt haar gebruiken. Die maken ze dan tussendoor regelmatig schoon met warm water.
Lange haren = lekker soepel
Met een kortharige kwast voelt een verfbeweging stug aan. Met langere haren gaat het schilderen lekker soepel.
Hoe fijner het werk, hoe dunner de kwast
Hoe dik de kwast moet zijn, is iets persoonlijks. Er is wel een richtlijn: dikte 8 is goed voor de fijne randjes en dikte 16 voor de wat bredere stukken. Voor grote oppervlakten is dikte 22 of 24 prettig.
Snijkwasten voor het fijne werk
Gebonden kwasten, ook wel snijkwasten genoemd, worden bij de inplant bij elkaar gehouden door een touwtje. Hierdoor gaan de haren minder snel uitstaan, dat is funest bij een heel nauwkeurig werkje.
Inwerken
Iedere kwast – ook eentje van echt haar – valt uit in het begin. Haal daarom een nieuwe kwast voordat u begint even langs een schuurpapiertje. Gebruik hem daarna niet meteen om af te lakken, maar werk hem eerst in met bijvoorbeeld een grondverfklus.
Géén roller van schuimrubber
Als u gaat werken met een verfroller, kies dan geen roller van schuimrubber. Door de poreuze structuur krijg je geen mooi egaal resultaat, maar houd je altijd een sinaasappeleffect. En bij hoogglansverf ontstaan er bovendien snel belletjes. Gebruik daarom liever een kortharige roller. Daarmee brengt u een iets dikkere laag verf aan dan met een roller van schuimrubber. Daardoor is het schilderwerk beter beschermd en blijft het langer mooi. Bovendien dekt een kortharige roller beter. Voor een grove muur is een roller van katoen heel geschikt. Die bestaat uit katoenen draadjes die goed in de structuur van de muur komen. Voor gladdere muren kies je een vachtroller, die meestal is gemaakt van schapenvacht.
Maak de roller eerst nat
Schud hem daarna goed uit en rol hem dan pas door de verf. Zo wordt voorkomen dat de roller in één keer veel verf opneemt, waardoor hij erg zwaar wordt.
Bewaren? Gewoon in de verf
Klaar voor vandaag? Haal de kwast of kortharige roller dan druipend uit de verf en wikkel hem in aluminiumfolie. Grotere rollers kunt u ondergedompeld in de bak verf laten staan met een plastic (vuilnis)zak eromheen. Op deze manier kunt u de verfspullen ongeveer drie dagen bewaren.
Bewaargeheim: lijnzaadolie
Bent u helemaal klaar, spoel dan de kwast of roller goed uit. Bij verf op waterbasis, spoelt u de kwast of roller uit met water. Voor verf op oliebasis gebruikt u terpentine. Laat daarna de spullen drogen. Nog beter is het om de kwast na het uitspoelen in een potje met lijnzaadolie te zetten (verkrijgbaar bij de betere verfzaak). Zo blijft de kwast jaren goed. Veel schilders zetten een nieuwe kwast ook eerst een paar dagen in de lijnolie, omdat hij daar lekker zacht van wordt. Er zij ook houdertjes te koop die u over de pot kunt leggen en waar de kwast in blijft hangen. Met deze kwastinettes gaan de haren aan de onderkant niet uitstaan.
Niet in de terpentine!
Zet de kwast na het schilderen niet in de terpentine. Hij raakt zo namelijk verzadigd en de terpentine zal de verf verdunnen als u de volgende keer weer gaat schilderen. Het resultaat: druppels op je schilderwerk en verf die in je mouw loopt.
Niet uitspoelen!
Heb je olieverf gebruikt en een kortharige roller, dan heb je terpentine nodig om hem uit te spoelen. Wil je de roller goed schoonmaken, dan gaat er heel wat terpentine doorheen. Een nieuwe roller kopen is dan voordeliger.
Buitenschilder
Het voor- en najaar is de beste tijd om het buitenschilderwerk eens kritisch te bekijken. Is je huis dringend toe aan een nieuw likje verf? Plan dan een weekje vrij en ga grondig te werk: kies voor een verfstappenplan:
1. Onderhoud de bestaande verflaag
Bespaar jezelf werk en onderhoudt het buitenschilderwerk goed. Vervuiling heeft een negatieve invloed op de levensduur van je schilderwerk. Maak het schilderwerk regelmatig schoon met water en een allesreiniger. In een kustplaats of bosrijk gebied is vijf keer per jaar aan te raden, in landelijke gebieden volstaat drie keer per jaar. Verder is ventilatie erg belangrijk. Bij slechte ventilatie trekt maar liefst 90% van het vocht in een woning via de kozijnen naar buiten. Zet kozijnen aan de binnenzijde van je huis dus goed in de verf. En rond scherpe hoeken van een vensterbank af om de verf beter te laten hechten.
2. Beslis of je aan de bak moet
Als er naden en kieren ontstaan, is het hout toe aan een nieuwe verflaag. Meestal steken die bij verbindingsstukken van deuren en kozijnen de kop op. Ook als de verf doffer wordt of een houtnerf duidelijker zichtbaar (in het geval van beits), is het tijd voor een likje. Soms gaat verf afgeven doordat het verpoedert; ook dan geldt: neem een weekje vrij voor het buitenschilderwerk! Want neem de tijd voor een goede schilderbeurt, ga zorgvuldig te werk.
3. Kies voor verf of beits
Voor buitenschilderwerk kun je kiezen uit verf of beits. Beits is geschikt voor gebruik op bestaand schilderwerk en kaal hout, omdat het de structuur van de ondergrond laat zien. Beits is vochtregulerend, dus je hoeft niet eerst met grondverf aan de slag. Verf (of lak) heeft wél altijd een grondlaag nodig, maar is duurzamer omdat het afsluit. Er bestaat verf op oliebasis (alkyd) of op waterbasis (acryl). Combineer beide verfsoorten vooral niet met elkaar! Dat leidt tot spanningsverschillen en uiteindelijk zal de verf loslaten. Wil je weten in welke verf je houtwerk op dit moment staat? Leg er een in alcohol gedrenkt watje op. Wordt de verf na een uur mat of wit, dan gaat het om een verf op waterbasis.
4. Reinig grondig vóór het schuren
Heel belangrijk: maak de boel eerst goed schoon en ga dan pas schuren. Doe je het andersom, dan schuur je het vuil in de houtnerven. Reinigen kan met een allesreiniger voor verf, zoals St. Marc of Flexa Rinser. Na het schoonmaken verwijder je eventuele harsuitbloedingen en –wellen, tropische houtsoorten ontvet je nog even. Bij oud hout moeten alle verweerde lagen helemaal tot op het gezonde hout worden weggehaald. Dat kan door schuren, schrapen, afbranden of bijten. Kaal hardhout zoals merbau en meranti kun je met thinner behandelen, maar het is beter een milieuvriendelijker product te gebruiken, zoals het nieuwe Eco afbijt (€ 29,75 per liter, www.pure-original.nl). Spoel afgebeten lagen grondig na met water en laat het langdurig drogen. Afbranden met een gasbrander laat je aan professionals over; zelf gebruik je een schilderföhn. Die maakt de oude verflaag zacht zodat je ‘m er eenvoudig kunt afkrabben. Is de ondergrond kaal en schoon? Dan kun je gaan schuren. Kies voor schuurpapier met een korrelgrofte van 180-220.
5. Repareer houtrot
Soms is repareren noodzakelijk. Dat wil zeggen: openstaande naden en gebreken vullen en kitranden vernieuwen. Is er sprake van houtrot? Dan is een grondige behandeling nodig. Houtrot ontstaat door groei van schimmels bij vochtig hout. Je herkent het aan gezwollen plekken en gekrompen, afbrokkelende delen. De structuur is zacht en de kleur zwart tot bruin. Als het houtrot zich te ver heeft uitgebreid, moet je het hout vervangen. Kleine plekken kun je wel repareren. Verwijder met de schroevendraaier of verfkrabber liever teveel dan te weinig houtrot. Zo kan het rottingsproces van binnenuit niet verder gaan. Smeer het kale hout in met een houtrotstopmiddel en laat dit goed drogen, vul daarna de plek op met een houtrotvuller. Diverse verfmerken hebben een vulmiddel in het assortiment dat vochtregulerend is en met het hout ‘meebeweegt’. Ook bij naden en andere oneffenheden werk je hiermee. Laat ook dit middel langdurig drogen en schuur het dan weer op tot het naadloos overgaat in het gezonde hout.
6. Pak de verfkwast!
Zijn de weersvoorspellingen goed? Dan begint het echte werk. Plak voor je gaat verven ramen en kozijnen af met schilderstape. (Verwijder dit na het schilderen meteen, want de lijm hardt uit en dan krijg je het nog maar moeilijk van je ramen af!) Bij blank hout kun je de grondverf het beste verdunnen (maximaal 10%). Zo kan deze diep in het hout doordringen. Laat grondverf goed drogen voor je aan de lak begint, en schuur het nog even lichtjes op.
Dan: verven. Hoe doe je dat? Doop de kwast een aantal malen in de verf en strijk ‘m steeds af aan de rand van het verfblik. Doe dit tot de kwast verzadigd is maar niet druppelt. Zet de verf royaal op en strijk met lange, krachtige halen in de richting van de houtnerf. Strijk de overlappende gedeelten goed uit om druipen te voorkomen. Kan de buitendeur ook wel een likje verf gebruiken? Pak dan een roller voor het mooiste resultaat. Lak het hout af in minimaal twee lagen. Wees niet te zuinig met de verf, maar smeer ook niet zo dik dat de verf gaat druppen. Laat elke verflaag goed drogen (zie droogtijd verfblik) en schuur hem voor een nieuwe laag op met fijn schuurpapier. Na twee verflagen en een dag of wat mooi weer, staat je huis te glimmen als nooit tevoren!
Meer weten?
- Een optimaal resultaat is altijd afhankelijk van je situatie. Bel daarom voor een persoonlijk advies met de Technische Voorlichting van Akzo Nobel, T 071 3082344.
- Twee linkerhanden? Informeer bij je plaatselijke schilder of zoek naar een schilder op www.kluswebsite.nl
- Op www.flexa.nl staat onder Productadvies een overzichtelijke productadviseur: ‘Ipaint’. Hiermee selecteer je gericht het juiste verfproduct voor diverse soorten hout.
Wanneer kun je buiten schilderen?
Periode: het late voorjaar, de zomer en het vroege najaar. Tijd: 10.00 – 16.00 uur. Temperatuur: 10° – 30° Celsius.
Tip!
Houtwerk aan de westkant schilder je in de ochtend, houtwerk aan de oostkant in de middag. En houtwerk aan de zuidkant? Die schilder je op minder zonnige dagen.
Pas op met wind!
Wind versnelt het droogproces van verf. Maar veel wind kan er ook voor zorgen dat vuil in de nog verse verflaag terechtkomt. En dat is toch jammer van je noeste arbeid.
Veilig wonen
Wie zijn huis goed wil beveiligen, kan het best in de huid van de inbreker kruipen. Waar kan hij naar binnen komen? Wat zou hem afschrikken? Zo zijn zwakke plekken gemakkelijk te vinden en zie je vaak meteen hoe een huis minder inbraakgevoelig te maken is. Tachtig procent van de inbraken zijn gelegenheidsacties, die door een handjevol ontmoedigende maatregelen voorkomen kunnen worden.
Veilig verlicht
Dé nachtmerrie van een inbreker is natuurlijk om betrapt te worden. Daarom zijn lege huizen in vakantietijd gewild ‘kraakmateriaal’. Het is verstandig om te zorgen dat je huis er zo bewoond mogelijk uitziet. Een bekende truc is de tijdschakelaar: op vaste tijden gaan de lampen in huis aan, zodat het lijkt of er iemand thuis is. Je kunt ook continu een (spaar)lamp in de slaapkamer of badkamer laten branden.
Buurbewaking
Een goede relatie met de buren is goud waard. Niet alleen vanwege het sociale contact, ook omdat je elkaars woning in de gaten kunt houden. Als er een onbekende aan je voordeur staat te rommelen, zijn zij degenen die de politie kunnen bellen. Het is belangrijk dat er goed zicht is op de voordeur. Buitenverlichting (op een hoogte gemonteerd waar een inbreker niet bij kan) en een gesnoeide heg zijn een must. Laat ook regelmatig de post weghalen, een deurmat of brievenbus vol kranten verraadt dat de bewoners weg zijn. Spreek af dat de buren de stapel uit het zicht leggen, dus niet op de trap of de haltafel. Met behulp van een babyfoon kunnen ze ook verdachte geluiden in huis van een afstand checken.
Achter slot & grendel
Zorg dat alle ‘hulpmiddelen’ achter slot en grendel zijn opgeborgen. Ladders, gereedschap; dieven gebruiken alles wat ze tegenkomen. Zet containers daarom in de achtertuin of vast aan een schutting, anders zijn het handige klimhulpstukken.
Fietsen en auto’s staan in de garage nog veiliger als ze op slot zijn, het is dan moeilijker om ze mee te nemen. Kasten in huis kun je juist beter niet afsluiten, om openbreken te voorkomen. Waardevolle spullen zijn de moeite waard om extra aandacht aan te besteden. Berg ze op in een kluis of breng ze naar de bank.
SKG-keurmerk
Uit onderzoek is gebleken dat de gemiddelde inbreker ongeveer drie minuten zijn best doet om ergens binnen te komen. Duurt het langer, dan geven ze het meestal op. De weerbaarheid van sloten wordt daarom vaak in minuten aangegeven. Een goed kwaliteitsmerk is SKG. Dit keurmerk geeft een aantal sterren mee aan het product. Een slot met één ster moet versterkt worden met extra sloten, een slot met twee of drie sterren is op zichzelf inbraakwerend. Sloten met het SKG-keurmerk hebben al een preventief effect, omdat ze door inbrekers als ‘te lastig’ worden gezien.
Telefoon en internet
De moderne inbreker haalt zijn informatie overal vandaan. Ook via de telefoon en internet. Het is verstandig om niet mee te doen aan online enquêtes over vakantie. Meld evenmin op netwerksites dat je binnenkort naar het buitenland vertrekt. Laat een dergelijk bericht ook niet achter op het antwoordapparaat; dieven checken vaak via de telefoon of bewoners al dan niet thuis zijn. Krijg je regelmatig ‘zwijgtelefoontjes’, houd het dan even in de gaten. Schakel de huistelefoon tijdelijk door naar de mobiel met *21, of leg hem van de haak.
Sleutelbeheer
Het klinkt als een open deur, maar ga zorgvuldig om met sleutels. Die geheime verstopplek onder de deurmat is al lang geen geheim meer. Ook is het slim om bij verhuizing de sloten te laten vervangen. Dan weet je daarna precies wie een sleutel van je huis heeft. Laat ook nooit de sleutel aan de binnenkant in de voordeur zitten. Via de brievenbus zijn inbrekers in staat ’m om te draaien en zonder braaksporen binnen te komen. Zonder braaksporen is het lastig om schade vergoed te krijgen van de verzekering.
Slimme site
Als een huis voldoet aan de eisen van het Politiekeurmerk Veilig Wonen, is het negentig procent veiliger. Kort gezegd zijn de hoofdeisen: goedgekeurd en gecertificeerd hang- en sluitwerk, verlichting bij buitendeuren en zicht op degene die voor de deur staat. Op de website www.politiekeurmerk.nl staan bedrijven die huizen controleren op inbraakveiligheid. Wiens huis voldoet aan het keurmerk, kan bij sommige verzekeraars korting krijgen op een inboedelverzekering.
Extra maatregelen
Ramen en deuren blijven de zwakke plekken van een woning. Goede sloten zijn niet altijd afdoende. Met de volgende hulpmiddelen maak je ze nog veiliger:
Dievenklauwen. Deze pinnen zitten bij het scharnier in de deur, zodat deze er niet zomaar uit getild kan worden. Bij veiligheidsscharnieren zitten de pinnen al aan het scharnier vast.
Veiligheidsstrips. Een veiligheidsstrip bestaat uit twee in elkaar grijpende stroken, die langs de rand van de deur worden geschroefd. Dit sluit de kier af, waardoor de deur niet gemakkelijk open gewrikt kan worden.
Barrièrestangen. Om bovenlichten, wc-ramen en lichtkoepels te beveiligen, kan er een barrièrestang worden bevestigd. Bij ramen is ventilatie dan wel mogelijk, maar kan een inbreker niet binnenkomen. Volgens de politie hebben dieven slechts vijftien centimeter ruimte nodig, dus houd die afstand aan tussen de stangen.
Veiligheidsglas. Glas kan verstevigd worden met een speciaal plakplastic dat ervoor zorgt dat een gebarsten raam niet uit elkaar valt. Het alternatief is polycarbonaat: het lijkt op glas, maar is 250 keer sterker en praktisch onbreekbaar.
Kijk voor meer informatie en handige tips op de volgende websites:
www.123inbraakcheck.nl
www.nederlandveilig.nu
www.wonenonline.nl
Ledikanten
Een mooi bed wil iedereen: dat springt nu eenmaal het eerst in het oog als je een slaapkamer binnenstapt. Kies daarom een ledikant dat bij je smaak past. Ideaal is het als het ledikant in stijl aansluit bij de rest van het meubilair: dan ontstaat er een harmonische sfeer.
![]() |
Materialen Voor de bouw van materialen worden verschillende materialen gebruikt: hout, metaal of combinaties daarvan. Eiken, essen, grenen of vurenhout geven een landelijke uitstraling aan de slaapkamer. Spaanplaat wordt vaak toegepast in de zelfbouw van bedden. In de meubelindustrie wordt MDF het meest gebruikt, ook voor de productie van ledikanten. MDF staat voor ‘Medium Densed Fibreboard’ en heeft als groot voordeel dat het in elke vorm geleverd kan worden. Naast hout en MDF zijn metalen bedden ook te krijgen in diverse modellen. |
![]() |
Lengte en breedte De standaardlengte van moderne matrassen is 200 tot 220 cm. Bijvoorbeeld: als je 1.85 m lang bent, is 210 cm al aan te raden. Er moet immers ruimte zijn voor je kussen en als je een verstelbaar hoofdeinde hebt, wordt het bed anders al snel te kort. Anderzijds is de beschikbare ruimte voor het bed in je slaapkamer bepalend voor de maat die je kiest. De matraslengte is namelijk altijd korter dan de ledikantlengte: de ombouw zelf neemt ook centimeters in beslag!Eenpersoonsbedden zijn meestal negentig cm breed. Tweepersoonsbedden zijn er vanaf 120 cm. Deze worden ook wel ‘twijfelaar’ genoemd. De meeste bedden zijn echter breder. Extra brede bedden zijn er vanaf 180 cm tot maar liefst 220 cm ‘king size’. |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Matrassen
De keuze voor een matras is heel persoonlijk. De een wil op een harde ondergrond, de ander ligt liever zacht. Moet de matras op een verstelbare bodem liggen of niet? Ook je favoriete slaaphouding is bepalend voor de soort matras en het kussen dat het beste past. Verder zijn lengte en gewicht van belang: hoe zwaarder je bent, hoe meer tegendruk een matras moet geven.
![]() |
Hard of zacht? Extreem harde en erg zachte matrassen hebben enkele nadelen. Op een te harde matras ligt de wervelkolom niet recht en op de zwaarste punten raken haarvaten in je lichaam bekneld. Dus: je slaapt onrustig. Maar in een te zacht matras zak je te diep weg, je spieren kunnen zich niet voldoende ontspannen. Resultaat: je raakt verkrampt en kunt er ’s ochtends moeilijk uit komen. Het is bewezen dat een recht liggende rugwervel de spieren ècht doet ontspannen en elke dag verfrist op doet staan! |
| Comfortabel liggen In de meeste matrassen zijn speciale comfortzones ingebouwd die op bepaalde plaatsen voor een andere tegendruk zorgen. Meestal zijn de schouder- en heupzones veerkrachtiger dan het gebied ertussen. Naast het comfort moet een matras ook het vochtverlies opvangen, afvoeren en ventileren. |
![]() |
![]() |
Soorten matrassen De tijd dat een matras alleen gevuld was met stro is echt voorbij. De meeste matrassen zijn nu van: polyether, schuimrubber of binnenvering:
|
| Lengte en levensduur De ideale lengte van een matras is je lichaamslengte plus twintig centimeter. Verder geldt over het algemeen: hoe breder en hoger het matras is, hoe meer comfort het biedt. Verder dien je rekening te houden met lichaamsgewicht. Wanneer jij en je partner veel in gewicht schelen, is het zinvol voor ieder een eigen matras te kiezen. De stevigheid ervan bepaalt hoeveel steun je lichaam krijgt. Na zo’n acht jaar moet een matras vervangen worden. De veerkracht en het draagvermogen nemen na verloop van tijd af, waardoor er kuilvorming kan ontstaan. Dat is slecht voor de slaap, maar ook voor de rug. Tip: Het is erg nuttig een aantal bedden in de winkel te testen. Neem voor dit ‘proefliggen’ rustig de tijd en doe je jas er bij uit, dan heb je meer contact met het matras. En: ga niet alleen op de rug liggen, maar neem ook je favoriete slaaphouding in. |
![]() |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Slaapkamer Algemeen
De behoefte om de slaapkamer voor meer dan alleen slapen te gebruiken, wordt steeds groter. Je kunt er gemakkelijk even tot jezelf komen zonder kinderen, echtgenoot of partner. Geen telefoon of andere afleiders maar gewoon jezelf en een boek, muziek of de televisie. Op zo’n moment is een goede slaapkamer waarin je je kunt terugtrekken en ontspannen erg belangrijk. Maar hoe kun je deze rust garanderen?
![]() |
Rust door sfeer en comfort Sfeer draagt natuurlijk bij tot een goede rust. Extra kussens op het bed, een plaid en goede verlichting zijn voorbeelden hiervan. Verder helpen kleuren en materialen waarbij je je prettig voelt, de rust te stimuleren. Naast een sfeervolle omgeving is het comfort van een bed erg belangrijk. Zonder comfort ben je namelijk nergens. Een bed dat kraakt, rugpijn veroorzaakt of je humeurig maakt omdat je er niet rustig in ligt, is funest. Laat je daarom goed informeren. Bedenk dat u bij de aankoop van een bedbodem, matras, kussens en dekbed hier elke dag gebruik van maakt. Bezuinig hier niet op, een goed bed is goud waard! |
| Een goede indeling is het halve werk Niet iedereen heeft een grote slaapkamer. Een goede en praktische indeling van de ruimte is daarom altijd goed. Probeer rekening te houden met wensen en eisen die de rust helpen veraangenamen. Wist je bijvoorbeeld dat je het lekkerst slaapt wanneer het bed met het hoofdeinde tegen een gesloten muur staat? Maak daarom een lijst met al uw wensen. Wil je bijvoorbeeld een kledingkast in de slaapkamer of heb je daar een aparte ruimte voor? Vraag jezelf af of de slaapkamer alleen is om te slapen of ook bestemd is voor andere activiteiten zoals televisie kijken, lezen of werken achter de computer. Wanneer je klaar bent met het maken van een lijst, kun je een plattegrond van de slaapkamer maken en indelen. |
![]() |
![]() |
Verlichting Goede verlichting in de slaapkamer is nodig, aangezien het een ruimte is waar je vooral ’s avonds en ’s nachts bent. Afhankelijk van de stemming en de activiteiten in de slaapkamer moet je het licht kunnen aanpassen. Wanneer je gaat lezen, is direct licht beter voor de ogen. Voor het kijken naar de televisie of luisteren naar muziek kan diffuus licht weer prettiger zijn. Een dimmer is daarom een goede oplossing. Teledimmers zijn handig voor in de slaapkamer. Hiermee kun je vanuit het bed het licht op afstand bedienen. Houd er wel rekening mee dat je een dimmer niet in combinatie met een spaarlamp kunt gebruiken en dat voor halogeenlampen een speciale dimmer nodig is. Andere verlichtingstips voor de slaapkamer zijn: |
| Tips • Houd rekening met minimaal een halve meter vrije ruimte naast de zijkanten van het bed. • Welke lengte bed comfortabel is, hangt vooral af van je eigen lengte. Doe daar zo’n vijfentwintig centimeter bij en je komt aardig in de buurt. • Kies één basiskleur als uitgangspunt voor de totale inrichting. Dit kan de kleur van de vloer, gordijnen of een meubelstuk zijn. • Vergeet de ‘loze’ ruimte onder het bed niet. Plastic bakken op wielen zijn een goede bergplaats, maar wel met deksels, want het is daar – bij iedereen – een stofnest. |
![]() |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Bedbodems
De bedbodem is misschien wel het belangrijkste onderdeel van het bed. Een goede bedbodem helpt de nachtrust veraangenamen en zorgt voor dat ‘uitgeslapen’ gevoel. Vroeger was het al speciaal als het hoofd- en voeteneinde van het bed in verschillende standen kon worden gezet. Tegenwoordig is haast elke centimeter van het bed af te stellen naar de eigen wensen en eisen.
![]() |
Persoonlijk slaapgenot Het slaapgemak is net zo persoonlijk als de kleding die je draagt. Ook een bedbodem moet goed passen bij ieders lengte en gewicht. Nog niet zo lang geleden sliepen veel stellen op een tweepersoonsmatras met bedbodem. Steeds meer mensen besluiten om over te stappen op separate, aangepaste matrassen en bedbodems. Anatomisch onderzoek heeft uitgewezen dat het menselijk lichaam de meeste steun nodig heeft in de middenzone: het lijf net boven de heupen. De heupen zelf en de schouderpartij hebben juist minder tegendruk nodig. Goede bedbodems zijn daarom uitgevoerd met een versterkte middenzone en een wat soepeler heup- en schouderondersteuning. |
![]() |
Materialen Er zijn bedbodems van hout, metaal, kunststof of glasvezel. Elk materiaal heeft zo zijn eigen voordelen. Beukenhout is het meest gebruikte materiaal voor de houten lattenbodem; gemaakt van gebogen buigzame latten. Een bijzondere vorm is een uitvoering van ronde staven die soms in groepen van drie in een verende houder worden geplaatst. Glasvezel of kunststof latten hebben als voordeel dat ze niet vervormbaar zijn en daarom langer meegaan dan hout. Vaak zijn ze speciaal gevormd voor een goede ventilatie tussen lat en matras. Klassiek zijn de metalen spiraalbodems, gemaakt van gevlochten staaldraad. De beste worden in zowel lengte als breedterichting gespannen en bieden in de middenzone extra steun door het doorweven van meer staaldraden dan elders in de bodem. |
![]() |
De nieuwste ontwikkeling is de modulebodem. Die ziet er bijzonder uit, opgebouwd uit elastische veermodulen, in de vorm van ’schoteltjes’. Ze kunnen niet alleen verticaal bewegen, maar ook horizontaal en diagonaal. Zo kunnen ze zich naar elke lichaamsvorm en -gewicht richten en geven op elke plaats de juiste tegendruk.
Met een boxspring haal je het oudste en meest duurzame slaapsysteem in huis. Het is een hoge bedbodem met binnenvering. Van belang voor de kwaliteit en veerkracht van de boxspring zijn de dikte van de staaldraad en het aantal slagen waarin de veren zijn gedraaid. Er zijn twee soorten boxsprings. Het bedmodel waarbij een hoofd- en een voetbord aan twee boxsprings gemonteerd worden en een inzetboxspring waarbij twee boxsprings in een bestaande ombouw geplaatst worden. Vaak zijn er verschillende modellen en kleuren verkrijgbaar. |
![]() |
Tip: Heb je een ledikant dat je wilt houden, maar verlang je wel een betere bedbodem, dan kan er vaak in de bestaande ombouw een nieuwe bodem worden geplaatst. Soms staat die ‘los’ op de grond in uw ledikant, maar het geheel kan er ook in gehangen worden. |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Dekbed
Naast bedbodem en matras is het dekbed een vitaal element in je slaapgenot.
Wist je dat een mens gemiddeld een halve liter vocht per nacht verliest? Eén van de voornaamste eigenschappen van een dekbed is daarom, naast het warm houden van het lichaam, het kunnen opvangen van dit vochtverlies. Een dekbed bestaat uit een tijk met daarin de vulling. De tijk moet voldoende kunnen ademen zodat het vocht kan opnemen. Daarnaast moet de tijk natuurlijk ook dicht genoeg zijn om de vulling binnen te houden. De meeste dekbedden hebben een tijk van 100 procent katoen. Tegenwoordig heb je ook dekbedden met een tijk van houtcellulose. Dit materiaal neemt vocht nog beter op en is lichter dan katoen.
![]() |
Soorten vullingen
|
![]() |
Warmteklassen Wanneer je een dekbed gaat kopen, is het vaak moeilijk inschatten welke dikte geschikt is voor jou en je slaapkamer. Daarom heeft de Nederlandse Vereniging van Huisvrouwen in samenwerking met onderzoeksinstituut TNO een verdeling gemaakt in warmteklassen.
|
![]() |
Dekbed Informatie Systeem Een aantal fabrikanten heeft de koppen bij elkaar gestoken om de kopers van dekbedden van dienst te zijn. Samen hebben zij een merk-onafhankelijk Dekbed Informatie Systeem uitgewerkt (DIS). Op alle dekbedden die zij produceren, zit een etiket volgens dit 10-punts systeem. Daardoor kan de consument beter vergelijken en kiezen. Het DIS is ontwikkeld in samenwerking met TNO en goedgekeurd door de Consumentenbond. Vraag bij een beddenspecialist naar dit systeem. |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Kastruimte
Flink veel kastruimte is onmisbaar in de slaapkamer. Sommigen zijn gezegend met een aparte kleedkamer, maar de meesten van ons hebben die luxe niet. Bepaal wat voor soort kasten je nodig hebt; hoeveel hangkastruimte, hoeveel voor de legkast?
![]() |
Opgeruimd staat netjes Er zijn losse kasten en inbouwsystemen. Het voordeel van losse aanbouwkasten is dat de standaardelementen later altijd aan te vullen zijn. Een nadeel is dat ze vrijwel nooit precies passen in je kamer, je houdt altijd ruimte naast of boven de kasten over. Inbouw-kastenwanden kunnen helemaal op maat in je kamer gemaakt worden. Van wand tot wand en van vloer tot plafond: je benut de ruimte optimaal. Een professionele kastenbouwer kun je vragen de bestaande ramen, deuren en verwarmingsbuizen op te nemen in het kastontwerp. En ook als je slaapkamer schuine wanden heeft, kan deze vakman of -vrouw je van dienst zijn. |
![]() |
Ruimteoplossingen Maar als je al losse kasten hebt, niet getreurd: ook hier zijn ruimtebenuttende tips te geven. Heb je bijvoorbeeld nog ruimte tussen de legplanken, dan kunnen er draadmanden tussen hangen die je met haken over de planken kunt schuiven. Verder kunnen ladenblokken, wasdozen, uitschuifbare overhemdenplanken, stropdassen- en schoenenrekken veel opruimen. |
Checklist voor matras
Ongeveer een derde van je leven breng je door in bed. Een goed matras is dus erg belangrijk, wil je rugklachten en slaapproblemen voorkomen. Maar wat is goed? Een goed matras…
…biedt ondersteuning
Leidraad is dat je wervelkolom een rechte lijn heeft als je op je zij ligt. Lig je op je rug, dan hoort de natuurlijke S-vorm van je wervelkolom intact te blijven. De ondersteuning die je schouders daarvoor nodig hebben is bijvoorbeeld anders dan die bij je heupen of je voeten. Bij een goed matras is daar rekening mee gehouden. Naarmate een matras langer wordt gebruikt, neemt de ondersteunende werking overigens af. De geadviseerde levensduur varieert per leverancier, maar staat gemiddeld op zo’n tien jaar.
… is afgestemd op jouw bouw en gewicht
De stelregel ‘hoe harder, hoe beter’ is allang achterhaald. Zeker als je niet al te zwaar bent, kan een hard matras zorgen voor overbelasting van je achterhoofd, schouderbladen, bekken en hielen. Lichte mensen kunnen dus beter kiezen voor een zachter matras. Zwaardere mensen kunnen wél prettig slapen op een hard matras. Zijn er wat dat betreft grote verschillen tussen jou en je partner, dan doe je er goed aan om ieder een eigen matras aan te schaffen. Er zijn ook tweepersoonsmatrassen die op elke helft andere ondersteuning bieden. Je kunt ook kiezen voor een drukverlagend matras (van traagschuim) dat zich vormt naar het lichaam.
…belemmert de bloedsomloop minimaal
Kies je voor een matras die druk geeft (bijvoorbeeld via vering), dan zorgt dat voor drukpunten op je lichaam. Om je bloedsomloop niet te belemmeren draai je onbewust in je slaap. Dan is het fijn dat je matras meegeeft, anders word je wakker. Bij een drukverlagend matras wordt de druk op je lichaam evenredig verdeeld en heb je dus minder behoefte om te draaien.
… is ongeveer 20 centimeter langer dan jijzelf
Iedereen slaapt met zijn knieën licht gebogen. In die positie dien je aan de bovenkant nog ruimte te hebben voor je kussen en aan de onderkant moet je je voeten kunnen ontspannen. Heb je een verstelbaar bed, dan dien je nog 10 centimeter bij de lengte op te tellen. Voor de breedte bestaat zo’n vuistregel niet, maar 90 centimeter wordt voor een eenpersoonsmatras als minimum gezien.
…biedt ventilatie
Een mens verliest gemiddeld ongeveer 300 ml vocht per nacht. Dat verdwijnt deels in je matras, dat dit aan de onderkant moet kunnen afgeven aan de lucht. Zonder goede ventilatie gaat je matras klam aanvoelen en vormt hij een ideale omgeving voor schimmels en bacteriën om zich te nestelen. Ook je dekbed voert een deel van het vocht af. Bij een goed ‘bedklimaat’ hoort dus ook een ventilerend dekbed.
…past bij jouw bedbodem
Het is niet voor niets dat de meeste fabrikanten en leveranciers tegenwoordig ‘slaapsystemen’ aanbieden. Daarbij zijn bedbodem en matras helemaal op elkaar afgestemd. Heb je bijvoorbeeld een drukverlagend traagschuimmatras, dan zal de ondersteuning van de bedbodem moeten komen. Ander voorbeeld: heb je een matras dat vooral aan de onderkant ventileert, dan is het zaak dat ook de bedbodem ventileert (zoals bij een spiraalbodem).
…kun je niet los zien van een goed kussen
Zoals een matras ondersteuning biedt aan je lichaam, zo doet een kussen dat bij je nek. De levensduur van een kussen is overigens aanzienlijk korter dan die van een matras: zo’n vier jaar. Dat komt omdat het zwaarder wordt belast, én omdat een deel van de vochtafvoer via je hoofdhuid gaat.
…is een kwestie van smaak
Voor een gezonde nachtrust is het vooral belangrijk dat je lekker ligt, en dat is voor iedereen anders. Bedenk wel dat een nieuw matras altijd anders ligt dan dat ‘oude’ matras waaraan je zo gewend bent. Het kan zelfs zo zijn dat je aanvankelijk last van je spieren krijgt, omdat die moeten wennen aan een nieuwe houding. Om die reden geven sommige beddenspeciaalzaken de gelegenheid om een matras eerst een tijdje op proef te nemen.
…kost tijd om te vinden
Kies een beddenspeciaalzaak waar je verschillende matrassen kunt uitproberen. Sommige zaken hebben aparte cabines waar je ongestoord een tijdje kunt liggen. Er zijn ook leveranciers die een deal hebben met hotels die hun matrassen gebruiken, zodat je echt kunt ervaren hoe het is om erop te slapen. Een prima vereniging van het nuttige met het aangename!
Meer weten?
Op www.auping.nl vind je alles over de matrassen van Auping.
Via www.tempur.nl kom je alles te weten over Tempur-matrassen.
En op www.matrassengilde.nl staat onafhankelijke informatie over alle typen matrassen en bedbodems.
Kussens
Wist je dat een vermoeid gevoel, hoofdpijn, rugklachten, nek – en schouderklachten het gevolg kunnen zijn van een slecht kussen? Daarom is het noodzaak om naast een goed matras en bedbodem een kussen te hebben dat bij je lichaam past!
![]() |
Kussen als ondersteuning De voornaamste taak van het kussen is het ondersteunen van het hoofd. Daarnaast ondersteunt het eenderde van de wervelkolom. Het kussen zorgt ervoor dat de halswervels in een natuurlijke lijn liggen in het verlengde van de rugwervels. Vraag jezelf voordat je een kussen gaat kopen, af hoe je slaapt. Rugslapers hebben een lager en zachter kussen nodig. Zijslapers hebben daarentegen behoefte aan dikkere kussens om de nek te ondersteunen. Buikslapers slapen vervolgens het beste op een heel dun kussen. Kinderen hebben pas vanaf acht jaar een kussen nodig. Tip: Zijslapers kunnen gemakkelijk de dikte van het kussen opmeten, door zijdelings met je schouder tegen de muur te staan, meet nu de afstand tussen je hoofd en de muur. Voor optimaal gebruik moet een goed kussen zacht en veerkrachtig zijn. Zacht omdat het makkelijk moet kunnen worden ingedrukt en veerkrachtig om het ook weer terug te duwen. Verder moet het transpiratie afvoeren. Als transpiratie niet op een goede manier wordt afgevoerd, wordt het kussen klam en zwaar en kunnen vervelende schimmels ontstaan. Vervang daarom het kussen iedere twee jaar voor een nieuw kussen! |
| Persoonsgebonden Er is niet één kussen dat ideaal is voor iedereen. Dit omdat bij de aanschaf van een kussen ook persoonlijke voorkeuren en wensen komen kijken. Sommige mensen slapen nou eenmaal beter op een hard kussen terwijl anderen liever op een zacht kussen slapen. Het beste kun je, wanneer je van plan bent een nieuw kussen te kopen, eerst verschillende soorten kussens uitproberen. Vraag dat ook gerust in de winkel. Je kunt dan het beste bepalen welk kussen bij je past. Kortom: Neem voor de aanschaf van een kussen de tijd! Een goede nachtrust is de basis voor de dag. Een goed kussen is daarbij onmisbaar. |
![]() |
![]() |
Slapen op maat Voorgevormde of anatomische kussens zijn in veel gevallen goed voor de nachtrust en werken tegen hoofdpijn. Naast de normale vulling van veren, schuim of dons hebben deze kussens soms een neksteun van schuimrubber of latex. Daarmee dwing je het hoofd in de juiste stand. |
| Slapen op veren De meest gekozen vulling is dons. Vaak wordt dit automatisch genomen in combinatie met het donzen dekbed. Toch is dit echt niet verplicht; de keuze van het kussen kan beter in verband met de matras worden gemaakt. Kussens van dons zijn gevuld met veren (eend, gans) die bij de vogel het dichtst op de huid zitten. Hierdoor wordt de meeste warmte goed vastgehouden. Dons is zacht en voert snel vocht af. Omdat dons weinig veerkracht bezit, is geregeld opschudden nodig. |
![]() |
![]() |
Slapen op kunst Kunstvezels of synthetische kussens zijn na dons de meest gekozen vulling. Polyester vezels zijn luchtig en worden vaak samengeperst in een plastic zak verkocht. Zo gauw de zak opengaat, ‘blaast’ je kussen zichzelf op. De moderne met synthetische vezels gevulde kussens zijn een prima alternatief voor dons. De nieuwe kunstvezels zijn zacht en soepel, licht en heel goed wasbaar. |
Meer vullingen
|
![]() |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Kleur in de tuin
Met verf voeg je stijl en kleur toe aan je buitenruimte, zelfs al is het maar een klein plaatsje of balkon. Breng die verschillende hekken samen door ze dezelfde kleur te geven of fleur er je tuinmeubels mee op.
Belangrijk is het organische, natuurlijke kleuren te gebruiken. Grijsblauw en –groen zien er vaak prachtig uit bij roze bloeiers. Wit is altijd fris om een hek mee op te vrolijken. Limegroen, hemelsblauw, geel en oranje zijn eigenlijk alleen voor in de tropen.

Buitenverf kan duur zijn maar er zijn goedkopere alternatieven. Als je het niet erg vindt elk jaar een nieuwe laag aan te moeten brengen, kun je ook prima gewone matte latex gebruiken.
Als je metalen tuinmeubels verft, is het belangrijk een ijzermenie te gebruiken. Dit is een op terpentine gebaseerde grondverf. Daarover doe je een laag zijdeglans verf. Hoogglans is erg glimmend.
Smeedwerk
Voorwerpen van smeedwerk zijn gewild om de stoere, ambachtelijke sfeer die het uitstraalt. Voordat je iets aanschaft, is het echter goed om te weten dat er veel verschillen zijn in kwaliteit en afwerking. Wat zijn de punten waarop je kunt letten?!
Michiel Faber van Smederij Faber: ‘ Mensen kiezen veelal voor smeedwerk omdat het nostalgie uitstraalt, door de associatie met het ambacht van smid. Toch hoeft smeedwerk niet per se nostalgisch te zijn. Steeds meer mensen ontdekken dat je ook hele mooie strakke, moderne voorwerpen kunt laten smeden. Dat is wel een beetje een trend aan het worden.’
Berekenen
‘Tuinhekken, poorten, trapleuningen, balkons, open haarden… in principe kun je alles wat van metaal is helemaal naar je eigen wens laten smeden. Als je iets wilt laten maken is het verreweg het handigst als de smid thuis zelf alles komt opmeten, tenzij je een heel gedetailleerde architectentekening hebt. De berekeningen voor bijvoorbeeld een poort zijn vrij technisch en je wilt natuurlijk zeker weten dat alles past als het klaar is.’
Wat is smeedwerk?
‘Wat je precies onder smeedwerk verstaat, hangt af van hoe je er tegenaan kijkt. Sommige mensen vinden alles wat van metaal gemaakt is smeedwerk. Als ambachtelijke smid vind ik dat het die naam pas verdient als het metaal heet gestookt is en bewerkt tot een mooi en uniek product. Vaak wordt metaal op maat gezaagd en daarop worden dan losse, vaak standaard onderdelen gelast. Dat is mijn ogen dus geen smeedwerk. Het gros van het zogenaamde smeedwerk in Nederland wordt echter op deze manier vervaardigd. Daardoor vind je hier overal dezelfde dennenappeltjes en Franse lelies op de tuinhekken.’
Echt smeedwerk
‘Omdat er nog zo weinig smeden zijn en er juist veel laswerk op de markt is, is het beeld van smeedwerk in Nederland vertekend geraakt. Men neemt genoegen met standaardkwaliteit en weet niet meer hoe mooi echt smeedwerk kan zijn. Het ijzer bij standaard sierwerk is door het walsen glad, recht en hoekig. Door het metaal echt te smeden krijgt het leven, bijvoorbeeld door de hamerslag. Ook kun je bij het smeden in één stuk metaal verschillende diktes aanbrengen; dat maakt het veel levendiger.’
Duurzaam
‘Een ander pluspunt van echt smeedwerk boven laswerk is dat het duurzamer is. Smeedwerk is massief, waar veel laswerk hol is – dat merk je als je het optilt of er even tegenaan tikt. Om oxidatie te voorkomen behandel ik de voorwerpen voor binnengebruik bovendien met bijenwas. Objecten voor buiten krijgen een zinkbehandeling en worden daarna afgelakt in de gewenste kleur. Op die manier gaat het meer dan een levenlang mee.’
Kant-en-klaar smeedwerk
Aan met de hand vervaardigd smeedwerk hangt uiteraard een prijskaartje. Er zijn ook bedrijven (zoals de firma Weijntjes) die in opdracht deels machinaal smeedwerk laten vervaardigen in grotere oplagen. Zeker voor kleinere voorwerpen zoals brievenbussen, wc-plaatjes en hang- en sluitwerk kan dit een mooi en betaalbaar alternatief zijn.
Meer weten?
www.smeden.nl: site van het Nederlands Gilde van Kunstsmeden
www.smederijfaber.nl: site van de smederij van Michiel Faber
www.baba.org.uk: Engelstalige site van de Engelse smedenvereniging
www.weijntjes.nl: modern en nostalgisch hang- en sluitwerk en machinaal smeedwerk in grotere oplagen
Tuinverlichting
Waarom zou je alleen overdag van het mooie buitenleven willen genieten? Met mooie tuinverlichting heb je ook ’s avonds profijt van je mooie tuin. Van een aangeschafte tuinverlichting wil je het liefst nog jarenlang kunnen genieten. Belangrijk is dus van tevoren goed na te denken over het doel van het licht en in wat voor vorm je het wilt hebben.
Lichtplan
Met een weloverwogen lichtplan wordt de tuin een verlengstuk van het interieur, ook ’s avonds. Maak een schets van de tuin en geef de punten aan waar het licht zich moet bevinden. Geef daarbij meteen aan wat voor soort licht dat moet zijn, bijvoorbeeld functionele verlichting, accentverlichting of sfeerverlichting. Zo kun je voetpaden uitlichten, het overzicht van de tuin naar voren laten komen en echte juweeltjes ook laten opvallen als de zon onder is.
Soort verlichting
Nu de lichtpunten bepaald zijn, moet er nog gekeken worden naar het soort verlichting dat op deze plek moet komen. Maak je gebruik van spots of liever van geïntegreerde- of wandverlichting. Ook de lichtbron is van belang. Zie hieronder de mogelijkheden:
Halogeen: dit heeft een heldere uitstraling en is vooral handig om bepaalde punten uit te lichten en op te laten vallen
Bulb: dit is het beste te gebruiken voor sfeerverlichting
LED: een energiezuinige lichtbron dat een verwaaid licht geeft.
Graven
Voor verlichting is uiteraard bedrading nodig. Hiervoor kun je speciale VmvKas kabels gebruiken die een metalen mantel hebben. Graaf deze minstens 50 cm diep, zodat deze niet tijdens het schoffelen naar boven komt.
Tijdschakelaar
Veel licht om het huis schrikt inbrekers af. Schakel dus een tijdschakelaar in voor als u een paar dagen weg bent.
Extra tips
Gebruik niet te veel licht. Je kunt op die manier geen speciale effecten meer bereiken en zo streeft het lichtplan zijn doel voorbij.
Als je niet zeker weet waar je de verlichting wilt plaatsen, kun je als ‘proef’ een waxinelichtje neerzetten om te kijken wat het effect is. Pas wel op voor brandgevaar!
Vijvers
Een vijver kan een enorme opkikker zijn voor je tuin. Maar helaas is het iets meer werk dan alleen een gat graven met een stuk vijverfolie op de bodem. Bedenk eerst wat voor soort vijver je precies wilt en maak dan een plan hoe deze te bouwen.
Een plantenvijver
Vanzelfsprekend staat de planten centraal in een plantenvijver. Het handigste is om de vijver uit verschillende dieptes op te bouwen, zodat er meerdere soorten planten kunnen groeien.
-20 cm: moerasplanten
-40 cm: waterplanten
-60 cm /-80 cm zuurstofplanten en waterlelies
Overdag moet de vijver minimaal voor de helft zonlicht hebben voor de groei van de planten. Vijverplanten zorgen ervoor dat het water zuiver blijft, een zuiveringsinstallatie is dus niet noodzakelijk. Belangrijk voor een plantenvijver is rust, het water moet niet te veel stromen of circuleren. Wel is het handig in de winter een luchtmotor te installeren tegen dichtvriezen. Toch behoefte aan wat beweging? Een aantal vissen zijn in kleine aantallen geschikt voor de vijver, zoals de goudelritsen, goudwines en de zonnebaars.
Tuinvijver
Een tuinvijver draait om de combinatie vissen en planten. Belangrijk is dat je de vissen ziet zwemmen en de planten niet de overhand nemen. Geschikte vissen zijn eveneens goudelritsen en goudwinden, maar ook de sarasa, de goudvis en een enkele steur of koi. Een filtersysteem is bij deze combinatie aan te raden, omdat vissen meer afvalstoffen hebben. Ook een goede beluchting is belangrijk in de vijver.
Visvijver
Een visvijver wordt puur ingericht op het leefplezier van de vissen. Dat betekent dat de planten in plantenmanden worden geplaatst of in een apart afgescheiden gedeelte, zodat de vissen er niet aan kunnen knabbelen. De vissen zijn echte ‘vervuilers’ een krachtige filterinstallatie is dus noodzakelijk.
Koivijver
Een koivijver is speciaal ingericht op de koi-karper. Deze sierlijke beesten zullen je tuin zeker opvrolijken. De vijver moet minimaal 1,5 meter diep zijn. De filter voor deze vijver moet een slag groter zijn dan die voor een andere, omdat de koi snel groeit en veel afvalstoffen produceert. Een koi is een echte planteneter, groen zal hier dus niet overleven.
Haarden & Kachels
Hout stoken is beter voor het milieu, goedkoper en absoluut romantischer dan centrale verwarming. Verlang je naar een knappend haardvuurtje in de woonkamer? Deze negen dingen móet je weten voordat je een houtkachel of open haard laat plaatsen.
Open haard of houtkachel?
Een open haard schaf je alleen aan voor de sfeer. Als warmtebron is deze namelijk ongeschikt, omdat zo’n 90 procent van de warmte verloren gaat via de schoorsteen. Een gesloten houtkachel is wel te gebruiken om een ruimte te verwarmen. Tegel- of speksteenkachels halen zelfs een rendement van 90 procent, vergelijkbaar met een gasgestookte CV-ketel.
Soorten kachels
De meeste houtkachels worden gemaakt van gietijzer of plaatstaal. Een plaatstalen kachel is goedkoper in aanschaf, maar gaat door vervorming en roest minder lang mee dan een gietijzeren kachel. Bovendien houdt staal de warmte minder lang vast. Tegelkachels en speksteenkachels bestaan geheel of gedeeltelijk uit tegels of speksteen en blijven erg lang warm. Het enige nadeel is dat ze enorm zwaar zijn – tussen 4.000 en 5.000 kilo. Daardoor kan deze in veel huizen alleen op de begane grond worden gebouwd. Tenslotte zijn er nog mengvormen van metaal en speksteen, die lichter zijn maar ook minder lang warm blijven.
Kan het in elk huis?
Een houtkachel kan in principe in iedere woning worden geplaatst. Belangrijk is dat de uitmonding van het kanaal aan de eisen voldoet en dat er voldoende toevoer is van zuurstof. Vaak is het openzetten van een beluchtingrooster boven een raam al voldoende. Heb je een bestaand stenen kanaal in het huis, laat deze dan eerst inspecteren door een erkend schoorsteenveger (bij voorkeur lid van de ASPB). Waar je de kachel in de ruimte plaatst hangt af van het gebruik. Als extra warmtebron of sfeerhaard is het zitgedeelte de beste plek. Gebruik je de kachel als hoofdverwarming, dan heb je een iets hogere capaciteit nodig, waardoor er meer warmte vanaf kan komen. Dan is het verstandiger om hem buiten het zitgedeelte te plaatsen.
Hoeveel vermogen nodig?
Kies een vermogen dat past bij de grootte van de kamer en de stookbehoefte. In een kachel met een groter vermogen dan nodig wordt vaak gesmoord gestookt waardoor meer schadelijke stoffen vrijkomen. Uitgaande van de meest voorkomende situatie: bij het stoken van een stralingskachel in een goed geïsoleerde kamer van 50 m² met een hoogte van 2.60 m is een haard met een vermogen van ongeveer 6 kW nodig.
Veiligheidstips
- Plaats een onbrandbare vloerplaat van plavuizen, metaal of glas voor de kachel of open haard
- Laat altijd een laagje as van zo’n 3 centimeter in de haard liggen
- Gebruik aanmaakblokjes of -hout en geen brandbare vloeistoffen om de kachel aan te steken
- Laat de schoorsteen minimaal een keer per jaar vegen
- Plaats een vonkenscherm of vonkengordijn als je last hebt van spattende vonken
- Rieten dak? Plaats dan een vonkenvanger op de schoorsteen
- Gebruik je paraffinebriketten, pook dan niet in het vuur: er kan brandende paraffine aan de pook blijven steken
- Blus een schoorsteenbrand nooit met water, dat kan ontploffingen geven. Doof het vuur met zand en sluit de luchttoevoer aan de onderkant af
Verzekering bij brand
De meeste brandverzekeringen stellen geen specifieke eisen. Wel gaan verzekeringen er van uit dat de verzekerde zorgvuldig handelt en regelmatig de schoorsteen laat vegen. Bewaar daarom altijd een bewijs van de schoorsteenveger. Onzorgvuldig handelen kan problemen veroorzaken bij eventuele schadeafhandeling. In individuele gevallen kan een verzekering specifieke eisen stellen, zoals het aanbrengen van een vonkenvanger op de schoorsteen bij een rieten dak.
Milieu
Houtkachels worden als ‘groen’ gezien omdat hout een duurzame brandstof is. Toch is dit alleen aan de orde als voor iedere gekapte boom een nieuwe wordt geplant en als de kachel een hoog rendement heeft. Bij de verbranding van hout komen altijd broeikasgassen als stikstofdioxiden, zwaveldioxide en roetdeeltjes vrij. Bij stoken met een te lage temperatuur, weinig zuurstof of een slechte kachel of schoorsteen is de uitstoot nog vele malen erger. Zorg dus in elk geval voor een goed trekkende schoorsteen, gebruik schoon hout, briketten of hakhout en zorg dat het hout echt droog is.
Welk hout gebruiken?
Voor de hoeveelheid warmte die een kachel afgeeft, maakt het veel uit welke houtsoort je gebruikt. Hardhout zoals eiken-, beuken-, essen-, haagbeuken en fruitbomenhout geeft mooie vlammen en brandt langer. Beuken en eiken zijn het beste brandhout, haagbeuk is prima maar zeldzaam. Berkenhout geeft veel warmte af maar verbrandt ook sneller en wordt daarom gebruikt om het vuur aan te maken of op te stoken. Hout van linden, wilgen, kastanjebomen, populieren en naaldbomen zijn niet geschikt.
Alternatieven voor hout
In plaats van hout kun je ook een open haard op gas of elektriciteit aanschaffen. Deze veroorzaken minder ongezonde rookgassen, hoewel bij de verbranding van gas wel kooldioxide en stikstofoxiden vrijkomen en bij onvolledige verbranding het gevaarlijke koolmonoxide. Ook wordt voor beide kachels gebruik gemaakt van fossiele brandstoffen, dus goed voor het milieu is het niet. Vrij nieuw zijn gelhaarden, die geen schoorsteen of afvoerkanaal hebben omdat er relatief weinig verbrandingsgassen vrijkomen. De gel bestaat uit alcohol, water en verdikkingsmiddel.
Rookkanaal
Het rookkanaal bepaalt welke haard of kachel kan worden aangesloten. Door het kanaal wordt zuurstof aangevoerd en rookgassen afgevoerd. In oudere huizen zit vaak al een rookkanaal verwerkt, maar in nieuwbouw is dit niet altijd het geval. Naast het rookkanaal hebben de vloer, kruipruimte en hoogbouw naast je woning ook invloed op de aanschaf van een haard of kachel. Voor het bouwen van een rookkanaal heb je soms een vergunning nodig en het kanaal moet voldoen aan de eisen van het Bouwbesluit. De gemeente kan je daar meer over vertellen. Of kijk eens op www.bouwbesluit.nl. Zorg bij een nieuw rookkanaal voor zo weinig mogelijk bochten: dan trekt het de verbrandingsgassen zo snel mogelijk naar boven. Voor het bouwen van een nieuw kanaal of het verplaatsen van een oude is overigens wel een flinke verbouwing nodig. Een specialist is daarbij onmisbaar.
Ventilatie
Bij een haard of kachel is ventilatie belangrijk. Bijvoorbeeld voor de bewoners die bij weinig zuurstof last van hoofdpijn krijgen, maar ook voor het vuur dat zonder zuurstof niet kan branden. Een raam kan voor ventilatie zorgen maar de luchttoevoer voor de haard via een buis door de kruipruimte kan ook een oplossing zijn. Bij een gaskachel voorkomt een koolmonoxidemelder dat je wordt verrast en vergiftigd door koolmonoxide. De melder sluit bij gevaar direct de gasklep zodat er geen schadelijke gassen meer kunnen vrijkomen.
Meer weten over open haarden?
www.milieucentraal.nl
www.dru.nl
www.stuv.nl
www.faber.nl
Energiebronnen
In Nederland worden voornamelijk fossiele brandstoffen als olie, kolen en gas gebruikt. Direct als pure brandstof, maar bijvoorbeeld ook het grootste gedeelte van ons elektriciteitsverbruik wordt hieruit opgewekt. Welke brandstof je ook gebruikt voor uw kachel of haard, houd altijd in gedachten dat haarden niet bedoeld zijn voor de verbranding van afval. Gebruik voor het aanmaken uitsluitend spaanders, krantenpapier of milieuvriendelijke aanmaakblokjes.
Op een rijtje de belangrijkste brandstoffen voor je kachel of haard. Hun eigenschappen, voor- en nadelen en de gebruiksmogelijkheden van de brandstoffen.
![]() |
Hout Hout is ongetwijfeld de meest sfeervolle brandstof voor de open haard. Niet alleen te gebruiken in de open haard, maar ook in een houtkachel of in een zogenaamde speksteenkachel. Het best geschikt als brandstof zijn droge, in de lengte gekliefde houtblokken. Het hout moet droog zijn, met een vochtgehalte van 15-20%. Om te checken of het hout droog genoeg is, sla je 2 houtblokken tegen elkaar. Droog hout geeft een heldere klank, vochtig hout klinkt gedempt. Bewaar brandhout op een droge plek. Gekliefde houtblokken drogen eenvoudig door ze een jaar lang in een houtopslag met voldoende luchtverversing te bewaren. Tip: haal de handvoorraad hout minstens een dag voor gebruik binnen. Maar bewaar de handvoorraad nooit bovenop de haard en denk eraan de brandveiligheidsvoorschriften in acht te nemen. Wist je dat er grote verschillen bestaan tussen de energie-inhoud van verschillende houtsoorten? Zo geeft eikenhout significant meer energie af dan hout afkomstig van de populier. Een alternatief voor houtblokken zijn zogenaamde briketten gemaakt van geperst hout of bruinkool. |
| Gas Gas is een veel gebruikte brandstof, die erg gemakkelijk in gebruik is. Met het omzetten van een knop staat het gas tot je beschikking en net zo snel zet je het gas ook weer uit. Natuurlijk kent iedereen het gasfornuis, de gasbrander en gas als brandstof voor auto’s, maar wat misschien niet iedereen weet is dat er ook diverse gaskachels bestaan die een ruimte prima kunnen verwarmen. Als brandstof voor gaskachels wordt voornamelijk: aardgas, propaan en butaan gebruikt. Let op: dat er een goede afvoer is. Wanneer de gaskraan per ongeluk open blijft staan zou er een gasvergiftiging op kunnen treden die in een (afgesloten) ruimte tot levensgevaarlijke situaties kan leiden. |
![]() |
![]() |
Kolen Kolen werden vroeger veel gebruikt als bron van energie. Vandaag de dag gebruiken we ze eigenlijk alleen nog voor de barbecue. Dit komt waarschijnlijk omdat kolen niet bepaald gebruiksvriendelijk zijn. Daarom schaffen mensen tegenwoordig niet uit praktische overwegingen maar uit nostalgie een antieke kolenkachel aan.Elektriciteit Elektriciteit wordt gebruikt als brandstof voor een elektrische haard of kachel. De stroom komt net als de elektriciteit die we gebruiken voor alle andere elektrische apparaten uit het stopcontact. |
| Brandgel Brandgel is te gebruiken in een zogenaamde gelhaard. De potjes met de gel steek je gemakkelijk aan en doof je weer door het deksel op het potje te plaatsen. Door de bakjes met brandgel te ‘verstoppen’ tussen blokken imitatiehout, is het vuur in de gelhaard nauwelijks te onderscheiden van een hout gestookt vuur. Het nadeel van brandgel is dat het relatief weinig branduren heeft en daardoor redelijk kostbaar is. |
![]() |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Vloerverwarming
Onzichtbaar, comfortabel en als hoofd- of bijverwarming is vloerverwarming met bijna alle vloerbedekkingmaterialen te combineren. Dit maakt vloerverwarming een wel heel aantrekkelijk alternatief voor die bijna onvermijdelijke radiator onder de vensterbank. Bovendien bespaart je tot tien procent energie, omdat de warmte niet circuleert, maar gelijkmatig wordt verdeeld.
Toepassingen
In principe kan vloerverwarming in elke ruimte en onder elke vloersoort worden gebruikt, maar het meeste profijt heb je als de vloerbedekking de warmte goed geleidt. Plavuizen, keramische tegels, grind en natuursteen zijn het meest geschikt, want steen staat warmte langzaam af. Dit maakt vloerverwarming ideaal voor badkamers met tegelvloeren. Hout is minder geschikt voor vloerverwarming, omdat het door vocht en temperatuurschommelingen kan gaan werken.
Het ‘natte’ systeem
Op een betonnen ondervloer worden twee tot drie cm dikke isolatieplaten gelegd, afgedekt met een waterkerende folie die voorkomt dat het cementwater in de isolatielaag dringt. Daaroverheen komt een ‘wapeningsnet’ waarop de leidingen waar het warme water doorheen loopt, worden vastgezet. Het geheel wordt afgedekt met een cementvloer van vijf cm dik. Pas na zo’n zes weken is de vloer uitgehard en mag er gestookt worden.
Het ‘droognatte’ en ‘droge’ systeem
Bij het droognatte systeem zijn de verwarmingsbuizen verzonken in de isolatieplaten, waarna ze worden bedekt met waterwerende folie en afgewerkt met een cementvloer. De dekvloer is niet van cement maar van metalen lamellen. Bij het droge systeem wordt een droge dekvloer van dunne eterspan-, kanaal- of kunststof platen gelegd. Dit soort vloeren is minder dik waardoor de vloer niet meer dan zes cm hoger komt te liggen.
Elektrisch
Vloerverwarming waarbij warm water door leidingen stroomt komt het meest voor, maar de elektrische variant (waarbij een verwarmingskabel in de vloer wordt gelegd) is in opkomst. Daarbij kan de ondervloer van beton of hout zijn, maar een oude tegelvloer is ook geschikt. Het voordeel is dat hij snel op temperatuur is en daardoor niet altijd duurder in verbruik is dan een systeem met warm water.
Onderhoud
Ook al heeft een vloerverwarming nauwelijks onderhoud nodig, na een paar jaar kan kalkafzetting voor problemen gaan zorgen. Je kunt die kalk met gif- en zuurvrije reinigingsmiddelen verwijderen.
Als hoofd- of bijverwarming?
Dat ligt eraan hoe goed de ruimte is geïsoleerd. Is dat het geval – met dubbel glas en spouwmuurisolatie – dan kan de vloerverwarming worden gebruikt als hoofdverwarming. Als de ruimte niet zo goed is geïsoleerd, moet die ook nog met radiatoren worden verwarmd. Dan zorgt de vloerverwarming voor een aangename vloertemperatuur, en zijn sloffen niet meer nodig.
Op de muur, tegen het plafond
Logisch eigenlijk: als de buizen van de vloerverwarming in de vloer kunnen worden gelegd, kunnen ze ook in de muur of in het plafond worden bevestigd. Dat heet dan wand- en plafondverwarming. Allemaal mogelijk, maar kijk uit als je een schilderij op wilt hangen…
De voordelen
* Een aangename warmte, doordat een groot oppervlakte wordt verwarmd.
* Geen radiatoren in je kamer. Dat is niet alleen mooi, maar levert ook ruimte op.
* Een vloerverwarming kan ook koelen. Geen overbodige luxe, gezien de voorspelling dat we hier Franse zomers gaan krijgen.
* Minder energieverbruik dan bij gewone radiatoren. Dat zit zo: bij een radiator moet de ketel het water verwarmen tot 90°C. Daarna wordt het rondgepompt en komt het afgekoeld tot 70°C terug. Dan moet het water weer worden opgewarmd tot 90°C. Dat opwarmen kost veel energie. Bij een vloerverwarming warmt de ketel het water op tot 50°C en koelt het af tot 40°C. De ketel hoeft hier minder inspanning te leveren om het water weer op te warmen.
De nadelen
* Een vloerverwarming is eigenlijk alleen nieuwbouw-proof, omdat de kunststof leidingen in de vloer moeten worden gelegd. Er is wel een alternatief bij bestaande bouw (sleuven slijpen in de ondervloer), maar dat is een enorm karwei en je huis staat dan even helemaal op z’n kop.
* Lekkage in het systeem? Dan moet de vloer toch echt worden opengebroken.
* Grote raampartijen kunnen nadelig zijn: er ontstaat een ‘koufront’, zodat de vloerverwarming de lucht dan te weinig kan verwarmen. Je hebt dan aanvullende verwarming nodig, bijvoorbeeld een convectorput.
Meer informatie over vloerverwarming: www.stichtingltv.nl
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Soorten haarden
Bij een haard denken de meeste mensen aan de open haard die op houtblokken brandt. Maar wanneer je geen rookkanaal heeft, zijn er gelukkig alternatieven. Zodat ook je op koude dagen lekker weg kan kruipen voor de open haard.
![]() |
Gashaard Een gashaard biedt enorm veel creatieve mogelijkheden. Zo kun je bijvoorbeeld de haard en het rookkanaal laten inbouwen in een tussenmuur. Of je laat juist een muurtje om het rookkanaal metselen en bevestigt het vuurplateau vrij tegen de muur aan. Dankzij een afstandsbediening en een inbouwcassette voor het bedieningspaneel is de gashaard gemakkelijk in het gebruik. De aanwezigheid van een gasleiding is natuurlijk wel een voorwaarde. |
| Gelhaard De gelhaard is ideaal wanneer je geen rookkanaal of gasleiding tot je beschikking hebt maar toch graag wil genieten van een knapperend haardvuur. De gelhaard stook je niet met hout maar met zogenaamde brandgel die je ‘verstopt’ tussen blokken imitatiehout. De potjes met de gel steek je gemakkelijk aan en doof je weer door het deksel op het potje te plaatsen. Het voordeel van deze haarden is dat ze gemakkelijk overal in huis te plaatsen zijn. Nadeel: de brandgel is relatief duur en de potjes branden slechts enkele uren. |
![]() |
![]() |
Elektrische haard Een elektrische haard is erg geschikt als bijverwarming. Rookkanaal of luchtpijp is niet nodig; een stopcontact is afdoende voor een natuurgetrouw vlammenspel dat net zo sfeervol is als een vuurtje gestookt op fossiele brandstoffen. |
| Houthaard Met een houthaard steek je nog een echt ouderwets gezellig vuurtje. Zorg alleen wel voor een goede ventilatie. Ook het rookkanaal of de afvoerpijp moeten in uitstekende staat verkeren, zodat je alleen de geur van vers hout in huis heeft en niet de rook. |
![]() |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Soorten kachels
Kachels bestaan er in alle soorten en maten. In eerste instantie denk je waarschijnlijk aan een ouderwetse houtkachel, maar de kachel is met haar tijd meegegaan! Hypermoderne varianten gestookt op gas of elektriciteit voelen zich prima thuis in een moderne, strakke omgeving. Daar zijn ze niet alleen een bron van warmte, maar ook een ware aandachtstrekker.
![]() |
Haardkachel Dit is een kruising tussen een haard en een kachel. Eigenlijk is de haardkachel een kachel, omdat het een vrijstaande kast is waarmee u de woning kunt verwarmen. Maar het vuurbeeld lijkt erg op die van een haard. De haardkachel is meestal van staal of gietijzer. |
| Kolenkachel Kolenkachels zijn voornamelijk verzamelobjecten geworden. Mocht je interesse hebben in een (antieke) kolenkachel, dan zijn er op het internet nog redelijk wat exemplaren te vinden. |
![]() |
![]() |
Speksteenkachel Uitgevoerd met speksteen blijft een kachel na het stoken nog uren warmte uitstralen. Speksteen is zeer vuurbestendig, zelfs meer dan gietijzer. De kachel is heel zuinig en wordt bijna altijd op hout gestookt. Het is eigenlijk een tegelkachel die met spekstenen tegels is uitgevoerd. Andere tegelkachels hebben een iets lager rendement. |
| Houtkachel Deze kachel die op hout brandt, is voornamelijk geschikt als bijverwarming. Dankzij de deur in de kachel is het hout gemakkelijk bij te vullen. Wanneer de kachel brandt, is de deur altijd dicht zodat je niet bang hoeft te zijn voor vonken. Dankzij het grote raam in het deurtje, heb je niet alleen goed zicht op het vuur maar kan de kachel ook veel stralingswarmte afgeven. |
![]() |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Milieubewust wonen
De aarde leefbaar houden voor de generaties die na ons komen is niet alleen een kwestie van wereldpolitiek. Ook in je eigen huis kun je behoorlijk wat doen om je steentje bij te dragen. Daarom: een spoedcursus milieubewust wonen.
Ventileer zo veel mogelijk
Energie besparen door je huis te ventileren, dat klinkt tegenstrijdig. Toch klopt het. Door 24 uur per dag te ventileren voer je namelijk vocht af. Omdat droge lucht sneller opwarmt dan vochtige lucht, heb je daar dus minder energie voor nodig. Wil je weten of jouw huis goed geventileerd is? Doe dan de ventilatietest op www.vrom.nl/ventilatie.
Bespaar op water
Met een waterbesparende douchekop halveer je bijna de hoeveelheid water die je verbruikt bij het douchen, en dus ook de hoeveelheid gas die ervoor nodig is om het water op te warmen. Bij een gemiddelde douchebeurt scheelt dat per persoon per jaar al snel zo’n tienduizend (!) liter water dat niet hoeft te worden opgewarmd. Verder kun je denken aan waterbesparende toiletten en kranen. Deze kun je herkennen aan het keurmerk ‘Laag Verbruik’.
Dikke gordijnen zijn hot
Vooral bij woningen met enkel glas gaat veel warmte (dus energie) verloren via de ramen. Door ’s avonds de gordijnen te sluiten, houd je veel warmte binnen. Kies voor gordijnen van een zware stof, zoals velours. Dikkere stoffen isoleren beter dan dunne. Verder is het beter om je gordijnen niet over, maar achter of boven de radiator te laten hangen. Zo gaat er geen warmte verloren. Voor meer tips over energie besparen, kijk op www.energielastenverlager.nl.
Gebruik spaarlampen
Spaarlampen verbruiken gemiddeld zo’n 80 procent minder stroom dan gloeilampen. Ze zijn duurder in de aanschaf (tussen de € 3,- en € 6,-), maar gaan tot tien keer langer mee dan gloeilampen. Tegenwoordig is voor elke armatuur wel een spaarlamp te krijgen en dat gekke witte licht van vroeger is erg verbeterd. Je hebt zelfs gekleurde spaarlampen. De verwachting is dat spaarlampen in de toekomst worden verdrongen door ledverlichting. Deze lampen zijn nóg zuiniger (er bestaan al ledlampen van 1 Watt) en gaan nóg langer mee. Op www.milieucentraal.nl kun je met een rekenmodule uitrekenen hoeveel je bespaart als je thuis de gloeilampen vervangt door spaarlampen.
Zet een zonnepaneel op je dak
Per 1 april 2008 heeft de overheid 1,3 miljard euro vrijgemaakt voor subsidieaanvragen met betrekking tot duurzame energie in de komende jaren. Daarvan is 46 miljoen bestemd voor zonnepanelen. Het gaat daarbij om een vergoeding die het prijsverschil overbrugt tussen ‘dure’ zonne-energie en gewone energie. Zo heb je na zo’n vijftien jaar de zonnepaneelinstallatie terugverdiend. De subsidiepot is goed voor vijfduizend tot tienduizend particuliere installaties.
Kies voor duurzaam hout
Ga je klussen, kies dan voor hout uit duurzaam beheerd bos. Ook hier geldt dat er verschillende beeldmerken zijn. Het FSC-label (Forest Stewarship Counsel) is vooralsnog het enige label dat wereldwijd wordt gesteund door boseigenaren, bedrijven, milieuorganisaties en andere maatschappelijke organisaties.
Gebruik verf op waterbasis
Kies voor verf op waterbasis. Maak je kwasten en rollers zo min mogelijk schoon. Wikkel ze liever druipend van de verf in aluminiumfolie. Zo blijven ze zeker een paar dagen goed. Is de klus geklaard, veeg je materiaal dan eerst schoon op bijvoorbeeld een krant en maak het daarna schoon in een bak water. Giet het restwater in een fles en bied het aan als klein chemisch afval.
Ga voor sloophout
Een goed voorbeeld van hergebruik zijn meubels van sloop- of steigerhout. Er zijn in Nederland verschillende bedrijven die hout, dat normaal zou worden weggegooid, verwerken in creatieve meubelstukken. Dat is niet alleen milieubewust, maar ook nog eens heel trendy. En elk stuk is uniek! Kijk op coopfurniturecollective.blogspot.com, www.silo6.nl/sloophout of www.restylexl.nl.
Let op het milieukeurmerk
Er zijn veel logo’s en afbeeldingen in omloop die impliceren dat een product op een milieubewuste manier is vervaardigd. Het Ministerie van VROM ondersteunt uitsluitend het Milieukeur, een keurmerk dat strenge eisen stelt aan het productieproces. Zo wordt er gekeken naar hoeveel energie er wordt verbruikt om het product te maken en naar wat er met het afval gebeurt. Het Milieukeur vind je op de meest uiteenlopende producten, ook op bouw- en klusmaterialen.
Tegelwerk
Alleen voor badkamer en keuken? Welnee, tegels kunnen overal. Ze zijn duurzaam, gemakkelijk in onderhoud en ja, natuurlijk óók mooi. Maar hoe weet je welke je moet kiezen? En hoe je ze legt?
Keramisch…
Keramische tegels zijn gebakken van klei en zijn er in vele kleuren en bewerkingen. Er zijn geglazuurde en ongeglazuurde varianten. Glazuur is in elke denkbare kleur te verkrijgen. Deze laag beschermt tegen vlekken en chemicaliën. Maar niet tegen krassen. Ongeglazuurde tegels – ‘porcellanato’ – worden heter gebakken en zijn daardoor beter bestand tegen krassen. Maar weer minder tegen vlekken. De kleurenmogelijkheden van ongeglazuurde tegels zijn beperkt en liggen dicht bij natuurlijke kleuren.
…of natuursteen?
Natuurstenen tegels zijn gemaakt van uit de natuur gewonnen gesteenten. Denk aan marmer, graniet, leisteen, travertin en basalt. De tegels bestaan uit één stuk en zijn door hun natuurlijke karakter allemaal verschillend. Natuursteen wordt op verschillende manieren bewerkt. Getrommeld steen is kunstmatig verouderd steen. Maar steen kan ook worden gezoet: dan wordt het gepolijst tot een zijdeglans of een hoogglans. Omdat natuursteen naar verloop van tijd glad wordt, kunnen de tegels worden opgeruwd. Zo worden ze ook geschikt voor in je badkamer. Nadeel is alleen dat op geruwde tegels meer vuil achterblijft. De manier van afwerken van natuursteen bepaalt uiteindelijk de uitstraling. Ga je voor stoer en robuust, dan kies je een getrommelde variant. Liever chique en koel? Kies dan voor gepolijste hoogglans.
Plavuizen
Plavuizen worden meestal machinaal vervaardigd. Ze zijn vrij dik en de gangbare afmetingen zijn 20 x 25 cm, 10 x 15 cm en 40 x 40 cm. Splijttegels hebben ruwe ribbels aan de onderkant. Het zijn harde tegels die zowel geglazuurd als ongeglazuurd leverbaar zijn, in ruw, zijdemat, glad en hoogglans. Grestegels zijn meestal ongeglazuurd. Ze worden op dezelfde manier gemaakt als splijttegels en zien er onregelmatig uit.
Onderhoud:
Plavuizen worden meestal machinaal vervaardigd. Ze zijn vrij dik en de gangbare afmetingen zijn 20 x 25 cm, 10 x 15 cm en 40 x 40 cm. Splijttegels hebben ruwe ribbels aan de onderkant. Het zijn harde tegels die zowel geglazuurd als ongeglazuurd leverbaar zijn, in ruw, zijdemat, glad en hoogglans. Grestegels zijn meestal ongeglazuurd. Ze worden op dezelfde manier gemaakt als splijttegels en zien er onregelmatig uit.
Tip: een kleine ruimte lijkt groter wanneer je grote tegels gebruikt.
Tegeltrends?
Natuursteen is erg mooi, maar kostbaar. Look-a-likes kunnen een leuk alternatief zijn: keramische tegels die eruitzien alsof ze van een ander materiaal zijn gemaakt, zoals natuursteen. Maar ze zijn er ook met het uiterlijk van materialen als beton, cortenstaal en hout. Compleet met nerven, barstjes en aders. Ideaal voor in de badkamer: de warmte en uitstraling van hout én de praktische voordelen van een tegel.
Behalve natuurlijke prints worden er ook steeds meer andere dessins op tegels gedrukt. Denk aan romantische kantprints en bloemmotieven, maar ook foto’s. Een andere bijzondere ontwikkeling is de liquidfloor. Deze harde plastic tegels bevatten een vloeistof die beweegt zodra je erop gaat staan. Ze worden gemonteerd op gekleurde lichtbakken waardoor je een echte discovloer krijgt. Door de beweging van de vloeistof, licht de vloer onder je voeten op.
Ook helemaal nieuw zijn leertegels. Keramische tegels met een laagje leer erop. Voor tegen de muur en voor op de vloer. Fijn voor je blote voeten! En je kunt ze zelfs magnetisch leggen op een metalen ondervloer. Dat is nog eens makkelijk monteren en verplaatsen. En dan hebben we Kerlite nog, een nieuwe vorm van tegels. Kerlite wordt gemaakt van keramisch materiaal dat verrijkt is met zirkonium. Vooral het productieproces is vooruitstrevend. Er worden nauwelijks CO2-gassen uitgestoten en het kost weinig energie. Kerlite wordt gemaakt in platen van 100×300 cm en is slechts 3 mm dik. Daardoor is het flexibel en gemakkelijk in gebruik. De platen zijn met de hand op maat te snijden en je boort er eenvoudig gaten in. Het grote formaat van de Kerlite-tegels past helemaal in de huidige XXL-trend.
Grote of kleine tegels?
Tegels passen eigenlijk altijd en overal. Maar niet elke tegel is geschikt voor elke ruimte. Zo moet je rekening houden met vlekgevoeligheid – belangrijk in de keuken – en met slijtbestendigheid, handig voor in de gang .
Slijtbestendigheid wordt aangegeven met een code die gaat van I tot V (I=laagste, V= hoogste). Verder moet je kritisch kijken naar de maat van de tegel die je kiest. Er zijn tegels van 1×1 cm, maar ook van 100×100 cm. In een grote ruimte kan het spannend zijn te spelen met verschillende maten, maar in een kleine ruimte is dat onrustig. Je wilt een kleine ruimte ook niet met maar één hele tegel en verder alleen maar snijstukken betegelen, toch?
Welke ondervloer?
Als je tegels gaat leggen, begin je met de ondervloer. Deze moet stabiel en vlak zijn, anders kun je onhandige randjes krijgen of kunnen de tegels en voegen zelfs gaan scheuren. Heb je een houten ondergrond, dan is een stabiliserende tussenvloer een must. Want hout werkt. Bedenk ook goed van tevoren of je vloerverwarming wilt. Ideaal met een tegelvloer omdat tegels de warmte goed geleiden. En ze nogal koud aan kunnen voelen onder je voeten. Dit geldt minder voor natuurstenen tegels.
Welk voegsel of legpatroon?
Met de manier waarop je tegels legt, kun je veel verschillende effecten bereiken. Je kunt van alles doen met vormen en patronen, maar ook met verschillende tegels en tegels met verschillende afmetingen. Een kleine ruimte hou je rustig door de XL-tegels van de vloer op de muren te laten doorlopen. In een grotere ruimte kun je kiezen voor een wildverband, waarbij je juist verschillende maten tegels in een wisselend patroon legt. Ook voegen maken een wereld van verschil. Er zijn verschillende breedtes, kleuren en materialen denkbaar. Met een zelfde kleur voeg als de tegels hou je het rustig, met een dunne voeg wordt het vrij strak. Je kunt ook voor een contrasterende kleur voeg gaan, dan valt het legpatroon lekker op. Natuurstenen tegels kun je strakker leggen dan keramische tegels, maar helemaal naadloos is niet aan te raden. Er blijft toch altijd een klein randje open waarin zich vuil ophoopt. Tegenwoordig bestaan er ook gerectificeerde keramische tegels. Die zijn na productie bijgezaagd waardoor ze minder werken en je ze strakker kunt leggen. Handig en helemaal splinternieuw is epoxyvoeg. Hier hecht vuil zich beduidend minder aan en het helpt verkleuring tegengaan. Maar de prijs, die is er wel naar: drie keer zo duur als regulier voegsel.
Tegelonderhoud?
Als je de juiste tegels kiest bij het gebruik van de vloer, heb je er weinig onderhoud aan. Soms is het slim de vloer voor gebruik te impregneren. Ongeglazuurde keramische tegels en bepaalde soorten natuursteen worden daardoor vuilafstotend. Ook laat het de natuurlijke kleuren en structuren meer uitkomen.
Wees voorzichtig met het schoonmaken van natuursteen. Veel soorten zijn niet bestand tegen de chemicaliën die in schoonmaakmiddelen zitten. Natuursteen in de badkamer moet daarom meteen na gebruik droog gemaakt worden om kalkaanslag te voorkomen. Gelukkig zijn er voor natuursteen speciale onderhoudsmiddelen op de markt. Kijk voor meer informatie op www.mollerchemie.nl/vlekken.html
Meer weten?
Voor meer informatie over alle soorten tegels kun je surfen naar www.allesover-vloeren.nl en www.wonenonline.nl
Parket
Parket is een verzamelnaam voor verschillende soorten hardhouten vloeren. Lamelparket bestaat uit een toplaag van twee of drie kruiselings verlijmde lagen (vuren)hout. Bij mindere kwaliteiten wordt ook wel spaanplaat en hardboard gebruikt. Eén van de sterkste parketsoorten is bamboeparket. Door de dichte structuur van bamboe is dit materiaal bovendien minder gevoelig voor luchtvochtigheid dan andere houtsoorten. In huurwoningen moet eerst toestemming aan de woningbouwvereniging worden gevraagd, voordat een houten vloer mag worden gelegd.
![]() |
Stroken- en tapisparket Strokenparket is 22 mm dik, met stroken van 6 tot 7 cm breed en 1 meter lang. Na het leggen wordt de vloer geschuurd en afgewerkt met lak, olie of was. Het is relatief kostbaar, maar duurzaam. Tapisparket bestaat uit korte strookjes van 6 tot 10 mm dik die in patronen te leggen zijn. Op spaanplaat of multiplex worden de plankjes naadloos tegen elkaar gelijmd en gespijkerd. |
| Mozaïekparket Mozaïekparket bestaat uit smalle strookjes hout die op netnylon bij elkaar zijn geplakt tot platen van 30 bij 30 cm. Op een ondergrond van cement kunnen de kleine stukken hout direct in paneelvorm worden verlijmd, maar op een houten ondergrond moet eerst een tussenvloer worden gelegd. Deze parketsoort is relatief goedkoop. |
![]() |
![]() |
Voor- en nadelen • Parket is niet geschikt voor de badkamer. Maar ook in andere ruimtes moet rekening worden gehouden houden met vochtigheid. • Parket heeft karakter. • Parket is duurzaam. • Parket is in verschillende soorten en kwaliteiten te koop en in allerlei patronen te leggen. • Parket is onderhoudsgevoelig (alhoewel minder dan vroeger). • Vloerverwarming is bij parket alleen mogelijk bij tapisvloeren. |
| Onderhoud Het schoonhouden van de parketvloer is simpel: met een stofzuiger en af en toe een vochtige doek. De vloer moet wel een beschermende behandeling hebben gekregen, want onbehandeld hout neemt gemakkelijk vocht en vuil op. Afhankelijk van hoe intensief de vloer wordt gebruikt, moet de behandeling met was, olie of lak om de paar jaar worden herhaald. Geïmpregneerde of geoliede vloeren vragen meer onderhoud. |
![]() |
![]() |
Zelf leggen Lamelparket is vrij eenvoudig zelf te leggen, zelfs over laagpolig vast tapijt heen. Als stelregel geldt dat de ondervloer vlak en niet verend moet zijn. Maak altijd gebruik van een vochtscherm. Meestal is een beschermende tussenvloer (warmte-isolerend) nodig om de ondervloer te egaliseren. Door de tussenvloer zwevend te leggen (net als het parket), wordt de geluidsisolatie het grootst. |
| Legsystemen Clipsysteem: de ijzeren clips van Junckers zorgen voor een verankering. Alleen de eerste en laatste plank worden vastgelijmd. Uniclic: dit systeem van Quick-Step wordt gelegd zonder lijm. De laminaatplankjes hebben een speciale groef waardoor ze zo in elkaar te klikken zijn. De vloer is drie keer hermonteerbaar. Plank met groef: Solidwood heeft beuken planken met halverwege de plank rondom een groef. Daarin wordt een stukje hout geschoven dat wordt verlijmd. Tussenvloer |
![]() |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Siergrind
Siergrind is duurzaam en vraagt weinig onderhoud. Het wordt veel gebruikt in winkels en kantoren maar ook in huis kan het een prettige vloer zijn. Alle kleuren zijn mogelijk en je kunt ook zelf ontwerpen in de vloer laten uitwerken. Zelf leggen is lastig, alleen een vakman kan de vloer naadloos maken.
![]() |
Eigenschappen Siergrind is een mengeling van (rivier-)grind, natuursteen, kwarts, gekleurd glas en perspex of aluminiumsnippers. De vloer voelt stroef aan, waardoor hij uitermate geschikt is voor badkamers en terrassen. Siergrind neemt de warmte van de omgeving aan en bovendien kan eronder vloerverwarming worden aangebracht. De vloer is op elke onderlaag aan te brengen die vlak, vet-, stof-, en vochtvrij is. |
| Onderhoud Het onderhoud van siergrind is erg gemakkelijk. Eén keer per week stofzuigen en twee keer per jaar met de waterstofzuiger erover (of met de dweil) is voldoende. Koffie- of wijnvlekken behoren met dit soort vloeren tot de verleden tijd. Nadeel is wel dat de vloer erg zwaar is. Reken bij een laagdikte van 8 mm op zo´n 12,5 kilo per vierkante meter. |
![]() |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Rubber
![]() |
Rubber Rubber lijkt op vinyl, maar heeft een stroever oppervlak. Het is in tegelvorm en per strekkende meter te koop. Er zijn veel verschillende uitvoeringen: fijn of geribbeld, met golfprofielen of met ronde en vierkante noppen. Onderhoud Het onderhoud van een rubbervloer is een fluitje van een cent. Vlekken kunnen met water en een schoonmaakmiddel worden verwijderd en sterke kleurstoffen zoals teer of schoensmeer verdwijnen met een beetje terpentine. |
| Rubber • Rubber is gemakkelijk zelf te leggen. • Voor rubber op trappen zijn er speciale rollen van 56 cm breed. • Rubber is gemakkelijk schoon te houden. • Rubber is erg stroef. • Rubber is duurzaam. |
![]() |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Vloerverwarming
Onzichtbaar, comfortabel en als hoofd- of bijverwarming is vloerverwarming met bijna alle vloerbedekkingmaterialen te combineren. Dit maakt vloerverwarming een wel heel aantrekkelijk alternatief voor die bijna onvermijdelijke radiator onder de vensterbank. Bovendien bespaart je tot tien procent energie, omdat de warmte niet circuleert, maar gelijkmatig wordt verdeeld.
Toepassingen
In principe kan vloerverwarming in elke ruimte en onder elke vloersoort worden gebruikt, maar het meeste profijt heb je als de vloerbedekking de warmte goed geleidt. Plavuizen, keramische tegels, grind en natuursteen zijn het meest geschikt, want steen staat warmte langzaam af. Dit maakt vloerverwarming ideaal voor badkamers met tegelvloeren. Hout is minder geschikt voor vloerverwarming, omdat het door vocht en temperatuurschommelingen kan gaan werken.
Het ‘natte’ systeem
Op een betonnen ondervloer worden twee tot drie cm dikke isolatieplaten gelegd, afgedekt met een waterkerende folie die voorkomt dat het cementwater in de isolatielaag dringt. Daaroverheen komt een ‘wapeningsnet’ waarop de leidingen waar het warme water doorheen loopt, worden vastgezet. Het geheel wordt afgedekt met een cementvloer van vijf cm dik. Pas na zo’n zes weken is de vloer uitgehard en mag er gestookt worden.
Het ‘droognatte’ en ‘droge’ systeem
Bij het droognatte systeem zijn de verwarmingsbuizen verzonken in de isolatieplaten, waarna ze worden bedekt met waterwerende folie en afgewerkt met een cementvloer. De dekvloer is niet van cement maar van metalen lamellen. Bij het droge systeem wordt een droge dekvloer van dunne eterspan-, kanaal- of kunststof platen gelegd. Dit soort vloeren is minder dik waardoor de vloer niet meer dan zes cm hoger komt te liggen.
Elektrisch
Vloerverwarming waarbij warm water door leidingen stroomt komt het meest voor, maar de elektrische variant (waarbij een verwarmingskabel in de vloer wordt gelegd) is in opkomst. Daarbij kan de ondervloer van beton of hout zijn, maar een oude tegelvloer is ook geschikt. Het voordeel is dat hij snel op temperatuur is en daardoor niet altijd duurder in verbruik is dan een systeem met warm water.
Onderhoud
Ook al heeft een vloerverwarming nauwelijks onderhoud nodig, na een paar jaar kan kalkafzetting voor problemen gaan zorgen. Je kunt die kalk met gif- en zuurvrije reinigingsmiddelen verwijderen.
Als hoofd- of bijverwarming?
Dat ligt eraan hoe goed de ruimte is geïsoleerd. Is dat het geval – met dubbel glas en spouwmuurisolatie – dan kan de vloerverwarming worden gebruikt als hoofdverwarming. Als de ruimte niet zo goed is geïsoleerd, moet die ook nog met radiatoren worden verwarmd. Dan zorgt de vloerverwarming voor een aangename vloertemperatuur, en zijn sloffen niet meer nodig.
Op de muur, tegen het plafond
Logisch eigenlijk: als de buizen van de vloerverwarming in de vloer kunnen worden gelegd, kunnen ze ook in de muur of in het plafond worden bevestigd. Dat heet dan wand- en plafondverwarming. Allemaal mogelijk, maar kijk uit als je een schilderij op wilt hangen…
De voordelen
* Een aangename warmte, doordat een groot oppervlakte wordt verwarmd.
* Geen radiatoren in je kamer. Dat is niet alleen mooi, maar levert ook ruimte op.
* Een vloerverwarming kan ook koelen. Geen overbodige luxe, gezien de voorspelling dat we hier Franse zomers gaan krijgen.
* Minder energieverbruik dan bij gewone radiatoren. Dat zit zo: bij een radiator moet de ketel het water verwarmen tot 90°C. Daarna wordt het rondgepompt en komt het afgekoeld tot 70°C terug. Dan moet het water weer worden opgewarmd tot 90°C. Dat opwarmen kost veel energie. Bij een vloerverwarming warmt de ketel het water op tot 50°C en koelt het af tot 40°C. De ketel hoeft hier minder inspanning te leveren om het water weer op te warmen.
De nadelen
* Een vloerverwarming is eigenlijk alleen nieuwbouw-proof, omdat de kunststof leidingen in de vloer moeten worden gelegd. Er is wel een alternatief bij bestaande bouw (sleuven slijpen in de ondervloer), maar dat is een enorm karwei en je huis staat dan even helemaal op z’n kop.
* Lekkage in het systeem? Dan moet de vloer toch echt worden opengebroken.
* Grote raampartijen kunnen nadelig zijn: er ontstaat een ‘koufront’, zodat de vloerverwarming de lucht dan te weinig kan verwarmen. Je hebt dan aanvullende verwarming nodig, bijvoorbeeld een convectorput.
Meer informatie over vloerverwarming: www.stichtingltv.nl
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Hout bewerken
Grote kans dat u een eikenhouten vloer heeft, want het is verreweg de meest populaire vloer in Nederland. Om de vloer aan te passen aan uw eigen stijl en smaak, zijn er verschillende manieren om het hout te bewerken. Dé trend van dit moment is olie-zeep, op de voet gevolgd door lakken. We zetten vier verschillende technieken op een rij.
Altijd schuren
Waarom? De ‘poriën’ van de vloer moeten open staan om de bewerkingsmiddelen goed op te nemen. De vloer moet daarna stof-, vuil- en vetvrij zijn.
Hoe? Met een bandschuurmachine met korrel 100/120 en als laatste korrel 80. Schuur de vloerranden met een kantenschuurder. Let er op dat je geen banen gaat zien, en laat de machine niet te lang op één plek om kuilen te voorkomen.
1. Bewerken met olie en zeep
Effect: Heel natuurlijk en mat, alsof het hout onbewerkt is.
Waarmee? Voor de kleur: speciale, gekleurde, impregnerende olie. Voor een beschermende laag: speciale zeep met kokosvetten of wax erin.
Hoe? Masseer de olie met een boenmachine gelijkmatig in het hout. Laat de olie 36 uur drogen – loop in de tussentijd ook niet op de vloer! – en zorg voor goede ventilatie. Schuur de vloer dan licht op. Breng daarna een tweede laag olie aan die ook weer een dag moet drogen. Na ongeveer veertien dagen is de olie volledig uitgehard. Dweil de vloer met water en de beschermende zeep. Het water verdampt en de zeep zorgt voor een beschermende laag. Hoe vaker u dit doet, hoe beter, zo wordt de vloer goed waterafstotend. Hang de bij het oliën gebruikte doeken buiten, anders kunnen ze gaan broeien en ontvlammen.
Onderhoud: Een of meerdere keren per week dweilen met een speciale reiniger. Eens in de zoveel tijd een grote beurt met een speciale reiniger en onderhoudsolie.
Voordelen
• Is met de juiste instructies niet al te moeilijk om zelf uit te voeren.
• Beschadigingen zijn eenvoudig te herstellen.
• Bij zonlicht zie je op een matte vloer minder liggen.
• Verdoezelt slecht uitgevoerd schuurwerk.
• Behoeft nauwelijks onderhoud.
Nadelen
• Is niet zo goed bestand tegen vlekken.
• Geeft snel putten en deukjes.
Zelfde techniek, ander effect
White wash/grey wash
Aan de olie wordt wit of grijs pigment toegevoegd, voor een wit- of grijshouten effect.
Wax-olie
Geeft een iets vollere kleur en wat meer glans. Redelijk bestand tegen vlekken.
Hardwax
Geeft een volle en duidelijk zichtbare glanslaag op de vloer. Goed bestand tegen vlekken.
2. Lakken
Effect: Afhankelijk van de soort lak, van mat tot glanzend.
Waarmee? Met speciale lak en een korte vachtroller.
Hoe? Bij sommige houtsoorten is eerst een grondlak nodig. Daarna de laklaag gelijkmatig aanbrengen. Een dag laten drogen – niet op de vloer lopen! – en licht opschuren. Tweede laklaag aanbrengen en laten drogen. Eventueel opnieuw opschuren en een derde, laatste laklaag aanbrengen.
Onderhoud: Dweilen met groene zeep of een speciale reiniger. Afhankelijk van het gebruik eens in de vijf, zes jaar opnieuw schuren en lakken.
Voordelen
• Is zeer slijtvast.
• Geeft nauwelijks putjes en deukjes.
• Is goed bestand tegen vlekken.
• Behoeft nauwelijks onderhoud.
Nadelen
• Beschadigingen zijn niet of nauwelijks te herstellen, pas wanneer u de vloer opnieuw schuurt en lakt.
• Wanneer de vloer niet goed geschuurd is, is dat direct te zien.
• Is lastig zelf te doen zonder ervaring.
Zelfde techniek, ander effect
Skylt lak
Voor een mat, ‘onbewerkt’ en natuurlijk effect. Voor het lakken wordt het hout gelakt met een heel dun laagje speciale olie. Dat moet 24 uur drogen voordat de twee aflaklagen worden aangebracht. Gemakkelijk in het onderhoud (onderhoudsspray aanbrengen en vochtig afnemen).
3. Roken
Effect: Het hout wordt donkerder en grijzer, voor een rustiek resultaat.
Waarmee? Ammoniakgas.
Hoe? Houd ramen en deuren dicht en spuit het ammoniakgas in de ruimte. Het gas gaat een chemische reactie aan met het looizuur in het hout. Hoe langer de vloer aan het gas wordt blootgesteld, des te donkerder hij wordt. Bescherm na het roken de vloer met olie of lak.
Voordelen
• Erg mooi in combinatie met white wash, omdat het hele witte iets vervaagt.
• Niet zo besmettelijk als een stralend witte vloer.
Nadelen
• Ook alle andere houten materialen en meubelen in de ruimte die looizuur bevatten, worden aangetast.
• Geeft stank in huis, kan hoofdpijn, hoest- en niesbuien geven.
• Kan beter vóór het leggen worden gedaan door de fabriek.
• Kan niet bij Amerikaans eiken, vanwege het gebrek aan tannine en looizuur.
4. Verouderen
Effect: Vintage en doorleefd.
Waarmee? Handmatig of met allerlei machines of voorwerpen zoals trommels, rollen en borstels.
Hoe? Oefen even op een los plankje om te kijken met welk voorwerp u het gewenste effect bereikt. Bewerk vervolgens de hele vloer op deze manier, zodat het uiteindelijk ‘gebruikt’ en hier en daar zelfs licht beschadigd raakt. Bescherm het hout daarna met bijvoorbeeld een olie. Olie past mooi bij de uiteindelijke uitstraling van de verouderde vloer.
Voordelen
Een deukje meer of minder valt niet meer op.
Nadelen
Wilt u later toch iets anders, dan is het praktisch onmogelijk om de vloer weer helemaal gladgeschuurd te krijgen.
Websites
www.silo6.nl: korte opsomming van alle technieken, met veel foto’s van het resultaat.
www.woodbrokers.nl/houten_vloeren_afwerking.html: alle afwerkmogelijkheden op een rij.
houtenvloeren.jouwbegin.nl: startpagina voor allerlei tips en informatie over houten vloeren.
Tadelakt
Tadelakt is traditioneel Marokkaans stucwerk op kalkbasis. Erg mooi, maar behoorlijk arbeidsintensief om aan te brengen. Wat komt er allemaal bij kijken voordat het goed en wel op de muur zit? Tadelakt in elf stappen.
1. Bepaal de ondergrond
Bepaal de ondergrond. Tadelakt kun je zowel binnen als buiten toepassen. Vroeger werd het in Marokko gebruikt om de muren van badhuizen waterafstotend te maken. Het woord tadelakt is dan ook Marokkaans, en betekent inwrijven. Vandaag de dag wordt het veel toegepast in badkamers. Tadelakt breng je aan op een grove ondergrond. Denk daarbij aan metselwerk, beton of pleisterwerk. Minder geschikt zijn gips (te buigbaar) en tegels (nemen geen water op). Kies altijd een ondergrond die niet kan krimpen of uitzetten. Anders krijg je vrijwel zeker scheuren in het stucwerk. En ten slotte mag de ondergrond niet continu vochtig zijn, zoals in kelders het geval kan zijn.
2. Zelf doen?
Het aanbrengen van tadelakt is erg arbeidsintensief. De techniek op zich is goed te leren (bijvoorbeeld via een workshop), maar daarnaast moet je ook gevoel voor het materiaal hebben. Er zijn namelijk veel factoren die het resultaat kunnen beïnvloeden. Je kunt tadelakt natuurlijk ook láten aanbrengen. In de winkels waar het wordt verkocht, kunnen ze meestal wel een vakman aanraden. Tadelakt is wel een kostbare stucvorm. Reken voor een vierkante meter op een bedrag tussen de € 160,- en € 280,-, afhankelijk van hoe glad en recht de ondergrond is. Hoe meer lastige stukken met hoekjes en bochtjes, hoe duurder!
3. Kies de kleur
Tadelakt is een kalk die met water wordt aangemaakt en aan de lucht verhardt. Je kunt er pigmenten aan toevoegen om verschillende kleuren te krijgen. Omdat tadelakt een natuurlijk materiaal is, kunnen er kleurverschillen ontstaan. Zorg er daarom voor dat je altijd emmers uit één kleurbad hebt. Lukt dat niet, meng dan de verschillende emmers, zodat je geen kleurverschil krijgt.
Let op: blauw pigment is gevoelig voor zonlicht en UV-straling. Het is dus beter om deze kleur niet te gebruiken op plaatsen waar de zon op staat.
4. Meng water en poeder
Tadelakt wordt verkocht in poedervorm en moet worden gemengd met water. Je kunt er dan direct mee aan de slag, maar het is beter om het mengsel 72 uur te laten staan. Het wordt dan smeerbaarder en is dus gemakkelijker te verwerken.
5. Optimale omstandigheden
De temperatuur van de te behandelen oppervlak en die van de ruimte eromheen mogen niet lager zijn dan 5°C. Sluit ramen en deuren en zorg dat er geen warmtebron (zon, verwarming of grote lamp) in de ruimte staat.
6. Breng het mengsel aan
Bevochtig de ondergrond met water, met een plantenspuit, kwast of spons. De tadelaktlaag mag vier tot vijf millimeter dik zijn. Wacht met de volgende handeling tot de tadelakt iets is gesteven, maar de bovenste millimeter nog bewerkbaar is. Begin niet met te grote oppervlaktes, per dag doe je ongeveer vier vierkante meter.
7. Rechttrekken & gladstrijken
Maak het oppervlak recht en spaan de muur glad. Hiervoor gebruik je respectievelijk een houten schuurbord en een plastic spaan.
8. Effecten?
Met een steen kun je een heel mooi marmereffect bereiken. Ook kun je met een mesje een motief uitsnijden met een diepte van circa 0,2 millimeter.
9. Breng zeepwater aan
Afhankelijk van de droogsnelheid van het behandelde oppervlak moet tadelakt nu zo’n zes tot vierentwintig uur drogen. Vervolgens breng je met een kwast een mengsel aan van zeep en water. Zorg ervoor dat er voldoende zeepwater op de muur zit om er straks soepel overheen te kunnen glijden met de polijststeen. Eventuele druppels boen je weg met een zachte doek. Laat nooit zeepwater opdrogen op het oppervlak, boen de tadelakt altijd tot deze droog is.
10. Polijsten
Polijst de muur met een speciaal geprepareerde steen. Voor de steen zelf geldt: hoe harder, hoe beter. Maak ronde bewegingen en polijst niet langer dan twee minuten op één plek. Het zeepwater trekt nu in de tadelakt, die daardoor waterdicht wordt. Badkamers en andere natte ruimtes dienen vijf keer achter elkaar op deze manier te worden behandeld.
11. Nog één keer poetsen
Na zes weken breng je voor de laatste keer zeepwater aan, wrijf dit in met een zachte doek. Voor een hoogglanseffect kun je ook een plastic fruitzakje van de supermarkt gebruiken. Maak hier een propje van en gebruik dit als ‘poetsdoek’. Na ongeveer zes maanden is de tadelakt helemaal uitgehard.
Workshops
Tadelakt workshops worden onder meer aangeboden door Leembouw Nederland, Amsterdam T 020 6892515. www.hironatuurlijkwonen.nl en www.tierrafino.nl
Behang
Natuurlijk is het handig om te weten hoe je moet behangen, maar het doe-het-zelven begint in feite al bij het kiezen van behang. Centraal staat deze keer niet hoe, maar wat. Met nieuwe behangsoorten, bijzondere materialen en verrassende stylingtips.
In den beginne
Het bekleden van de muur doet men in Europa pas sinds de Middeleeuwen: eerst met wandtapijten, later met goudleerbehang en sinds de 18e eeuw met papieren behang. Het eerste papieren behang was alleen iets voor de allerrijksten. Pas toen de papierprijs aan het einde van de 19e eeuw daalde, werd behang voor iedereen betaalbaar. In die tijd gebruikte men behang om ongedierte uit de bedstee te weren en na de winter de kamer (die zwart was geworden van het roet uit de schouw) op te frissen.
(Bron: stichting volkscultuur)
Het duurste behang ooit…
…telt 32 panelen, is ruim 15 meter breed en kost ruim € 25.000,-. De naam van dit in 1852 met de hand beschilderde behang is La Guerre de l’Independence Americaine van het Franse bedrijf Zuber.
Behangsels
Papier al lang niet meer het enige materiaal waarvan behang wordt gemaakt.
• Vinyl is sterk en goed afwasbaar.
• Glasweefsel heeft een natuurlijke charme, maar kan niet naadloos worden geplakt en is niet afwasbaar.
• Tekko is wandbekleding met een metaallegering en heeft een zeer luxe uitstraling.
• Peau de pêche is wandbekleding met een fluweelzachte toplaag.
• Schuimvinyl is wandbekleding van volledig vinyl en is daardoor geschikt voor natte ruimtes en caravans.
• Wandbekleding met patronen van velours heeft een klassiek karakter.
• Linnendraden op het behang zorgen voor een warme uitstraling.
• Wandbekleding met een toplaag van natuurlijke materialen, zoals grasweefsel, bamboe en houtfineer.
• Anaglypta is reliëfbehang met een toplaag van papier of vinyl.
• Lincrusta is reliëfbehang met randen van harde kunststof en is zeer duurzaam.
Smartpaper
Smartpaper is letterlijk slim (behang)papier. Het is gemaakt van een sterk non-woven vlies, waardoor behangen een fluitje van een cent is geworden. De voordelen op een rijtje:
• Je brengt de lijm met een roller aan op de wand. Voordeel: je hebt geen plaktafel nodig
• Het behang wordt rechtstreeks op de wand aangebracht. Voordeel: je kunt schoon werken en het is nog mogelijk om te corrigeren en glad te strijken.
• De lijm hoeft niet in te weken. Voordeel: tijdwinst.
• Smartpaper is droog. Voordeel: gemakkelijker en nauwkeuriger op maat te snijden dan ingeweekt papier.
• Het behang is stevig. Voordeel: jaren later is het met de hand van de muur te trekken.
• De ondergrond blijft droog en onbeschadigd. Voordeel: makkelijk, snel en schoon een nieuw smartpaper aanbrengen.
Levensecht
Een goede Trompe l’oeil spat bijna letterlijk van de muur door de dieptewerking in het dessin van het behang. Waren de ouderwetse Trompe l’oeils voornamelijk landschappen en vergezichten, bij het Duitse bedrijf Single Tapete kun je een foto inleveren van je hond, vriend(in) of die mooie maar onbetaalbare stoel. Single Tapete maakt er een levensechte en moderne trompe l’oeil van en het is echt waar: het lijkt alsof het onderwerp van de foto midden in je woonkamer staat. Meer info: www.single-tapete.de.
Als een magneet…
…trekt dit nieuwe behang alles aan wat magnetisch is. Het ziet eruit als normaal behang, maar een bepaalde afwerklaag zorgt ervoor dat het behang zich gedraagt als metaal. Het in Londen gevestigde Pepper-mint is het eerste bedrijf dat het magnetische behang verkoopt, maar er zullen er ongetwijfeld meer volgen. Meer info: www.magscapes.com.
Voor buiten
Wonen verplaatst zich steeds meer naar buiten. Na buitenmeubels en buitenkeukens is er nu ook buitenbehang. d. garden collection heeft bijvoorbeeld leuke banners en zelfklevende muurstickers om terras, balkon en patio’s mee op te sieren. Er zijn verschillende dessins in de categorieën country, stripes, grasses, nature en geometrics. Meer info: www.dgardencollection.com.
Stylingideeën
• Hangen er planken aan de muur? Behang ze mee, zo wordt het een geheel.
• Creëer je eigen unieke behang door drie of vier soorten behang met verschillende prints te gebruiken. Het is handig als ze uit een collectie komen waarin de kleuren op elkaar aansluiten.
• Heb je een muur/wand behangen met behang met een motief of figuur? Maak een ‘diapositief’ op een andere muur door de figuren uit te knippen en los op een effen muur te plakken.
• Behang een los paneel aan twee zijden. Je kunt het verplaatsen en van tijd tot tijd wisselen zonder wandjes te beschadigen.
• Denk buiten de kaders, denk eens aan de binnenzijde van een kast, een schoorsteenmantel of een tafelblad (beschermen met krasvaste bootlak of parketlak).
• Je kunt een smalle ruimte ‘breed trekken’ door behang met horizontale strepen te gebruiken. Met verticale strepen kun je een ruimte hoger doen lijken.
• Hang een stuk mooi behang op aan klemmen en je hebt een prachtige banier.
Kurken vloer
![]() |
Eigenschappen
|
| Kleur en onderhoud Kurkvloeren zijn verkrijgbaar in verschillende tinten. In allerlei soorten bruin, maar ook in pasteltinten en knalkleuren. Tegenwoordig zijn er speciale druktechnieken waarmee bijvoorbeeld ook steenmotieven op de tegels kunnen worden gedrukt. Voor het dagelijks onderhoud is stofzuigen en af en toe een vochtige dweil voldoende. Gebruik nooit soda, bleek of ammonia, maar speciale schoonmaakmiddelen die je vloer extra bescherming bieden. |
![]() |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Laminaat
Laminaat is bijna niet van echt hout te onderscheiden en heeft zo z’n voordelen. Het is gemakkelijk te leggen, goed schoon te houden en stukken voordeliger dan echt hout. Laminaat is opgebouwd uit meerdere lagen die onder hoge druk zijn samengeperst. Bovenop ligt de slijtlaag van doorzichtig kunsthars, daaronder een laag met een natuurgetrouw op papier gedrukt dessin. Daaronder weer de dragende laag die voor de stevigheid zorgt. Deze is gemaakt van spaanplaat, vezelplaat of hout. De kwaliteit van laminaat wordt bepaald door de toplaag en de kwaliteit van de drager. Over het algemeen is die iets minder sterk dan die van vinyl of linoleum.
![]() |
Zelf leggen Laminaat is dankzij een handig kliksysteem makkelijk te leggen. De planken worden niet vastgelijmd maar zwevend gelegd. Vloerdelen zijn te koop als tegels of stroken van zo’n 19 cm breed en meestal 1,2 meter lang. De zijkanten komen met messing en groef aan elkaar vast te liggen en moeten over de volle lengte worden verlijmd omdat laminaat niet goed tegen vocht kan. Voor vochtige ruimtes is er laminaat met een aqua-protectlaag. |
| Ondergrond Laminaat kan op een vlakke, niet verende ondergrond worden gelegd. Soms moet een betonnen vloer met een egalisatiemiddel worden behandeld. Verder is een dampdichte folie nodig om schade door opstijgend vocht te voorkomen. Wees voorzichtig met het leggen van laminaat op een oude houten vloer die aan de onderkant van warmte-isolatie is voorzien. Het hout kan dan namelijk gaan rotten. |
![]() |
![]() |
Tips • Houd een centimeter ruimte over tussen muur en laminaat. • Werk de ruimte af met deklatten in dezelfde kleur als de vloer of in een accentkleur. • Tik de delen met een klosje en rubber hamer aan elkaar vast. • Verwijder lijmresten direct met een vochtige doek. • Houd voor een optimale geluidsdemping de deklatten met een laagje kit vrij van de laminaatdelen. |
| Onderhoud Laminaat is gemakkelijk schoon te houden. Gebruik geen vloeibare schuurmiddelen en haal zand meteen weg. Er zijn speciale schoonmaakmiddelen voor laminaat te koop die streepvorming tegengaan. Ook zijn er onderhoudsmiddelen die kleine krasjes verdoezelen en een beschermend laagje op de vloer achterlaten. |
![]() |
![]() |
Voor- en nadelen • Laminaat is gevoelig voor (veel) vocht. • Laminaat kan niet opnieuw worden geschuurd en gelakt. • Laminaat kan ook worden toegepast met vloerverwarming (als bijverwarming). • In laminaat kan huisstofmijt zich niet verbergen. • Laminaat is gemakkelijk zelf te leggen. |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Linoleum
In ziekenhuizen, scholen en kantoren ligt al heel lang linoleum op de vloer en ook in woonhuizen kom je het steeds vaker tegen. Geen wonder, want linoleum is slijtvast, makkelijk in onderhoud en (op de badkamer na) voor bijna alle ruimtes geschikt. Bovendien is het materiaal nog milieuvriendelijk ook.
![]() |
Kleur Linoleum is in veel kleuren verkrijgbaar. Houd wel rekening met de ‘droogkamerfilm’: een gele waas over het linoleum, die soms ontstaat bij het drogen. In het daglicht verdwijnt zo’n waas snel. Het is dus verstandig om een stukje linoleum mee naar huis te nemen en dit minstens een dag te laten liggen voordat je een definitieve keuze maakt. |
|
Eigenschappen Linoleum is verkrijgbaar als tegel of als rol van twee meter breed. Sommige soorten worden tegenwoordig ook als paneel van 124 x 24 geleverd en er zijn linoleumfabrikanten die de mogelijkheid bieden een eigen ontwerp te maken. Linoleum neemt de omgevingstemperatuur aan en voelt dus warm aan. Beschadigingen vallen nauwelijks op. Het kan gemakkelijk worden schoongemaakt, maar meeverhuizen is niet mogelijk. |
![]() |
Natuursteen
Omdat natuursteen wordt gewonnen uit gebergten en kloven is elke tegel uniek. De steensoorten die voor vloeren kunnen worden gebruikt zijn: marmer, travertin, kwarts, lei en graniet. Natuursteen wordt in blokken gewonnen, die later tot platen en tegels worden verzaagd.
![]() |
Eigenschappen Het oppervlakte van natuurstenen vloeren kan gezoet, gepolijst, geschuurd, gestraald, antiek gemaakt, gebouchardeerd, gevlamd en gespleten zijn. De keuze voor een vloer wordt bepaald door de eisen die aan de hardheid worden gesteld. Een hoogglans gepolijste steen is bijvoorbeeld vrij kwetsbaar en vraagt veel onderhoud, terwijl een mat bewerkte steen gemakkelijker te herstellen is en daarom langer mee gaat. Natuurstenen tegels nemen langzaam warmte op, maar daar staat tegenover dat ze de warmte langer vasthouden. Hierdoor zijn de meeste natuurstenen vloeren geschikt voor vloerverwarming. |
| Onderhoud Natuurstenen vloeren krijgen direct na het leggen een onderhoudsbeurt die bedoeld is om de ‘cementsluier’ die na het leggen en voegen achterblijft weg te werken. Vraag een vakman altijd een (schriftelijk) onderhoudsadvies. De vloer moet vervolgens van tijd tot tijd worden bijgehouden. |
![]() |
![]() |
Graniet De laatste jaren is de prijs van graniet behoorlijk gedaald en momenteel is het materiaal in verschillende kleuren te koop. Graniet heeft een korrelig uiterlijk, maar is bijzonder duurzaam. Het materiaal wordt vaak gepolijst/gezoet om de kleur goed tot zijn recht te laten komen, maar is ook dof (geschuurd) of ruw (gestraald, gebouchardeerd, gevlamd) verkrijgbaar. Drukbelopen stukken behouden bij graniet hun glans. |
| Leisteen en kwartsiet Deze steensoorten zijn uit lagen opgebouwd, waardoor ze er wat mat en onregelmatig uitzien. Het materiaal is oersterk en houdt lang warmte vast. Kwartsiet is zelfs slijtvaster dan betontegels. Beide materialen zijn geschikt voor natte ruimtes zoals de badkamer. Noors leisteen is bestand tegen vorst, en kan daarom prima buiten worden gelegd. |
![]() |
![]() |
Marmer Marmertegels zijn ongeveer 1,5 cm dik en meestal geslepen, gepolijst of op een andere manier bewerkt. Je kunt marmer ook laten zandstralen, waardoor het materiaal ouder lijkt. Van nature is marmer wat poreus. Zorg daarom in een waterdichte ruimte voor een goede ondergrond. Dat kan bijvoorbeeld met een waterdichte stuc- of primerlaag. Marmervloeren zijn in verschillende kleuren verkrijgbaar. Terrazzo en granito |
| Travertin Travertin komt uit Italië en is ongeveer even duur als het goedkoopste marmer. De gaatjes in de steen worden dichtgemaakt met een mengsel van cementpoeder en travertin-zaagsel, waarna tegels worden geslepen of gepolijst. Travertin kan niet goed worden gecombineerd met vloerverwarming. Verder is de steen nogal poreus, waardoor hij minder geschikt is voor natte of drukbelopen ruimtes. Romaans travertin is harder, Toscaans travertin zachter en goedkoper. |
![]() |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Werkkamer
Door de verbeterde technologie en de files die steeds langer worden, gaan steeds meer mensen thuiswerken. Een goede werkkamer is dan onontbeerlijk. De werkplek moet niet alleen voorzien zijn van de benodigde apparatuur als computer en fax, maar ook een fijne woonsfeer uitstralen. Hier vind je praktische én sfeervolle tips voor je werkkamer.
![]() |
Bezuinigen De perfecte situatie is natuurlijk om een mooie aparte ruimte in te richten als werkplek. Maar je kunt natuurlijk ook een deel van de kamer afschermen door bijvoorbeeld (boeken-) kasten. Het is een vergissing om te ‘bezuinigen’ op de kamer waar juist het uiterste van je concentratie en inspiratie wordt gevraagd. Zorg dus voor voldoende daglicht, duurzame meubels en plek om techniek neer te zetten. |
![]() |
Ergonomisch verantwoord Veel klachten aan nek, rug en RSI kunnen voorkomen worden door te zorgen voor een ergonomisch verantwoorde werkplek. Aan een goede bureaustoel heb je niets wanneer de stoel niet op de juiste hoogte staat afgesteld. Wanneer je in je bureaustoel zit, moet je onderbeen ten opzichte van je bovenbeen een hoek van negentig graden maken. Houd je hoofd zoveel mogelijk rechtop tijdens het werken en laat de armen vrij afhangen langs de schouders. De onderarm moet worden ondersteund door de armleuning van je stoel of door de tafel. Houd de handen zoveel mogelijk horizontaal in het verlengde van de onderarm, zorg dat je een rechte rug hebt en de rug ondersteund wordt door de stoel. Plaats tenslotte je voeten plat op de grond. Voor meer informatie over een juiste werkhouding kijk je op ergonomienet.nl. |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Creatieve oplossingen
Heb je geen duidelijke kamer over, bedenk dan dat een omgebouwde garage, de zolder of zelfs de overloop prima als werkplek kan functioneren. Zelfs de slaapkamer kan, dankzij een scheidingswand, een multifunctionele functie krijgen. Ben je genoodzaakt met meer mensen in één ruimte te werken, dan zijn twee aan elkaar geschoven tafels overdekt met linnen een creatieve oplossing. Ieder z’n eigen plek aan één immens groot bureau.
![]() |
Opruimtips Gooi overbodige rommel weg, een georganiseerd bureau werkt veel prettiger. Geef de dingen die je echt nodig hebt een eigen plek. Berg ze op in laatjes, vakken of bakken, op zo’n manier dat je alles ook weer terug kunt vinden. Omdat het ook handig kan zijn om dingen die je vaak nodig hebt direct bij de hand te hebben, zijn er legio aantrekkelijke alternatieven voor het prikbord. Zo kun je enkele haken of knoppen in een symmetrisch patroon aan de muur hangen, voor notities of sleutels. Een trolleykastje op wielen houdt spullen bij de hand en is makkelijk te verplaatsen. |
| Kasten Om gestructureerd te kunnen werken moet een werkkamer zo opgeruimd mogelijk zijn. Kasten bieden de meeste opbergruimte, vooral die met veel verschillende soorten bergruimten. Zo kun je bijna alles op een goede manier opbergen. Lange, lage kasten hebben dezelfde opruimcapaciteit als hoge staande kasten, maar maken uw werkruimte veel leuker. Bovenop bieden ze ruimte voor accessoires, foto’s en tijdschriften. In een lage kast kun je verschillende functies combineren door laden af te wisselen met planken en deurtjes.Erg veel spullen? Kastenwanden met deuren zijn dan ideaal. Een originele manier van opbergen zijn smalle kasten, die nog het meeste weg hebben van een lambrisering. In werkelijkheid zijn het wandkasten, die deurtjes hebben met een magneetsluiting. Ook de ruimte onder een schuin dak kan uitstekend dienen als kastruimte. |
![]() |
![]() |
Stoelen Wanneer je wonen en werken combineert, wil je je werkmeubels geen afbreuk laten doen aan je woonstijl. De typische bureaustoel doet het dan over het algemeen ook niet zo goed, maar wat zijn de alternatieven? Bij een klassieke werkkamer passen antieke meubels uitstekend. Kies bij een houten tafel een bijpassende stoel, let er echter wel op dat deze in hoogte verstelbaar is, zodat je ergonomische verantwoord aan je bureau zit. Maak je niet veel uren achter je werktafel, overweeg dan een krukje, dat wanneer er niet gewerkt wordt weggeschoven kan worden. Het is prettiger om met het gezicht naar de kamer toe aan je tafel te werken. Mocht je toch genoodzaakt zijn om je tafel in de lengte tegen de muur te plaatsen, zet de stoelen dan aan de korte kant, zodat je niet met je gezicht naar de muur zit. |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Praktische tips
Werk en woon je in één ruimte, breng dan een scheiding aan tussen de werk- en woonplek met behulp van een stellage, open kast, planten of vazen. Dozen van hout, riet of karton houden rommel uit het zicht en staan geordend in de kast of op de grond.
Kies, als je de ruimte hebt, voor een groot bureau met veel bergruimte. Dit houdt de werkkamer zo opgeruimd mogelijk. Bij voorkeur zet je het bureau vrij in de kamer, zodat je de kamer inkijkt. Is daar geen ruimte voor en is de enige optie de tafel met de lange kant tegen de muur, kies er dan voor de stoelen aan de korte kant te plaatsen. Zo voorkom je dat je met je gezicht naar de muur zit en met je rug naar de kamer. Geen plek voor een flink bureau in je werkruimte? Denk dan aan een klaptafel of aan een uitschuifbaar blad. Houd spullen die je vaak gebruikt en die jou inspireren dicht bij de hand; zet ze in een decoratieve mand, lade of bak op je tafel.
![]() |
Geladen tips Voorkom dat je struikelt over losliggende snoeren, werk daarom elektriciteitssnoeren weg in bijvoorbeeld de kruipruimte of in een holle plint. Ga je naar een nieuw huis, dan kun je tijdig aangeven waar je de extra aansluitpunten voor elektriciteit wilt hebben: een aansluiting uit het plafond is zelfs mogelijk. Tip: zorg ervoor dat computer en toebehoren op een aparte stroomgroep zijn aangesloten. Zo belast je kantoorapparatuur niet de stroomgroep van de huishoudelijke apparaten. |
![]() |
Minimale plek? Moet je het met erg weinig vierkante meters doen? Werk je werkplek dan weg in een kast: als de kastdeuren dicht zijn, zie je niets van je werkattributen, zelfs de kruk verdwijnt in de werkkast. Een sidetable of een aan de muur bevestigde dikke plank kan ook prima dienen als werkplek en ook een wat grotere, antieke tafel doet het uitstekend als bureau: de tafel doet het goed in de ruimte en heeft totaal geen zakelijke uitstraling. En natuurlijk de multifunctionele tafel, waaraan gewerkt, gegeten en gelezen kan worden door het hele gezin. Tip: Meubels op wieltjes zijn een absolute uitkomst voor iemand die flexibel wil wonen. |
![]() |
Ontspanning en inspiratie Het grote voordeel van thuiswerken: je kunt je eigen tijd indelen. Is je hoofd even helemaal leeg, ga dan als de zon schijnt even languit liggen in een luie stoel in de tuin of bel een goede vriend of vriendin. Vaak komen de écht goede ideeën immers wanneer je ontspannen achterover leunt. Wanneer je er plek voor hebt, zorg dan ook voor een heerlijke chaise longue, luie stoel of bank in de werkkamer. Dankzij draadloos internet kun je, zodra je weer opgeladen bent, vanuit je luie stoel direct verder werken. Omring je werkplek met attributen die je de meeste inspiratie geven, dit kan een schilderij zijn maar ook een dierbaar voorwerp. |
Meer wooninformatie?
Ga naar de vtwonen Brochureservice
Wonen met kinderen

De sleutel tot een kindvriendelijk interieur is ervoor te zorgen dat alles, zelfs de vloerkleden, in de was kan en dat alles af te nemen is. Gebruik voor muur en houtwerk verf die met een vochtige doek kan worden schoongeveegd.
Op de slaapkamers van de kinderen na hoef je in de woonvertrekken geen stapels speelgoed te bewaren. Je hebt goede opbergplekken nodig voor al het speelgoed. Aan het einde van de dag ruim je samen alles op en is het uit het zicht. Gebruik plastic dozen die je in een hoek kunt opstapelen of een ladekast. Handig voor speelgoed, spelletjes en dvd’s. Een andere optie is de hoeveelheid speelgoed die je kinderen hebben, te beperken.
Kies je kleur
Als je niet heel veel gevoel hebt voor kleur, dan kun je het beste naar een verfwinkel gaan en je keus maken uit een beperkte stalenkaart. Koop een proefpotje van de kleur die je het mooist vindt en verf hiermee een stuk papier van 50 bij 50 cm. Kijk hoe de kleur het doet in huis, op verschillende momenten van de dag en bij kunstlicht.
Kamers op het noorden zijn donkerder en hebben warme kleuren nodig, zoals zachtgeel.
Kamers op het zuiden hebben soms harde schaduwen en kunnen verblindend zijn. Koele kleuren als blauw en groen zijn daar dus meer geschikt.
Kamers op het oosten zijn ’s morgens warmer met gelig licht van de zonsopkomst en koelen af naarmate de dag vordert.
Kamers op het westen voelen ’s morgens juist kouder aan en warmen ’s middags op. Muren waar het licht op valt, lijken lichter dan muren rond ramen, die altijd donkerder lijken.
Nieuwe bank kopen
Een nieuwe bank is een behoorlijke aanschaf. Niet alleen wat betreft de prijs, maar dit meubelstuk is ook enorm bepalend voor de sfeer in de huiskamer. Kies je voor een designbank die prachtig staat naast die exclusieve lamp, of ga je voor de bank die enorm comfortabel zit. Een kwestie van smaak. Toch zijn er een aantal algemene tips voor het aanschaffen van de sofa.
![]() |
Te groot Wanneer je in de winkel loopt langs tientallen verschillende banken lijken ze kleiner dan wanneer je ze in je eigen huiskamer plaatst. Op deze manier zijn er al aardig wat te grote exemplaren aangeschaft. Meet de bank zorgvuldig op in de winkel en boots deze vorm na in de huiskamer. Bijvoorbeeld door de grond te beleggen met tijdschriften of kranten, of door er een aantal stoelen ter grote van de bank neer te zetten. Zo krijg je een aardig idee van de bank en kun je beter inschatten of hij eventueel te groot is. Voor een grote ruimte is het van belang een grote bank aan te schaffen, anders verzuipt het exemplaar in de huiskamer, twee grote banken is aan te raden, of een grote bank met twee loveseats. Vlekken |
![]() |
Comfort Bij het kiezen van een bank is belangrijk te bepalen waarvoor je hem wilt gebruiken. Is het een actieve zitbank? Bekijk dan de banken met een kort zitgedeelte. Meer op zoek naar een relaxbank? Laat dan je oog vallen op een wat diepere bank met zachte kussen. Wil je er ook op liggen, dan is de lengte van de bank belangrijk en is een hoekbank ook een goede optie. Een uitgesproken relaxbank kun je actiever maken door er grote kussens op te leggen, hierdoor kun je rechter op zitten. Handig voor als er visite is. Kleur |
Serre
Meer daglicht in huis én warmte, extra leefruimte… Een serre kan een aanwinst zijn voor je woning. Wat moet je weten om optimaal plezier te hebben van deze investering? Tien wetenswaardigheden voor het succesvol (laten) plaatsen van serres.
1. Aan elk huis past een serre
Bij het ene huis moeten er meer bouwkundige ingrepen te pas komen dan bij het andere, maar niets is onmogelijk bij het plaatsen van een serre. Je kunt er zelfs een laten plaatsen op een woonboot!
2. Korte serre? Geen Bouwvergunning!
Voor serres tot 2,5 meter lang heb je geen bouwvergunning nodig. Tenminste, als je hem aan de achterzijde van het huis plaatst. Wel moet de serre voldoen aan een aantal wettelijke eisen dat tegenwoordig in elke Nederlandse gemeente geldt. Alles hierover vind je op de site www.vrom.nl. Twijfel je of je wel of niet een vergunning moet aanvragen? Doe dan de online check. Ook een aanvraagformulier voor de vergunning is op deze website te downloaden.
3. Bekijk een serre eerst live
Voor iemand zonder ervaring is het vaak lastig om zich een voorstelling te maken van de gewenste afmetingen. Door het glas oogt een serre vaak groter dan een reguliere aanbouw. Hierdoor denken veel mensen groter dan nodig. Als je daadwerkelijk in een serre staat, krijg je een betere indruk van de ruimte dan de afmetingen op papier.
Tip: neem als je gaat kijken een foto mee van je huis en de plek waar je de serre wilt hebben. De serrebouwer of -leverancier krijgt dan direct een indruk van de bouwkundige werkzaamheden. Aan de hand hiervan wil hij wellicht eerst je huis bezoeken voor een goede inschatting van de situatie en de kosten.
4. Kies een serre in de stijl van je huis
Gelukkig kan er op het gebied van vormgeving en materialen erg veel, tegenwoordig. Er zijn serres van aluminium, hout, staal of combinaties daarvan. Ook het dak van de serre kan worden aangepast aan de stijl van het huis: met dakpannen of een elektrisch schuifdak, waarmee je in het prille voorjaar en het late najaar heerlijk uit de wind van de zon kunt genieten.
5. De funderingen moeten hetzelfde zijn
De fundering van de serre moet hetzelfde zijn als de fundering van de woning. Een serre is min of meer te vergelijken met een uitbouw. Het gaat hierbij om een zware constructie die goed stevig moet staan, anders gaat deze later verzakken. Is je huis geheid, dan dient dat voor de serre dus ook te gebeuren.
6. Voor een serre is speciaal glas nodig
Om ongelukken te voorkomen dient een serre te zijn voorzien van speciaal veiligheidsglas. Komt de aanbouw op een plek waar je veel zon hebt, dan is het aan te raden om zonwerend glas te gebruiken. Een beetje extra warmte is ’s winters misschien lekker, ’s zomers zit je daar niet op te wachten! Op een plek met weinig zon voldoet helder glas uitstekend.
7. Spaar kosten met warmtewerend glas
Warmtewerend glas in de serre helpt je woning koel te houden als het buiten warm is, en andersom. Op die manier kun je aardig wat besparen op je energiekosten, zeker als je kiest voor hoogrendementsglas (HR++). Je huis kan er zelfs een groener energielabel door krijgen, waardoor het in waarde stijgt.
8. Belangrijk: goede ventilatie!
Als de zon op het glas schijnt, kan de temperatuur in de serre flink oplopen. Het kan er dan ook behoorlijk benauwd worden. Een dakvenster in combinatie met ventilatieroosters is dan ook een must.
9. Een serreleverancier is géén serrebouwer
Nederland kent slechts enkele serrebouwers, en heel veel serreleveranciers. Het verschil zit hem in het feit dat een leverancier in principe alleen de serre levert. Het bouwkundige werk moet je dus zelf (laten) doen. Een serrebouwer kan een serre voor je ontwerpen en bouwen, die helemaal aan jouw persoonlijke wensen voldoet. Bovendien neemt hij ook het bouwkundige gedeelte voor zijn rekening.
10. De bouw wordt vaak onderschat
Sommige mensen onderschatten de bouwkundige werkzaamheden die bij de plaatsing van een serre komen kijken. Het is een complete verbouwing van je huis waarbij een muur wordt doorgebroken, moet worden gestut, een vloer wordt gestort en meer van dit soort ingrijpende werkzaamheden. Wil je lang en zorgeloos plezier hebben van je serre, dan is het aan te raden deze door vakmensen te laten uitvoeren.
Meer weten over serres?
• Kijk op www.allesover-tuinen.nl, met informatie over tuinen, serres en zwembaden.
• Serres en veranda’s, tijdschrift met praktische informatie.
• De serre, magazine van Serbo Serres (zie ook www.serbo.nl)
- Disclaimer |
- Copyright |
- Contact |
- Colofon |
- Adverteren |
- Algemene voorwaarden |
- Privacy |
- Service













































































































